C FE, drie jaar geleden. Bureaucratisch is een beleefde term voor de werkwijze van de dochter van La Vieille Dame (de Generale Maatschappij van België). Voor Vlaamse projecten voelen de ingenieurs van het eentalig Franse nest aan de Brusselse Hermann-Debrouxlaan zich meestal te goed. De referentieaandeelhouder, Suez, mort over de slabakkende omzet- en winstcijfers.
...

C FE, drie jaar geleden. Bureaucratisch is een beleefde term voor de werkwijze van de dochter van La Vieille Dame (de Generale Maatschappij van België). Voor Vlaamse projecten voelen de ingenieurs van het eentalig Franse nest aan de Brusselse Hermann-Debrouxlaan zich meestal te goed. De referentieaandeelhouder, Suez, mort over de slabakkende omzet- en winstcijfers. Toenmalig voorzitter van de raad van bestuur Walter Vanden Avenne weet raad. Hij verrast vriend en vijand door Dirk Boogmans los te weken bij de Investeringsmaatschappij voor Vlaanderen(GIMV). De diplomatische Limburger - ooit nog lid van het bureau van de jongsocialisten - leidde tussen 1981 en 1998 de risicokapitaalactiviteiten van de GIMV. Hij was nauw betrokken bij bijzondere projecten, zoals Telenet en de opstart van de Vlaamse Milieuholding (VMH). Drie jaar later keert Boogmans terug naar de oude stal. Onlogisch? De Hasselaar noemt zichzelf honkvast, overwoog in het verleden alleen een paar aanbiedingen om in de VS te werken, maar legde die naast zich neer. Begin juli volgt Boogmans zijn mentor Gerard Van Acker (SP) op als directeur-generaal van de GIMV. Het was Van Acker - in ongenade gevallen wegens zijn betrokkenheid bij de KS-affaire - die zijn voormalige raad van bestuur kon overtuigen voor Boogmans te kiezen. Van lompe kikker tot prinsesMaar intussen veranderde de prins, zoals het hoort in sprookjes, de lompe kikker CFE in een mooie prinses. Vanden Avenne somt op: "Hij slaagde erin het vertrouwen van de referentieaandeelhouder (toen Suez, sinds begin dit jaar Vinci) terug te winnen, het management te verjongen, de verlieslatende activiteiten in Afrika weg te snijden ( nvdr - behalve Madagaskar, maar tegen het einde van dit jaar worden daar ook de boeken gesloten) en de buitenlandse expansie verder te ontwikkelen ( nvdr - vooral Nederland, Polen en Hongarije)." Tijdens de algemene vergadering van CFE schreef ook huidig voorzitter Philippe Delaunois (ex- Cockerill Sambre) het herstel toe aan het herstructureringsbeleid van Boogmans. Op amper drie jaar tijd wist de ondervoorzitter van het Vlaams Economisch Verbond (VEV) van de duffe bouwgroep een dynamisch groeibedrijf te maken. De omzet steeg van 24,8 naar 32,6 miljard frank, het verlies van 587 miljoen werd omgebogen in bijna evenveel winst (zie cijfertabel: Het Boogmans-effect op CFE). De vertrekkende topman blijft bescheiden: "De heropleving van de bouwconjunctuur speelde in mijn voordeel. En de omzet van baggerdochter Deme - één derde van ons geconsolideerd omzetcijfer - steeg het afgelopen jaar met 15%." Maar ook de concurrenten bevestigen het nieuwe dynamisme van CFE. Dankzij een agressieve prijzenpolitiek wist de Brusselse groep de afgelopen jaren nagenoeg alle grote projecten in het Antwerpse binnen te rijven, merkt Johan Willemen van de gelijkname Mechelse bouwonderneming op: de ondertunneling van het Centraal Station, de aanleg van de HST-lijn in Luchtbal, het Deurganckdok en de renovatie van de leien. "Kwaliteit heeft de groep altijd in huis gehad, maar nu komt ze ook competitief sterk uit de hoek." Niet onbelangrijk, want 65% van de omzet van CFE wordt nog steeds bijeengeharkt in de Benelux. In België is de groep nummer twee, na Besix, dat een geconsolideerde omzet van 34 miljard frank haalt. In Nederland werd de omzet dankzij enkele goede referenties - de