Op 5 mei was het precies 180 jaar geleden dat de eerste trein over het Europese vasteland denderde, van Brussel-Groendreef naar Mechelen. "De stoomlocomotieven La Flèche, L'Éléphant en Stephenson bestonden grotendeels uit hout -- ook de wielen -- en wogen elk 20 ton", vertelt Pieter Jonckers, de directeur van Train World, het spoorwegmuseum dat morgen zijn deuren opent in Schaarbeek. "Ze konden tot 60 kilometer per uur rijden, maar deden een uurtje over het traject van 22 kilometer, omdat de mensen schrik hadden voor dat revolutionaire vervoersmiddel. Ze dachten dat hun eieren onderweg in een omelet zouden veranderen of dat de melk tot boter zou karnen. Maar tegelijk waren die eerste treinen een spektakel waar de toeschouwers massaal op afkwamen."
...

Op 5 mei was het precies 180 jaar geleden dat de eerste trein over het Europese vasteland denderde, van Brussel-Groendreef naar Mechelen. "De stoomlocomotieven La Flèche, L'Éléphant en Stephenson bestonden grotendeels uit hout -- ook de wielen -- en wogen elk 20 ton", vertelt Pieter Jonckers, de directeur van Train World, het spoorwegmuseum dat morgen zijn deuren opent in Schaarbeek. "Ze konden tot 60 kilometer per uur rijden, maar deden een uurtje over het traject van 22 kilometer, omdat de mensen schrik hadden voor dat revolutionaire vervoersmiddel. Ze dachten dat hun eieren onderweg in een omelet zouden veranderen of dat de melk tot boter zou karnen. Maar tegelijk waren die eerste treinen een spektakel waar de toeschouwers massaal op afkwamen." Train World had op 5 mei de deuren moeten openen, maar zoals wel vaker gebeurt bij de NMBS, zat daar vertraging op. De opening is nu de afsluiter van de Week van de Mobiliteit. Op enkele maanden meer of minder kwam het niet echt. "Er wordt al sinds de jaren zeventig gesproken van een spoorwegmuseum van de NMBS. Pas in 2008 werd de knoop definitief doorgehakt en in 2012 startten de werkzaamheden. De oprichting van het museum staat in het beheerscontract van de NMBS. Het is de bedoeling het enorme historische patrimonium van de spoorwegmaatschappij te conserveren, te restaureren en open te stellen voor een breed publiek." Het museum is gehuisvest in het monumentale stationsgebouw van Schaarbeek, het oudste station van Brussel. Het is een beschermd monument in Vlaamse neorenaissancestijl en ligt op het tracé van de eerste spoorverbinding. Een eerste deel dateert uit 1887, een tweede deel van rond de Eerste Wereldoorlog. "De bezoekers kopen hun ticketje aan de originele loketten", zegt Jonckers. "De ontdekkingstocht met audiogids start in de stationshal. Dat is een polyvalente ruimte die we gemakkelijk kunnen omtoveren tot een evenementenhal. De NMBS is de eigenaar van de collectie en van de gebouwen, maar de exploitatie van Train World moet zelfbedruipend zijn. Daarom zetten we ook hard in op b2b-evenementen en bedrijfsfeesten." "Bezoekers komen via de museumtuin in een nieuwe, industriële loods terecht. Langs het traject leren ze met allerlei filmpjes en interactieve toepassingen de spoorwegen van toen, nu en morgen kennen. De blikvangers zijn de 22 historische locomotieven en wagons, van een replica van L'Éléphant tot het koninklijke rijtuig van Leopold II, en van postrijtuigen tot een beestenwagen waarin tijdens de Tweede Wereldoorlog Unerwünschten naar de kampen werden gevoerd." "Het pronkstuk van het museum is de Type 12 Atlantic. Die gestroomlijnde stoomlocomotief met futuristische looks won in 1939 het wereldsnelheidsrecord toen hij van Brussel naar Oostende reed met gemiddeld 120 kilometer per uur. Het prijsbeest van 95 ton bleef in gebruik tot in 1962." De Types 12 waren technische hoogstandjes van Belgische makelij. Dat is geen toeval. Na de Belgische omwenteling van 1830 ontwikkelde het jonge koninkrijk zich tot een industriële grootmacht. Aangezien het geen gebruik kon maken van de Nederlandse waterwegen, zocht het een alternatieve manier om goederen te vervoeren van de Antwerpse haven naar het achterland. De overheid legde het spoorwegnet aan en wilde dat niet alleen de haven daarvan profiteerde. Daarom werd ook meteen ingezet op het personenvervoer. In enkele decennia verbond de ijzeren weg alle steden van het land. Dat was het werk van Belgische ingenieurs en bedrijven. Pieter Jonckers: "De expertise die ze hier opdeden, voerden ze uit tot in Egypte, China en Chili. Van de jaren 1880 tot 1940 produceerden Belgische bedrijven 16.000 treinen, waarvan er 11.000 werden geëxporteerd. Tegenwoordig zijn er maar drie grote spelers die treinen bouwen: Siemens, Alstom en Bombardier. Ze zijn alle drie partners van het museum, dat heel bewust ook zijn blik op de toekomst richt. Treinen worden technologisch steeds beter. Met de moderne draaistellen bijvoorbeeld kunnen treinen hellingen en bochten sneller nemen." De staat nam de uitbouw van het spoorwegnet voor zijn rekening, privébedrijven en particulieren baatten de lijnen uit. Pas in 1926 stichtte de overheid de Société Nationale de Chemin de Fer belge, de NMBS, die de bestaande privéspoorbedrijven overnam -- het laatste pas in 1958. In 2005 werd het spoorwegbedrijf administratief gesplitst in wat ondertussen de NMBS en Infrabel zijn. Tot nog toe behoudt de NMBS het monopolie in het reizigersverkeer. In Train World leren de bezoekers ook een stuk van de sociale geschiedenis van België kennen. Dat gebeurt op een heel aanschouwelijke manier, aan de hand van verhalen van gewone mensen. De trein veranderde het sociale leven ingrijpend. Dat de klok vandaag gelijkloopt van Oostende tot in Aarlen, is bijvoorbeeld te danken aan de dienstregeling van de treinen. Dankzij het spoor hoefden arbeiders niet meer in cités naast de fabriek te wonen, met werkmansabonnementen raakten ze vlot op hun werk. Met toeristische tickets konden ze bovendien het hele land bezoeken. In het archief van de NMBS zitten duizenden affiches van toeristische bestemmingen. Op een nagebouwd perron in Train World waant de bezoeker zich in de jaren twintig. Je gaat helemaal aan het dromen als je een poepchic rijtuig van de Compagnie Internationale des Wagons-Lits binnenstapt en een kijkje neemt in de eersteklasrijtuigen van de Orient Express met bestemming Istanboel. De eerste slaaptreinen reden in de Verenigde Staten. Dat succes inspireerde de Belgische ingenieur Georges Nagelmackers om ze ook in Europa in te zetten. Hij maakte ze alleen veel luxueuzer. Wagons-Lits is ondertussen overgenomen door de Franse hotelgroep Accor.FREDERIC EELBODE"De Belgische treiningenieurs voerden hun expertise uit tot in Egypte, China en Chili"