Zeven jaar na de grote expo in Oostende verwelkomt het Gemeentemuseum in Den Haag deze week Jean Brusselmans: de Belgische schilder die nooit zo bekend werd als zijn tijdgenoten Gust De Smet, Frits Van den Berghe of Constant Permeke. De oorzaak is wellicht zijn teruggetrokken leven. Hij mengde zich nauwelijks in kunstkringen, leefde in armoede in Dilbeek en was zelfs een tijdje Duits...

Zeven jaar na de grote expo in Oostende verwelkomt het Gemeentemuseum in Den Haag deze week Jean Brusselmans: de Belgische schilder die nooit zo bekend werd als zijn tijdgenoten Gust De Smet, Frits Van den Berghe of Constant Permeke. De oorzaak is wellicht zijn teruggetrokken leven. Hij mengde zich nauwelijks in kunstkringen, leefde in armoede in Dilbeek en was zelfs een tijdje Duits propagandaschilder in de Tweede Wereldoorlog. Brusselmans groeide op in een arm gezin, maar kreeg toch de kans zich artistiek te ontplooien: hij volgde lessen aan de Société Belge de Lithographie en de tekenacademie. Hij besloot fulltime kunstenaar te worden en liet zich inspireren door grootmeesters als Vincent van Gogh en Georges Seurat. Zijn beeldtaal werd ritmischer, speelser, kubistischer, zonder ooit vergezocht te worden. Omdat hij tijdens het interbellum vaker expressieve boerentaferelen schilderde, werd hij soms als een Vlaams expressionist beschouwd. Daar kon hij zich niet in vinden. Gemakkelijkheidshalve wordt hij ook weleens bij de Brabantse fauvisten gerekend, maar dat gaat zeker niet op voor zijn hele oeuvre. In zijn beginjaren deelde hij in Brussel wel een atelier met Rik Wouters, die hem aanstak om met fauvistische kleuren te werken. Maar Brusselmans ontwikkelde zijn eigen stijl, getypeerd door frisse kleuren, naïeve vormen en zware contourlijnen. Een kunstcriticus stelde in 1935 vast dat Brusselmans "in zijn picturaal heelal geen enkele concessie wil doen aan de smaak van het publiek". De vorm en de kleur zijn de basis van zijn werk, maar toch schilderde hij nooit abstract. Net zoals de expo in Mu.ZEE focust die in het Gemeentemuseum op zijn interbellumjaren. Maar de kwaliteit die hij in de jaren tussen de twee wereldoorlogen haalde, bleef niet constant door zijn carrière. Dat is het voorwerp voor een volgende, complete expo.