Piet Heintunnel en de Erasmustunnel in Rotterdam - op twee jaar tijd bijna verdubbeld tot 1,6 miljard frank. In 2001 voorziet het orderboek een omzetcijfer van 4,1 miljard frank.Onder Boogmans zette CFE de diversificatie onverdroten voort (zie grafiek: Ontwikkeling van de door de Groep CFE uitgevoerde werken). De algemene bouwactiviteiten maken nog slechts 54,9% van de omzet uit, de rest wordt bijeengewerkt in de baggersector (26,9%), milieu (9,1%), elektriciteit (6,4%) en allerhande diensten (2,7%). Voor de tak 'elektriciteit' staan twee 'telecomachtige' overnames op tafel, weet de vertrekkende topman. Ook de twee winkels van elektrogroothandel Voltis moeten er voor midden 2003 vijf tot zes broertjes bij hebben. Het werk is niet afMag de GIMV zich aan een bisnummer verwachten? Boogmans laat niet in zijn kaarten kijken. Veel, zoniet alles, hangt af van de samenwerking met voorzitter Herman Daems. De Leuvense professor draagt een zwaar CVP-etiket, en cumuleert nu alle bestuursmandaten van de GIMV. Het grootste verschil met CFE is wellicht dat hij van Van Acker een goed geoliede maatschappij erft. Toch hoeft hij de archiefdozen van een aantal CFE-dossiers niet op zolder weg te bergen. Publiek-particuliere samenwerking (PPS) bijvoorbeeld, een van de stokpaardjes waarop Boogmans van bij zijn aantreden bij CFE hamerde. De GIMV kan een rol spelen in de financiering, maar de Belgische bouwgroep moet er toegevoegde waarde kunnen creëren, vindt Boogmans, "onder meer door de ervaring die moeder Vinci al opbouwde." Wegen bouwen, ze financieren en ze vijftien of twintig jaar onderhouden, asielcentra bouwen en uitbaten, het gebouwenpark van de overheid onderhouden... Veel mogelijkheden, maar de markt evolueerde niet zo snel als de gedelegeerd bestuurder verwachtte. "We bouwen een stuk knowhow op die we niet kunnen valoriseren. De ideeën zijn er, maar het duurt langer dan gedacht om ze in realiteit om te zetten. Dat is geen verwijt naar de overheden. Beide partijen moeten er iets aan hebben. De tijd van cadeaus geven aan de privé-sector is voorbij, maar wanneer van de privé wordt verwacht dat zij meer risico's nemen, dan staat daar een premie tegenover."Boogmans geeft grif toe dat zijn werk bij CFE eigenlijk nog niet af is. Amper twee maanden geleden vertelde hij op een analistenmeeting dat de tweede fase van de herstructurering pas is ingezet. Het doet de vraag rijzen hoe duurzaam de trendbreuk is die de Limburger bij de bouwgroep heeft doorgevoerd? Zijn relatief korte aanblijven voedt de onrust. Marc Vander Eeckt van de Christelijke Centrale Hout en Bouw. "Wij horen nu allerlei geruchten die bevestigd noch ontkend worden. Over een verregaande integratie met het moederbedrijf, over Deme enzovoort. Wat blijft er over van de sociale rust van de afgelopen jaren wanneer ze hier een of andere Fransman droppen?" Ook de Vlaamse CFE-dochters, MBG en Van Wellen, vrezen een grotere invloed van hun schoonmoeder uit Parijs. Schoon schipToch heeft de kordate manier van aanpakken van Boogmans indruk gemaakt. Bij zijn aantreden maakte de rijzige Limburger dadelijk schoon schip. Door middel van completed contract-boekhouding - waarbij de minder rendabele werken onmiddellijk worden afgeschreven - nam hij forse verliezen in 1998, maar smukte hij de latere cijfers op, stellen waarnemers. Boogmans ontkent: "CFE boekt volgens de vooruitgang van de werken en neemt verwachte verliezen onmiddellijk op. Wel moesten wij in 1998 grote provisies aanleggen om onze terugtrekking uit Afrika te financieren. Deze techniek past echter in de voorzichtige filosofie die de groep altijd heeft gehanteerd." Hoewel de cijfers van CFE ontegensprekelijk zijn verbeterd, ogen ze nog steeds niet indrukwekkend. De