De grote Cambridge-econoom Joan Robin- son zei me ooit: "Het frustrerende aan India is dat van alles wat u terecht kunt beweren over India, ook het omgekeerde waar is." Dat zal in 2006 niet anders zijn.
...

De grote Cambridge-econoom Joan Robin- son zei me ooit: "Het frustrerende aan India is dat van alles wat u terecht kunt beweren over India, ook het omgekeerde waar is." Dat zal in 2006 niet anders zijn. Is India een geslaagde democratie? Zeker. Zijn meerpartijendemocratie met vrije verkiezingen, vrijheid van meningsuiting en burgerrechten werkt goed en heeft geleid tot mooie bijeffecten zoals de uitbanning van hongersnoden - die in Brits-India nog regelmatig voorkwamen. Maar toch is de Indiase democratie niet over de hele lijn succesvol. Ondanks de democratische rechten blijven ondervoeding, ziekten en andere ontberingen nog steeds bestaan. Doet de Indiase economie het voortreffelijk? Ja, ze groeit snel en genereert heel wat nieuwe inkomsten. Maar armoede blijft een ernstig probleem. Is het Indiase onderwijs een groot succes? Ja, natuurlijk. India beschikt over een grote, goed geschoolde en hoogopgeleide bevolking en levert geschoolde arbeidskrachten aan de academische wereld, de wetenschap en technologie, de literatuur, de muziek en de kunst, aan administraties, management en gezondheidszorg, zowel in India zelf als erbuiten. Toch is een derde van de bevolking nog analfabeet. De confrontatie met die gespleten realiteit zou ons kunnen inspireren om naar Boeddha's raad te luisteren en 'onze taal te matigen'. Maar er zijn ook belangrijke en positieve zaken die over India kunnen worden gezegd en die niet zo duidelijk erkend worden als wel zou kunnen. De praktijk van de democratie is daar één van. Toen India het eerste arme land in de wereld werd dat koos voor een volwaardig democratisch systeem, heerste er scepsis alom. Sindsdien werden echter systematisch verkiezingen gehouden, politieke partijen kwamen aan de macht als ze wonnen en vertrokken in alle rust als ze verloren. De pers is grotendeels vrij gebleven. De mensen oefenen met overgave en animo kritiek uit op de regering en op elkaar. De soldaten blijven in de kazernes, waar ze thuishoren. India's democratie wordt soms gewoon toegeschreven aan de Britse invloed. Maar als dat de belangrijkste reden is, blijft het wat onduidelijk waarom die invloed niet op dezelfde manier heeft gewerkt in een honderdtal andere landen van het Britse imperium. Uiteindelijk komt democratie neer op de beoefening van de gemene rede in de ruime zin. Naar de stembus gaan, maakt deel uit van een veel breder proces, dat ook een open publieke discussie en onbelemmerde kritiek omvat. Dergelijke tradities van 'gemene rede' zijn allerminst het monopolie van het Westen of om het even welke beschaving of cultuur. India heeft evenwel het geluk over een lange en sterke debattraditie te beschikken. Enkele van de vroegste open bijeenkomsten, gericht op de oplossing van geschillen tussen mensen via discussie vonden vanaf de zesde eeuw voor onze tijdrekening in India plaats. Vandaag bereikt de democratie in India al heel wat meer dan meestal wordt erkend. Zo draagt ze bij tot de bescherming van de rechten van minderheden door misbruiken openbaar aan te klagen en door hen die de rechten schenden, electoraal af te straffen. De democratie bevordert ook de stabiliteit van het Indische secularisme en de weerstand tegen sektarische politieke uitingen. In dat verband is het veelzeggend dat een land waar meer dan 80 % van de kiezers hindoe is, de sikh Manmohan Singh als eerste minister koos, de moslim Abdul Kalam als president en dat de regerende Congrespartij er wordt geleid door Sonia Gandhi, een christen. Hoe belangrijk het publieke debat, de politieke vrijheid, de burgerrechten, de bevestiging van het secularisme en het voorkomen van rampen zoals hongersnoden ook zijn, toch moet de democratie nog meer kunnen bereiken door aanhoudende ongelijkheid en ontberingen meer voor het publieke voetlicht te brengen. Dat proces is al begonnen, maar het moet nog veel verder gaan. De publieke betrokkenheid op de democratie en de uitgebreide toepassing daarvan maken dat India iets wezenlijks kan bijdragen aan de heersende ideeën en praktijken in de wereld. De auteur is Nobelprijswinnaar Economie en professor aan Harvard University.Amartya Sen