Didier Bossuyt zit niet om een grapje verlegen. Vlak bij de deur van zijn kantoor staat een levensgroot beeld van een gewapende zwarte krijgster, klaar om de argeloze bezoeker aan te vallen met een stok. Het is een voorproefje van wat er verder in zijn werkruimte te vinden is: een keur aan hedendaagse kunstwerken die hij al sinds zijn zestiende verzamelt. Er staan onder meer verschillende werken van Cracking Art, een Italiaanse kunstenaarsbeweging waar hij dol op is. Een van de werken is een troep met goud beschilderde schildpadden, een van de blikvangers tijdens de Biënnale van Venetië in 2001."Cracking Art is een groep van zeven kunstenaars die de vervuiling van de natuur hekelen. Ze gebruiken oude, milieuonvriendelijke materialen om hun werken te maken. Het zijn kunstenaars met een ideologie, daar hou ik wel van. Veel mensen zijn zich te weinig bewust van wat er loos is met de natuur. Maar ik heb ook totaa...

Didier Bossuyt zit niet om een grapje verlegen. Vlak bij de deur van zijn kantoor staat een levensgroot beeld van een gewapende zwarte krijgster, klaar om de argeloze bezoeker aan te vallen met een stok. Het is een voorproefje van wat er verder in zijn werkruimte te vinden is: een keur aan hedendaagse kunstwerken die hij al sinds zijn zestiende verzamelt. Er staan onder meer verschillende werken van Cracking Art, een Italiaanse kunstenaarsbeweging waar hij dol op is. Een van de werken is een troep met goud beschilderde schildpadden, een van de blikvangers tijdens de Biënnale van Venetië in 2001."Cracking Art is een groep van zeven kunstenaars die de vervuiling van de natuur hekelen. Ze gebruiken oude, milieuonvriendelijke materialen om hun werken te maken. Het zijn kunstenaars met een ideologie, daar hou ik wel van. Veel mensen zijn zich te weinig bewust van wat er loos is met de natuur. Maar ik heb ook totaal andere dingen: een roze handgranaat met de naam Lucy, bijvoorbeeld. Of een machinegeweer in felle kleuren. Zulke dingen vind ik gewoon leuk." Bossuyt - met kwieke ogen, karakterkop en zilverwitte haren een opvallende verschijning - verzamelt al sinds zijn tienerjaren kunst. In die periode kreeg hij zijn flash, zoals hij het uitdrukt. "Ik was toen helemaal weg van de Cobra-beweging: Appel, Corneille, Jorn... Kleurrijke, kinderlijke kunst, dingen waar ik nog altijd enorm van hou. De eerste twee werken die ik kocht, waren twee kleine aquarellen van Corneille. De twee samen kostten toen 10.000 frank (250 euro). Dat klinkt alspeanuts, maar veertig jaar geleden was dat veel geld. Mijn vader heeft me geholpen om de werken te kunnen kopen. Het is een beetje vreemd eigenlijk, niemand in de familie is met kunst bezig of is ooit met kunst bezig geweest. Maar goed, sindsdien heeft kunst me niet meer losgelaten." Bossuyt heeft een boontje voor Belgische kunstenaars. In de showroom van zijn zaak, waar hij elke zes maanden andere werken ophangt, heeft hij verscheidene werken van Jean Luc Moerman, een veertiger die de jongste jaren fel van zich laat spreken. De laatste twee die Bossuyt kocht, waren van Christian Dotremont - een van de Belgen die betrokken waren bij de oprichting van Cobra. "Cobra is iets waar ik altijd van zal blijven houden. De spontaniteit in die werken is fenomenaal. Ik heb nooit echt kunstenaars ontdekt, maar af en toe was ik er wel vroeg bij om kunstwerken te kopen van bepaalde artiesten. Een voorbeeld is Pierre Alechinsky, nóg een lid van de Cobra-beweging. Van Dotremont had ik nog niets, vreemd genoeg. Het is een beetje een terugkeer naar mijn roots." Als Didier Bossuyt al sinds zijn vijftiende bezig is met kunst verzamelen, moet hij heel wat kunstwerken in zijn bezit hebben. Heeft hij de tel bijgehouden? "Niet echt. Hoeveel stukken ik heb, weet ik niet. Ik schat dat het er tussen 300 en 400 zijn. Ze zitten verdeeld over dit bureau, de opslagplaatsen, de showroom hiernaast en bij mij thuis. Daar heb ik mijn mooiste werken verzameld: vooral dingen van Arte Povera, mensen als Jannis Kounelis, Gilberto Zorio, Pier Paolo Calzolari. Een andere lieveling is de in België geboren Henri Michaux, die onder meer inkttekeningen maakte, een beetje zoals Dotremont. En dan is er nog de beeldhouwer Jean Dubuffet. Zijn werk doet ook denken aan Cobra en naïeve kunst. Schilderkunst van voor de twintigste eeuw zegt me niets, op een enkeling als Jeroen Bosch na. Vraag me niet waarom, maar klassieke schilderkunst apprecieer ik gewoon niet." Kunst valt volgens Didier Bossuyt niet uit te leggen: het is een kwestie van een coup de foudre, een emotionele blik-seminslag. "Zo werkt het toch voor mij. Het gebeurt maar weinig dat ik daar later op moet terugkomen. Ik hou me slechts aan één ding: voor ik iets koop, wil ik de artiest leren kennen. Ik wil weten wat voor dingen hij nóg gemaakt heeft. Zeker nu moet je uitkijken: wat er nu gebeurt met al die nieuwe Chinese schilders is compleet fout. Ze komen uit de lucht gevallen alsof het niets is, terwijl er astronomische bedragen voor worden neergeteld. Damien Hirst is wél een zeer interessante artiest, maar de publiciteit errond is bijna grotesk. Mooie dingen zijn ook niet meer betaalbaar vandaag, dat is echt jammer. Maar het kan niet blijven duren. Het is zoals bij de financiële crisis: de zeepbel moet barsten. Het is al eens eerder gebeurd in de kunstwereld, in 1990. Ik vond dat helemaal geen kwade zaak. Het plaatst de dingen weer in hun werkelijke perspectief. Het scheidt het kaf van het koren: wie zijn de echte kunstenaars en wie niet?" (T) Door Dominique Soenens/Fotografie Isabel Pousset