Moet het voor de motorrijder van vandaag altijd zwaar en snel zijn? Een deel van het aanbod op de markt is hoogvermogend en telt veel cc's. Dat levert snelle motoren op waarmee de rijder die te enthousiast gas geeft, snel in de illegaliteit terechtkomt.
...

Moet het voor de motorrijder van vandaag altijd zwaar en snel zijn? Een deel van het aanbod op de markt is hoogvermogend en telt veel cc's. Dat levert snelle motoren op waarmee de rijder die te enthousiast gas geeft, snel in de illegaliteit terechtkomt. Gelukkig kan je ook met minder krachtige machines veel rijplezier beleven. Suzuki bewijst dat met de 650 Bandit en de SM400. De Bandit is Suzuki's directe concurrent van de succesvolle Honda CBF600 - vorig jaar het meest verkochte model. De viercilinder Bandit steekt al een decennium in het aanbod - goed voor vier generaties motoren. De cilinderinhoud van de 2005-versie is gestegen tot 659 cc en geeft al in de eerste meters vertrouwen. De motor rijdt ietwat nerveus, is zo goed als trillingsvrij bij het optrekken (bij gas afsluiten doen zich wel trillingen voor tussen 4000 en 5000 toeren per minuut), is wendbaar (handig in de file) en gaat snel naar de limietsnelheden zonder dat het extreem wordt. Een punt van kritiek is dat de - niet verstelbare - voetsteunen iets te hoog gemonteerd zijn. Wat wel heel interessant is, is de aanwezigheid van een middenbok. Een dergelijke standaard is interessant omdat op die manier het achterwiel vrij kan draaien. Handig om de ketting te smeren en te stellen. De Suzuki kost in de basisuitvoering (geen kuip en geen ABS) 6190 euro. De versie met ABS en kuip moet 6999 euro opbrengen. Dat zijn zeer scherpe prijzen. De directe concurrenten (Yamaha FZ6 Fazer, Honda CBF600 en Kawasaki Z750) gaan door de grens van 7000 euro. De eencilinder Suzuki SM400 is een heel andere motor. De cilinderinhoud is nog geen 400 cc en levert 40 pk vermogen. Voor de SM400 zocht Suzuki inspiratie bij de Supermotard-wedstrijden (SM staat voor Supermotard). De coureurs bestrijden elkaar daarin op aangepaste crossmotoren, deels in het terrein en deels op het asfalt. Opvallend aan deze motoren is het kleinere voorwiel en de wegbanden. Het kleine voorwiel is aanvankelijk wennen. De motor lijkt in de bochten zijn weg te zoeken, maar met een kleine aanpassing van de rijstijl (de motor met de knieën in de bocht duwen) is het bochtengedrag prima. De voorvork is vrij steil en je hebt het idee met je neus op het voorwiel te zitten. Alles is erop gericht om agressief door de bochten te gaan. De eenpitter trekt gezwind op. Op de buitenweg en in de stad is de SM400 dan ook een plezier. Dat betekent niet dat je met de SM400 niet op de snelweg kan rijden. 120 kilometer per uur is goed aan te houden. Het eencilinderblok trilt wel, maar dat wordt niet hinderlijk. De motor heeft lange veerwegen en dat maakt dat kleinere rijders hun been flink moeten opheffen om over het zadel te geraken. Overigens is deze motor wat basic. Er is geen in het contact geïntegreerd stuurslot, er is geen toerenteller en de choke zit nog op de carburator. De prijs is, gezien de uitvoering, met 6799 euro aan de hoge kant. Ad van Poppel