Belgische belastingplichtigen kunnen hun vermogen steeds minder verstoppen in het buitenland. Door de toepassing van de Europese spaarrichtlijn, de invoering van internationale belastingverdragen en de uitholling van het bankgeheim worden de mazen van het belastingnet ook buiten de grenzen almaar kleiner. In Luxemburg is bijvoorbeeld sinds 1 juli vorig jaar voor buitenlandse spaarders een woonstaatheffing van 35 procent van kracht - veel meer dan de 21 of 25 procent roerende voorheffing die in België is verschuldigd.
...

Belgische belastingplichtigen kunnen hun vermogen steeds minder verstoppen in het buitenland. Door de toepassing van de Europese spaarrichtlijn, de invoering van internationale belastingverdragen en de uitholling van het bankgeheim worden de mazen van het belastingnet ook buiten de grenzen almaar kleiner. In Luxemburg is bijvoorbeeld sinds 1 juli vorig jaar voor buitenlandse spaarders een woonstaatheffing van 35 procent van kracht - veel meer dan de 21 of 25 procent roerende voorheffing die in België is verschuldigd. Heel wat beleggers met grijs geld - kapitaal waarvan ze de roerende inkomsten niet hebben aangegeven aan de Belgische fiscus - overwegen daarom een fiscale regularisatie, ondanks de vrees dat in ons land de volgende jaren een vermogensbelasting wordt ingevoerd. Een regularisatie geeft de belastingplichtige fiscale immuniteit voor de inkomsten die hij aangeeft. Bovendien verloopt de schikking heel vlot en is ze eigenlijk niet duur. De gemakkelijkste en meest gebruikte weg is de regularisatie via het Contactpunt Regularisaties. Maar u kunt ook kiezen voor de procedure van de spontane aangifte via uw belastingkantoor. Opteert u voor de procedure via het Contactpunt Regularisatie, dan stuurt u eerst een ingevuld standaardformulier aangetekend of per e-mail naar de dienst. Een goed opgesteld dossier wordt vaak in twee à drie maanden tijd afgehandeld, afhankelijk van de medewerking van de buitenlandse bank. Een belangrijk voordeel van deze procedure is dat uw belastingcontroleur er niets van te weten komt. U mag zelf bepalen over hoeveel jaren u de inkomsten regulariseert. Het Contactpunt Regularisatie eist dat u een overzicht bezorgt van de roerende inkomsten die u in die periode hebt gehad. Een voorzichtige adviseur gaat uit van een periode van zeven jaar, om voor honderd procent vielig te spelen. Als de fiscus later een onderzoek instelt om uw aangegeven inkomsten tegen het licht te houden, kan hij tot zeven jaar teruggaan. Kiest u nu voor een regularisatie, dan gaat het om de inkomstenjaren 2004 tot en met 2010. Op de roerende inkomsten die u in die periode op uw grijs geld hebt gekregen, betaalt u het oude tarief van 15 procent roerende voorheffing, en niet de 21 of 25 procent die geldt sinds 1 januari 2012. Dat tarief wordt verhoogd met een boete van 10 procent, plus de aanvullende gemeentebelasting. Vanaf het inkomstenjaar 2010 hoeft u geen gemeentebelasting meer te betalen - een gevolg van het zogenoemde arrest-Dijkman. Het Contactpunt laat geen verrekening van de woonstaatheffing toe. De heffing die u bijvoorbeeld in Luxemburg hebt betaald, mag u niet aftrekken van de kostprijs van de regularisatie. Als algemene regel mag u ervan uitgaan dat een regularisatie ongeveer tussen de 3 à 8 procent van uw totale grijze kapitaal in het buitenland kost. Voor een spontane aangifte moet u zich wenden tot uw lokale belastingcontroleur. U biecht hem uw buitenlandse roerende inkomsten op, waarna u de Belgische roerende voorheffing, plus 10 procent boete, moet afdragen. Bij een spontane aangifte mag de woonstaatheffing die u op uw buitenlandse interesten en dividenden hebt betaald, wel worden afgetrokken. U bent geen aanvullende gemeentebelasting verschuldigd. De boete die u krijgt, wordt mogelijk deels gecompenseerd door de hogere roerende voorheffing die al in Luxemburg werd geheven. Hebt u een buitenlandse portefeuille die veel interesten en dividenden opbrengt, dan is het dus op het eerste gezicht voordeliger te kiezen voor een spontane aangifte. Toch stellen we in de praktijk vast dat die procedure geen groot succes is. Niemand gaat graag te biechten bij de fiscale ambtenaar die misschien nog jarenlang zijn belastingdossier blijft controleren. Bovendien doet u voor deze procedure beter een beroep op een gespecialiseerde advocaat. De kosten van de honoraria zullen daardoor hoger oplopen. Ook is de afloop minder zeker dan die van een procedure via het Contactpunt Regularisatie. Een controleur staat er vaak niet om te springen om een dossier te regulariseren. JOHAN ADRIAENS