H et contrast kon niet sterker zijn: na een verblijf in de Verenigde Staten keerde ik afgelopen week eventjes terug naar Europa om meteen weer te vertrekken naar China. Het land van de superlatieven, de extremen en de gemiste kansen. En een land dat almaar sterker op ... de VS begint te lijken.
...

H et contrast kon niet sterker zijn: na een verblijf in de Verenigde Staten keerde ik afgelopen week eventjes terug naar Europa om meteen weer te vertrekken naar China. Het land van de superlatieven, de extremen en de gemiste kansen. En een land dat almaar sterker op ... de VS begint te lijken. De chauffeur had twee minuten halt gehouden om mijn gastheer af te zetten. Ik had nog vlug een hand geschud. Toen ik twee uur later terugkwam, zwaaide de receptioniste met een pleister. Ze had namelijk opgemerkt dat ik mijn vinger had gesneden bij het uitladen van de koffers. Het is een detail, maar geen toeval in China. Wat een contrast met een aankomst in de VS. Daar grijpt het personeel zo snel mogelijk naar je koffers, terwijl ze alleen maar loeren of je niet enkele dollars tipgeld hebt klaarzitten. VS en China zijn elkaars spiegelbeeld. China vertoont veel gelijkenissen met de VS. Weet u dat de oppervlakte van China bijna net zo groot is als die van de VS? China is zelfs ietsje kleiner. Maar er wonen op mainland China wel vier keer zoveel inwoners als in de States. En de groei is er vandaag even ongebreideld als in de VS in de negentiende eeuw. Het zijn allebei landen van superlatieven. Maar China is de overtreffende trap aan het worden. In zijn haast om groter te worden, heeft China ook dezelfde fouten gemaakt als de VS. Alles is er ondergeschikt aan de economische groei: goede landbouwgronden, het eigen cultuurpatrimonium en natuurlijk de natuur. Vooral bij de immense bouwwerken heeft China kansen gemist: de menselijke toets ontbreekt, net zoals de harmonie en de schoonheid. Als je lang over Chinese wegen rijdt, ga je Vlaanderen nog een toonbeeld van ruimtelijke ordening vinden! Het is allemaal weinig oosters geworden. Veel gebouwen zou je net zo goed in de buitenwijken van New York kunnen terugvinden. Maar dat geldt dan weer niet voor de industrie, want die is er bijna niet meer in de VS. In China lijken de industrieterreinen op de onze, maar dan zo'n honderd keer groter. En toen ik tijdens mijn Chinareis eindelijk een gebouw met niet-westerse trekjes tegenkwam, bleek dat geen oud Chinees tempelcomplex te zijn, maar ons spiksplinternieuwe Sheratonhotel. Dat ook Bekaert nu de facto zijn fabriek van de VS naar China verhuist, is bijna symbolisch voor de transformatie die China doormaakt. Dit land is echt de rol van de VS aan het overnemen. China heeft zelfs wat gemeen met Michael Jackson: het ondergaat een stapsgewijze transformatie, waarbij het elke keer wat verder afdwaalt van zijn roots en meer op zijn grote voorbeeld begint te lijken. Als een tweeling... China houdt VS in zijn greep. Beide economieën zijn ook met elkaar vergroeid op financieel en economisch vlak. Noem ze dus een Siamese tweeling. Eind oktober werd een magische grens bereikt: de officiële Chinese reserves overschreden toen voor het eerst 1 triljoen (1000 miljard) US dollar (1). Daarmee bedragen de reserves van China de helft van zijn (onderschatte) officiële bruto binnenlands product (bbp). En de overschotten nemen jaarlijks nog met meer dan 200 miljard dollar toe. China heeft immers een lopend overschot van 8 % van zijn bbp. Het houdt daardoor het Amerikaanse onevenwicht op zijn lopende rekening mee in stand: 70 % van de Chinese reserves is belegd in Amerikaans schuldpapier. Harmonieuze scheiding? Tot 21 juli 2005 was de Chinese munt volledig verbonden met de Amerikaanse dollar. De Siamese tweeling was met andere woorden volledig vastgegroeid. Maar op die dag besloot de Chinese centrale bank om haar wisselkoersregime aan te passen. Ze wilde daarmee een erg geleidelijke ontkoppeling bereiken. Dat lukte aardig, tot enkele weken geleden: de depreciatie van de Amerikaanse munt is toen beginnen te versnellen (zie grafiek). Niemand verwacht momenteel een grote aanpassing van de Chinese wisselkoers tegenover de dollar. Zelfs niet in de VS, waar nochtans al heel vaak werd gepleit voor een sterkere renminbi. Maar voor de VS zou een snellere scheiding niet zo gunstig zijn. Als China de munt apprecieert, zijn er minstens drie onaangename gevolgen te verwachten. De Amerikaanse inflatie wordt laag gehouden door de goedkope import uit China. Een sterke munt maakt die import duurder, wat leidt tot een snellere inflatie. De Amerikaanse centrale bank zou dan op een zeer agressieve manier de rente moeten verhogen, met alle negatieve gevolgen van dien voor beurs en economie. De Amerikaanse gezinnen hebben de goedkope Chinese import ook nodig om hun koopkracht op peil te houden. Als die basisgoederen duurder worden, zal de consumptie een knauw krijgen. De langetermijnrente staat laag door de aankopen van de Chinese centrale bank. Een sterkere Chinese munt leidt tot een kleiner overschot, en dus minder dollaraankopen. Een hogere langetermijnrente zou ook de huizenmarkt een nieuwe klap geven. China en de VS zijn zoals Siamese tweelingen. Ze lijken op elkaar en zijn met elkaar verbonden. Maar een scheiding zou wel eens fataal kunnen zijn voor de minst sterke van de twee. En na mijn dubbele bezoek ben ik meer en meer ervan overtuigd dat dit níét China is. De auteur is hoofdeconoom van Petercam Vermogensbeheer. Reacties: visienoels@trends.be(1) www.worldbank.org/china Geert Noels