In 1997 keert honingproducent Meli terug naar de oude stal. In Veurne verrijst een nieuwe fabriek. Export wordt het doel.
...

In 1997 keert honingproducent Meli terug naar de oude stal. In Veurne verrijst een nieuwe fabriek. Export wordt het doel.Veertig jaar nadat de honingfabriek van Meli van Adinkerke naar Brussel verhuisde, keert Meli terug naar de eigen regio. Meli wil met zijn honingproducten vanuit Veurne de Europese markt veroveren. In de buurlanden wordt binnenkort gestart met een intense marketing- en promotiecampagne. Maar ook in eigen land wil Meli het honingverbruik de hoogte instuwen. Dat moet kunnen. Hoe noordelijker men in Europa gaat, hoe hoger het honingverbruik. In de Scandinavische landen wordt jaarlijks 1 kilo honing verbruikt per persoon ; Nederlanders, Fransen én Belgen stokken op nog geen halve kilo per persoon per jaar. De honingverorberaars bij uitstek zijn de Zwitsers en de Oostenrijkers, maar vooral de Duitsers : die halen 1,2 kilogram per jaar per persoon. Het honingverhaal van Meli begint in 1955, het jaar waarin Alberic Florizoone met zijn Ambacht-honing succes oogst op de voedingssalons van Brugge en Antwerpen. Kort daarop verhuist het bedrijfje van Adinkerke naar Sint-Jans-Molenbeek. Begin september 1996 werd op het industrieterrein van Veurne de eerste steen gelegd van een nieuwe honing-afvulfabriek ; goed voor een investering van 100 miljoen frank en een 50-tal jobs. Daar verrijst volgend jaar een fabriek met een capaciteit van 6000 ton per jaar. Dat is heel wat meer dan de 2000 ton honing die Meli nu jaarlijks levert. "We willen uitgroeien tot een middelgrote Europese groep," zegt Philip Cammaert, directeur-generaal van Meli. "Tot voor kort verkochten we amper 3 % omzet op de exportmarkt. In 1995 steeg dat cijfer naar 7 % ; dit jaar mikken we op 8,5 % en eind 1997 rekenen we op 15 tot 20 %." Cammaert verheelt niet dat hij vooral in Duitsland wil doorstoten. "Als we erin slagen amper 2 % van de Duitse markt in te palmen, wordt onze productie nagenoeg verdubbeld," lacht de directeur-generaal. De Duitsers zijn dan ook 's werelds grootste honingliefhebbers : samen zijn ze jaarlijks goed voor 100.000 ton honing. De uitstap over de Belgische grenzen heen is bovendien noodzakelijk : de Belgische honingafzet bedraagt ongeveer 5000 ton per jaar. De helft van de Belgen eet nooit honing, amper 12 % eet er elke dag. Niet meteen de makkelijkste honingmarkt. PHILIP CAMMAERT (MELI) Veurne wordt uitvalsbasis voor Europese expansie.