De infrastructuurinvesteerder TINC is de jongste nieuwkomer op de beurs van Brussel. De groep profileert zich tegenover particuliere beleggers uitdrukkelijk als een dividendaandeel. Ze stelt de komende drie jaar een brutodividendrendement van 4,25 procent in het vooruitzicht. Nu de rente op spaarrekeningen en op obligaties een dieptepunt heeft bereikt, wekt dat veel interesse van beleggers.
...

De infrastructuurinvesteerder TINC is de jongste nieuwkomer op de beurs van Brussel. De groep profileert zich tegenover particuliere beleggers uitdrukkelijk als een dividendaandeel. Ze stelt de komende drie jaar een brutodividendrendement van 4,25 procent in het vooruitzicht. Nu de rente op spaarrekeningen en op obligaties een dieptepunt heeft bereikt, wekt dat veel interesse van beleggers. TINC is niet uniek in zijn sector. Vastgoedbedrijven zijn traditioneel grote dividendbetalers. Onder het statuut van gereglementeerde vastgoedvennootschap (de opvolger van de vastgoedbevak) moeten bedrijven als Cofinimmo, Befimmo en WDP in ruil voor hun voordelige fiscale statuut het grootste deel van de winst doorstorten aan de aandeelhouders. Voor particuliere beleggers zijn die vennootschappen een manier om met een beperkt kapitaal gediversifieerd te beleggen in vastgoed. Het brutodividendrendement -- dat voor die groepen rond 4 à 5 procent schommelt -- is voldoende hoog om de concurrentie met verhuurd residentieel vastgoed aan te gaan. Door de hoge pay-outratio -- het gedeelte van de winst dat wordt uitgekeerd als dividend -- zijn die groepen genoodzaakt nieuwe investeringen te financieren met schulden of nieuwe aandelen. De voorbije jaren hebben enkele Belgische vastgoedvennootschappen, waaronder WDP, dat probleem omzeild door de aandeelhouders een keuzedividend aan te bieden. Als een groot deel van de aandeelhouders ervoor kiest hun dividend in nieuwe aandelen in plaats van cash te krijgen, kan de vennootschap de cash in de onderneming houden. Dat een onderneming het dividend met cash betaalt, heeft een keerzijde: dat geld kon ze ook investeren in de uitbreiding van de bestaande productiecapaciteit of in nieuwe projecten. Als die investeringen de winstgevendheid van de onderneming doen stijgen, zal zich dat uiteindelijk vertalen in een hogere beurskoers en een grotere capaciteit om een dividend uit te keren. In dat geval was het voor de aandeelhouders beter geweest als de cash van het dividend in de onderneming was gebleven. Dat is zeker het geval als de aandeelhouders er niet in slagen het dividend even rendabel te investeren als het management. Maar bedrijfsleiders zijn niet altijd even goede investeerders. Gebruiken ze die cash voor dure of mislukte overnames, of om de beurskoers op te drijven via de inkoop van eigen aandelen, dan zijn de aandeelhouders beter af als die middelen toch worden uitgekeerd als dividend. Bovendien zijn er niet altijd voldoende investeringskansen. Een onderneming als Euronav kan bijvoorbeeld niet blijven nieuwe olietankers kopen. De reder besliste daarom onlangs de hoge winsten die het de komende kwartalen denkt te realiseren, uit te betalen als dividend. Voor de aandeelhouders is het belangrijk dat de onderneming een dividend kan blijven betalen. Ideaal is zelfs dat ze het potentieel heeft om het dividend nog op te trekken. Als de activiteiten niet voldoende cash genereren, moet de onderneming ofwel het dividend verlagen, ofwel de investeringen uitstellen, ofwel lenen om te investeren. Die laatste optie verzwakt de financiële toestand van de onderneming als de investeringen te weinig nieuwe inkomsten in het laatje brengen. Of het bedrijf voldoende cash genereert, valt op te maken uit het kasstroomoverzicht van de resultatenrekening. De vrije kasstroom onder aan het overzicht is de cash die overblijft nadat alle kosten, investeringen, intresten en dividenden zijn betaald. Een aanhoudend positieve kasstroom betekent dat de onderneming voldoende ruimte heeft om te investeren en eventueel het dividend nog te verhogen. Een aanhoudend negatieve vrije kasstroom is een alarmsignaal: het betekent dat de onderneming zijn kasreserve aan het verbranden is, of zelfs moet lenen om alle uitgaven te dekken. Een verlaging van het dividend is dan een reële mogelijkheid. Mathias Nuttin