SPELENDERWIJS

De overheid doet verwoede pogingen om de stadsvlucht tegen te gaan. Omniplay, dat speeltuigen produceert, vaart er wel bij.

Slechts een minuscule hap van het Sociaal Impulsfonds wordt aan de inrichting van speeltuinen besteed. Maar Jozef Verbeke, zaakvoerder van de nv Omniplay, is al zeer tevreden met dat bedrag. De Belgische markt van speeltuinen is goed voor een jaarlijkse omzet van 300 miljoen. Omniplay uit Tielt heeft naar eigen zeggen een derde van die pot en is Belgisch marktleider. “We willen mee aan de basis liggen van nieuwe marktevoluties. Wij verkopen geen producten, we stellen het kind in zijn omgeving centraal. We ontwerpen speeltuigen op maat van de klant.” Voor de steden Gent en Hasselt bouwde Omniplay alle speelterreinen, in functie van de verschillende leeftijdscategorieën in de diverse wijken. “Onze speeltuinen zijn verweven met levenskwaliteit, stadskernvernieuwing. Dat is duidelijk een groeimarkt.”

De overheden (gemeenten, provinciale domeinen, scholen) zijn goed voor de helft van de omzet. De veertien werknemers maakten vorig jaar 101 miljoen frank omzet. De andere helft wordt gerealiseerd bij bedrijven. Omniplay installeerde speeltuinen op maat van onder meer Bobbejaanland, Meli of het Boudewijnpark. Ook Makro, Ikea of Quick zijn klant aan huis in Tielt. “Quick heeft een tijd afgehaakt, maar komt nu terug. De producten van Omniplay zijn hygiënischer, minder koud, en vergen minder onderhoud dan die van de concurrenten,” vindt Jozef Verbeke. De gemiddelde uitgave voor een speeltuin schommelt tussen een half en drie miljoen frank.

De nv Omniplay is volledig in handen van Jozef en broer Eddy Verbeke. Beide zaakvoerders zijn vooral actief in groep Verbeke, een verdeler van grasmaaiers. Dat bedrijf was het voorbije boekjaar (oktober ’96-september ’97) goed voor 1,4 miljard omzet. Verbeke, in 1904 opgericht, wordt vandaag geleid door de vierde generatie. “Door de verkoop van grasmaaiers hadden we veel contacten met groen- en plantsoendiensten in de gemeenten. Diezelfde personen beslissen ook over de aankoop van speeltuigen.” De diversificatie, in 1975 gestart, was dus een logisch gevolg. Maar de andere reden, het opvangen van het laagseizoen, bleek een misser. De verkoop van speeltuigen kent nog scherpere seizoenspieken dan grasmaaiers. “Dit was een strategische vergissing met heel veel succes,” gekscheert Jozef Verbeke. Want de winstmarges in deze sector liggen hoog : Omniplay tekent voor vijf procent winst op de omzet. Bovendien wordt een tiende van de omzet gehaald uit controle en onderhoud.

JOZEF VERBEKE (OMNIPLAY) De gemiddelde uitgave voor een speeltuin schommelt tussen een half en drie miljoen frank.

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier

Partner Content