Op zondag pistolets en vers brood halen bij de bakker voor alles bij elkaar weinig geld: het is de normaalste zaak van de wereld. Ooit was dat anders. Een gemiddeld gezin besteedt nu 0,87 procent van zijn inkomen aan brood, goed voor 12 procent van de calorieën. Honderd jaar geleden ging 20 procent van het gezinsbudget naar brood, in 1850 zelfs een derde. Bij sterke prijsstijgingen kon dat oplopen tot 50 procent, wat rampzalig was voor een...

Op zondag pistolets en vers brood halen bij de bakker voor alles bij elkaar weinig geld: het is de normaalste zaak van de wereld. Ooit was dat anders. Een gemiddeld gezin besteedt nu 0,87 procent van zijn inkomen aan brood, goed voor 12 procent van de calorieën. Honderd jaar geleden ging 20 procent van het gezinsbudget naar brood, in 1850 zelfs een derde. Bij sterke prijsstijgingen kon dat oplopen tot 50 procent, wat rampzalig was voor een deel van de bevolking. Een prijsrevolutie aan het einde van de negentiende eeuw maakte brood betaalbaar. Emeritus historicus Peter Scholliers (VUB) beschrijft in zijn boek hoe dat gebeurde. De opkomst van brood is onlosmakelijk verbonden met de overgang van een samenleving van jagers naar een van landbouwers. In de literatuur werd brood bakken beschouwd als een uiting van beschaving. Het verankerde zich in het dagelijkse leven en werd nooit verdrongen door nieuwe voedingsproducten, zoals de aardappel. Brood bakken mag dan al duizenden jaren oud zijn, Scholliers legt in zijn boek de nadruk op de voorbije twee eeuwen en op de broodconsumptie in België. Tot de prille jaren 1870 hing de prijs af van de lokale landbouw en dure invoer, met hevige prijsschommelingen tot gevolg. Die stabiliseerden pas in het laatste kwart van de negentiende eeuw, dankzij nieuwe technologieën om goedkoper brood te produceren. De invoer van goedkoper graan en de afschaffing van de invoerbelasting versterkten die prijsrevolutie. Er kwam meer geld vrij voor meer brood, dat zo wit mogelijk moest zijn. Wit brood was in de eeuwen daarvoor het privilege van de rijken. Tot de jaren zestig bleef wit brood een symbool van de overvloedige consumptiemaatschappij. Vanaf de jaren tachtig kwam er een smaakrevolutie op gang. Consumenten vonden wit brood saai en smakeloos. Bakkers speelden daarop in, grepen terug naar ambachtelijke technieken en adverteerden met 'gezond' en 'artisanaal' brood. Bruin brood, vroeger het brood van de armen, is sindsdien weer in opmars. De overheid raadt het zelfs aan. De ontleding van die revoluties - zeker de recentste - maakt van het boek een sterk werkstuk. Scholliers toont aan hoe onze eetgewoonten veranderen zonder dat we het altijd goed beseffen.