De chemie- en farmagroep Solvay stond midden vorige week in het middelpunt van de belangstelling. De zakenkrant Financial Times beweerde dat het Franse Sanofi-Aventis de farmadivisie van Solvay wou kopen via diens controlerende familieholding Solvac, zeg maar de afstammelingen van stichter Ernest Solvay. Die informatie was door een van de zakenbanken van Solvay gelekt. Het bedrijf gaf noodgedwongen toe alle mogelijke opties voor de farma-activiteiten te analyseren, wat meteen werd vertaald als een verkapt verkooporder.
...

De chemie- en farmagroep Solvay stond midden vorige week in het middelpunt van de belangstelling. De zakenkrant Financial Times beweerde dat het Franse Sanofi-Aventis de farmadivisie van Solvay wou kopen via diens controlerende familieholding Solvac, zeg maar de afstammelingen van stichter Ernest Solvay. Die informatie was door een van de zakenbanken van Solvay gelekt. Het bedrijf gaf noodgedwongen toe alle mogelijke opties voor de farma-activiteiten te analyseren, wat meteen werd vertaald als een verkapt verkooporder. Onzin natuurlijk, want het kan net zo goed betekenen dat Solvay wil bestuderen hoe het zijn farmadivisie kan versterken. Onzin ook omdat Solvay goed gek zou zijn om farma te verzilveren. Een jaar geleden zongen we op deze pagina's de lof van de Brusselse groep, omdat die halsstarrig bleef vasthouden aan haar hybride structuur. Die analyse is meer dan ooit geldig nu de veel meer cyclische chemiesector op apegapen ligt. Bij Solvay kan farma tenminste nog de meubelen redden. Een vurige verdediger van die duale strategie is CEO Christian Jourquin, die er in een interview met Trends vorig jaar op wees dat die hybride structuur geen accident de parcours is, maar een gevolg van de beslissing eind jaren zeventig om na de oliecrisis voor activiteiten te kiezen die minder cyclisch zijn, een hoge toegevoegde waarde hebben en vrij zijn van de impact van energie. Een verkoop zou Solvay natuurlijk een volle brandkast opleveren. Maar dat is een eenmalige winst, te vergelijken met de Belgische overheid die haar gebouwen van de hand doet: recurrent levert dat niets op. Bovendien beseft Solvay maar al te goed dat het zonder zijn farmabusiness een veel cyclischer bedrijf wordt. Dat zal onvermijdelijk leiden tot een langzaam afkalven van de aandelenkoers. Zeker nu de crisis het jarenlange gedoogbeleid van analisten en beleggers voor cyclische aandelen onder druk zet. Het valt niet uit te sluiten dat de denkoefening van Solvay is ingegeven door frustratie over de fors achtergebleven aandelenkoers. Terwijl de farmasector al enige tijd zowat in brand staat en her en der vlotjes tientallen miljarden euro's worden neergeteld voor overnames, negeert de beurs het potentieel van de farmapijplijn van het sobere Solvay. Dat steekt al langer. Zelfs de overname het Franse Fournier Pharma in 2005 kreeg nauwelijks aandacht. Deze korte mediastorm drukte ook de onwetende beleggers met de neus op het feit dat de farmadivisie minstens 4 miljard euro waard is. Een ongevraagde maar erg geslaagde pr-operatie dus. En hoewel dat bedrag alleen maar nice to know is en moet blijven, zullen de families achter Solvac en de Solvay-bonzen aangenaam verrast en gecharmeerd geweest zijn door die plotse waardering. Rest nog de vraag of iemand op de kap van Solvay veel geld heeft verdiend. Wetende dat het aandeel ondergewaardeerd is, kan de berichtgeving speculanten als gevolg van de te verwachten koersopstoot een aardige stuiver hebben opgeleverd. (T) Door Bert Lauwers