DE SOCIALE zekerheid is nog grotendeels federaal. Door de vergrijzing blijven de kosten voor de pensioenen en de gezondheidszorg oplopen. Besparen in de sociale zekerheid gebeurde de voorbije jaren met de rem op. Saneren betekent niet de uitgaven doen dalen, wel de uitgaven minder snel doen stijgen. Met als gevolg dat de sociale zekerheid volgend jaar aankijkt tegen een ...

DE SOCIALE zekerheid is nog grotendeels federaal. Door de vergrijzing blijven de kosten voor de pensioenen en de gezondheidszorg oplopen. Besparen in de sociale zekerheid gebeurde de voorbije jaren met de rem op. Saneren betekent niet de uitgaven doen dalen, wel de uitgaven minder snel doen stijgen. Met als gevolg dat de sociale zekerheid volgend jaar aankijkt tegen een tekort van 3,5 miljard euro. Bij ongewijzigd beleid loopt dat op tot 6 miljard euro. Voor een deel gaat de nieuwe Vlaamse regering op dat pad voort door bijvoorbeeld de uitgaven voor gezinszorg minder snel te doen stijgen. Maar besparen in de sociale zekerheid is geen taboe voor de regering-Jambon. In de takken van de sociale zekerheid die naar de deelstaten zijn overgeheveld - de kinderbijslag en delen van de gezondheidszorg en het arbeidsmarktbeleid - maakt ze opvallende keuzes. Zo wordt op kruissnelheid 107 miljoen euro bespaard in de kinderbijslag. De kinderbijslag vanaf het derde kind wordt vijf jaar lang niet geïndexeerd. Zo'n besparing was federaal onmogelijk. In een gesplitste sociale zekerheid is het blijkbaar gemakkelijker de tering naar de nering te zetten. De besparing in de kinderbijslag kan een deel van de jobbonus financieren. Die belastingverlaging moet ervoor zorgen dat mensen met een laag nettoloon meer overhouden. Een derde van de Vlaamse werknemers zou die kunnen krijgen. De jobbonus kost 350 miljoen euro, blijkt uit de begrotingscijfers. Die maatregel wordt deels gefinancierd door de hervorming van het doelgroepenbeleid, waarmee de overheid ouderen, gehandicapten en laagopgeleide jongeren aan een baan probeert te helpen. Dat systeem gaat op de schop. Het moet tegen 2024 ruim 226 miljoen euro opleveren. Ook die keuze was op federale niveau moeilijk te maken.