De Vlaamse schrijver Joseph Pearce brengt in zijn jongste boek twee Europa's uit de twintigste eeuw samen aan de hand van het levensverhaal van zijn twee grootvaders: de ene een Duitse jood in het Silezische Breslau die eind jaren dertig naar Palestina vluchtte om aan de nazi-vervolging te ontsnappen, de andere een Vilvoordse katholiek die lid was van het Vlaams-nationalistische VNV, dat tijdens de Tweede Wereldoorlog collaboreerde met de Duitse bezetter.
...

De Vlaamse schrijver Joseph Pearce brengt in zijn jongste boek twee Europa's uit de twintigste eeuw samen aan de hand van het levensverhaal van zijn twee grootvaders: de ene een Duitse jood in het Silezische Breslau die eind jaren dertig naar Palestina vluchtte om aan de nazi-vervolging te ontsnappen, de andere een Vilvoordse katholiek die lid was van het Vlaams-nationalistische VNV, dat tijdens de Tweede Wereldoorlog collaboreerde met de Duitse bezetter. Het meest tot verbeelding sprekende personage in het boek is ongetwijfeld Felix Peritz (1888-1948), Pearce' grootvader aan vaderskant, afkomstig uit een joodse familie. Als overtuigde Duitse patriot was hij tijdens de Eerste Wereldoorlog actief aan het front in Noord-Frankrijk, bij de medische dienst. Na de oorlog maakten de zware herstelbetalingen die Duitsland opgelegd kreeg, hem kwaad. Hij was getuige van het toenemende antisemitisme, maar maakte zich als oud-strijder geen zorgen. Toch moest hij eind jaren dertig met zijn echtgenote naar Palestina vluchten. Een deel van de familie kon niet tijdig uit de nazival ontsnappen en kwam om tijdens de Holocaust. Pearce brengt het verhaal van zijn grootvader als ging het om een romanfiguur. Dat maakt van het boek bijna een historische avonturenroman. Hetzelfde geldt voor de portrettering van zijn vader, Werner Peritz. Hij kwam voor de Tweede Wereldoorlog in Engeland terecht, en sloot zich onder de naam Vernon Pearce aan bij het Britse leger. Na de bevrijding kwam hij in Vilvoorde terecht, waar hij Rosa Vandenbrande leerde kennen, de dochter van een groothandelaar in "koloniale waren". Het leven van de familie Vandenbrande is minder romanesk, maar Joseph Pearce maakt van hun verhaal een soort van spiegel van de Belgische geschiedenis van de twintigste eeuw: de Vlaamse ontvoogding, de moeilijke oorlogsjaren waarna elke Vlaamsgezinde verdacht was enzovoort. Hij besteedt ook veel aandacht aan de dagelijkse gebruiken in het Vlaanderen van bijna een eeuw geleden. De woelige twintigste eeuw ontwrichtte de families deels, maar vanaf de jaren vijftig kwam - na het overlijden van beide grootvaders - alles goed met Vernon Pearce. Hij werd opgenomen in de familie Vandenbrande en werkte mee aan de uitbreiding van een groothandelszaak. Eén minpuntje aan het boek: een paar bladzijden met een stamboom waren welkom geweest.