verhouding tussen eigen vermogen en balanstotaal komt uit op 7,3%, ronduit zwak. De ratio oogde nooit gezond: 7,5% in 1996, 8,0% in 1998, 8,8% in 1999.Het balanstotaal werd in 1999 omlaag gehaald (waardoor de ratio toenam) door het afboeken van permanent uitstaande vorderingen en schulden aan een trits tijdelijke verenigingen waarin CFE participeerde. De daling van vorig jaar kwam er na een andere boekhoudkundige opsmukoperatie: de post consolidatieverschillen - en dus het eigen vermogen - werd met ruim 950 miljoen ingekrompen. "Aan de verhoging van de Deme-participatie vorig jaar kleefde een stuk goodwill. Maar in onze boeken kleefde aan het Deme-belang nog een historische badwill, die eerst moest worden afgeboekt."De rentabiliteit, gemeten op basis van de verhouding tussen cashflow (voor belastingen) en omzet, steeg gestaag van 2,4% in 1998 naar 6,8% in 2000. Maar andere bouwbedrijven hanteren 10% als minimum. "Er is beterschap, maar we zijn er nog niet," geeft Boogmans toe. "Maar het is niet omdat een aannemer 10% haalt, dat dat onze norm moet zijn. Met wie moet ik CFE benchmarken? We zijn een bouwbedrijf, maar we zitten ook in vastgoed, in elektriciteit, in de baggersector. Ik kan alleen zeggen dat 2001 minstens 2000 moet evenaren."De belegger wachtToch zijn de beleggers nog altijd niet wild van de remonte bij CFE. In die zin is Boogmans er niet in geslaagd het roer te keren. Wegens gebrek aan belangstelling - de sector is te cyclisch - volgen de grote makelaarshuizen het aandeel zelfs niet op. Ondanks de verbeterde resultaten zakte de koers van 296,23 euro eind 1997 naar 189 euro in 2000. Boogmans: "Maar dit is een gevolg van de jongste beurscrisis. De afgelopen achttien maanden stegen wij met 30%, wat heel wat beter is dan het gemiddelde van de Bel20-index." Alleen al na het recente bod van de Nederlandse baggerreus Boskalis op Ham, de baggerdochter van Hollandsche Beton Groep (HBG), veerde het aandeel van CFE op 8 mei jongstleden met 9% op tot 262,9 euro, de hoogste koers in jaren. De marktkapitalisatie van de groep steeg daardoor tot 5,5 miljard frank. Opvallend: Deme - dat voor 47,8% in handen is van CFE - werd bij de overnamepoging door Boskalis vorig jaar nog gewaardeerd op 20 miljard frank. Analist Serge Pattyn van KBC Securities: "Deze discrepantie wijst op een duidelijk gebrek aan uitstraling. Bovendien kun je de vraag stellen of de industriële referentieaandeelhouder Vinci ( nvdr - de grootste bouwgroep ter wereld - geconsolideerde omzet 597 miljard frank - heeft 45% van de aandelen in handen) CFE nog wel op de beurs wil houden. Een integratie in de eigen activiteiten lijkt me niet meer dan logisch. Kijk maar naar wat met Watco en Tractebel is gebeurd." De tijd lijkt rijp voor Vinci om haar participatie in Deme voor veel geld te verkopen en met deze middelen CFE volledig over te nemen. Deze operatie past perfect in de aandeelhoudersfilosofie - de creatie van meerwaarden - waar Boogmans zelf altijd zo hoog mee oploopt. Daarom kiest hij nu eieren voor zijn geld en stapt over naar de Vlaamse investeringsmaatschappij GIMV, zeggen criticasters.Maar volgens Boogmans leeft Vinci de autonomie van CFE wel degelijk na en is de Franse moeder op korte termijn niet van plan iets aan de huidige situatie te veranderen: "Tussen beide partijen bestaan mooie synergieën. Bovendien vullen wij elkaar geografisch aan. Dankzij ons heeft Vinci een goede uitvalsbasis in Nederland, Polen en Hongarije - landen waar zij nagenoeg niet aan de bak kwamen. Hetzelfde geldt voor nichemarkten, zoals de bouw van winkelcentra of grond- en slibreiniging. Daartegenover staat dat CFE kan gebruikmaken van de technische kennis van Vinci."Piet Depuydt Eric Pompen Luc Huysmans