Banken ontsnaptenaan ramp
...

Banken ontsnaptenaan rampEén van de minder in de kijker gekomen aspecten van de saga rond Super Club is het bloedbad waaraan de banken op het nippertje wisten te ontsnappen. Toen medio '91 de werkelijke financiële toestand van het bedrijf onthuld werd, stonden er immers ettelijke miljarden aan kredieten uit aan de Europese tak van Super Club. Eind '91 was er in totaal 7323 miljoen frank aan commerciële kredieten en was er ook nog een obligatielening van 2,5 miljard. In totaal dus bijna 10 miljard waartegenover in wezen niets stond. Op de Franse distributiedochter Delta Video Diffusion en het pakket filmrechten na was Super Club in Europa praktisch geen frank waard. De waarde van Delta Video werd geschat op een 300 miljoen frank en de filmrechten gingen bij faillissement automatisch terug naar hun oorspronkelijke Amerikaanse eigenaar. Ook was dit de waarde als "going concern", bij faillissement zou elke curator er ongetwijfeld veel miserie hebben gezien en praktisch geen geld. Slechts de wil van Philips om het bedrijf overeind te houden, redde het hachje van vele bankiers. Door in januari '89 toe te treden tot het aandeelhouderschap van Super Club had men in Eindhoven een distributieapparaat verkregen dat men blijkbaar tegen hoge kosten ook wou behouden. Vooral de Kredietbank, de BBL en de Nederlandse ABN/AMRO dreigden hier zwaar te verliezen. De groep rond de Kredietbank had eind '90 aan commerciële kredieten 921,4 miljoen uitstaan. Daarbij dient men echter nog 971 miljoen te rekenen van de eind '89 uitgegeven obligatielening waarop de KB had ingeschreven. In totaal dus praktisch 1,9 miljard frank, waarvan 300 miljoen in 1990 gewaarborgd was door Philips. Hierbij moet men echter ook nog de aandelen tellen die via Benevent, Fivest en elders werden aangehouden. Voor de groep omheen KB betrof het hier medio '91 573.952 aandelen. Een investering die bij faillissement uiteraard eveneens verloren zou zijn geweest. Ook de BBL zou ongetwijfeld een zeer groot verliezer zijn geweest. Bij deze bank ging het om 845,5 miljoen frank aan kredieten en via de obligatielening om nog eens 505 miljoen, in totaal dus 1350 miljoen frank. Opmerkelijk is ook de betrokkenheid van ABN/AMRO, vooral dan qua commerciële leningen : de Nederlandse bank had een 857,5 miljoen frank aan kredieten verstrekt. Andere belangrijke kredietverstrekkers waren de NMKN met 707 miljoen frank, Crédit Lyonnais met 585 miljoen, de ING Bank met 500 miljoen en Paribas met 300 miljoen. In totaal ging het eind '90 om 29 verschillende banken, een uitzonderlijk hoog aantal wat nog maar eens de abnormale kapitaalhonger van Super Club aantoont. Haast compleet afwezig in dit hele kredietdossier is de Generale Bank. Begin '90 was er een uitstaande commerciële lening van 14 miljoen frank, eind dat jaar was die volledig terugbetaald.