Nergens ter wereld wordt zoveel personeelsinformatie in vergelijkbare vorm gepubliceerd als in België, met name in de sociale balans van de ondernemingen. De idee voor een sociale balans groeide toen de regering in het najaar van 1995 een hele reeks maatregelen nam om de werkgelegenheid te bevorderen. De regering wou tegelijk een instrument om de invloed van die maatregelen te meten, om zo een inzicht te krijgen in de evolutie van de werkgelegenheid.
...

Nergens ter wereld wordt zoveel personeelsinformatie in vergelijkbare vorm gepubliceerd als in België, met name in de sociale balans van de ondernemingen. De idee voor een sociale balans groeide toen de regering in het najaar van 1995 een hele reeks maatregelen nam om de werkgelegenheid te bevorderen. De regering wou tegelijk een instrument om de invloed van die maatregelen te meten, om zo een inzicht te krijgen in de evolutie van de werkgelegenheid.Hubert Ooghe en Alexander Dehaene ( Universiteit Gent) reiken een aantal instrumenten aan om de sociale balans door te lichten. Ze werkten een analysemethode uit op het niveau van de individuele onderneming. Dankzij deze analyse kan uit de sociale balans beleidsinformatie worden gepuurd, zoals de bruto toegevoegde waarde per werknemer, de personeelskosten van deeltijdse werknemers versus voltijdse werknemers of het financieel voordeel van de maatregelen ten gunste van de werkgelegenheid in verhouding tot de personeelskosten. Deze analysemethode werd ook toegepast op de globalisatie van de sociale balansen van alle grote ondernemingen die een volledig jaarrekeningschema voorleggen. Deze analyse beperkt zich voorlopig tot het boekjaar 1996, maar levert referentiewaarden op waar elke onderneming zich mee kan vergelijken. De auteurs kwamen bij deze analyse onder meer tot de vaststelling dat het totaal financieel voordeel van de maatregelen ten gunste van de werkgelegenheid per betrokken werknemer ongeveer 27.000 frank bedraagt. Twee derde van het aantal werknemers is betrokken bij de maatregelen ten gunste van de werkgelegenheid. Toch is de daaruit resulterende verlaging van de personeelskost niet groter dan 1%.Voorts was het verschil tussen het aantal ingetreden werknemers (33,3%) en het aantal uitgetreden werknemers (29,8%) ten opzichte van het gemiddeld aantal werknemers positief in 1996 (+3,5%). De analyse van het personeelsverloop van de ondernemingen die een jaarrekening volgens het volledig schema neerleggen, toont nog enkele trends: minder voltijdse en meer deeltijdse werknemers, minder werknemers met een overeenkomst voor onbepaalde tijd en minder laag en meer hoger geschoolden bij de intreders in vergelijking met de uittreders.H. Ooghe en A. Dehaene, 'De sociale balans in België: voorstel van een analysemethode en toepassing op het boekjaar 1996', Working Paper 99/68, Universiteit Gent. Tel. (09)264.34.61