TER PLAATSE RUST

De Vlaamse ondernemers kiezen niet voor de aanval, wel voor de verdediging. Het VEV wil dat zien veranderen.

Bijna drie op vier Vlaamse bedrijven mikken op hun huidige klanten met hun bestaande producten. Ze proberen hun marktpositie te verbeteren met bestaande producten op markten die ze al hebben ingepalmd. Het opdrijven van de productiviteit is hun grootste bekommernis ; innoveren behoort geeenszins tot hun prioriteiten.

Dat blijkt uit een rondvraag van het Vlaams Economisch Verbond (VEV), dat gisteren, 16 oktober, in Antwerpen zijn jaarlijks congres wijdde aan “Innoverend Ondernemen”. In juli jl. vroeg het VEV aan 500 Vlaamse ondernemers naar de manier waarop ze inspelen op vernieuwing en verandering, en naar de wijze waarop ze er in de toekomst mee denken om te gaan.

Conclusie ? De Vlaamse ondernemer zit eerder in het defensief dan wel in het offensief. Bedrijven hechten wel belang aan technologsiche vernieuwing, maar tonen weinig interesse voor andere innovatieve projecten zoals het aanboren van internationale markten of het aantrekken van risicokapitaal.

Op marketingvlak blinkt de Vlaamse ondernemer ook al uit door traditionaliteit. Bijna drie op vier bedrijven verdedigen hun huidige marktpositie door bestaande producten te leveren aan bestaande klanten. Zestig procent van de ondervraagden mikt op nieuwe producten voor het bestaande cliënteel ; niet eens de helft hoopt met nieuwe producten ook nieuwe klanten te maken. Het opvoeren van de productiviteit is voor 70 % van de bedrijven dé technologische innovatie. Het inkorten van de periode voor productontwikkeling van idee tot product wordt door 36 procent van de ondernemers als belangrijk ervaren. Maar 30 % acht dat dan weer onbelangrijk.

Meer dan de helft van de Vlaamse ondernemers ziet in het delegeren van bevoegdheden een middel om zijn strategische doelstellingen waar te maken ; de helft investeert in de opleiding van de werknemers. Flexibele verloning is een nauwelijks bekend gegeven in 36 procent van alle Vlaamse bedrijven en dat blijkt in de nabije toekomst niet te veranderen.

Van zijn werknemer verwacht de Vlaamse ondernemer vooral dat hij klantgericht is (77 %), dat hij in team kan werken (69 %) en dat hij initiatief durft nemen (66 %). Risicogedrag (33 %) en mobiliteit (30 %) van de werknemer liggen niet hoog in het waarderingslaatje van de Vlaamse ondernemer.

Commentaar van VEV-voorzitter Johan De Muynck : “De Vlaamse ondernemers doen het goed, maar niet perfect. Daarom moeten we weg van de zelfgenoegzaamheid.”

VLAAMSE BEDRIJVEN Weinig offensief ingesteld.

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier

Partner Content