Het valt toe te juichen dat Vlaams minister van Economie Patricia Ceysens (Open VLD) grote schoonmaak wil houden in de veelheid aan instrumenten waarmee de overheid innovatie kan stimuleren. Dat ze bovendien graag zou weten of het belastinggeld dat ze uitgeeft goed is gespendeerd, is niet meer dan normaal (zie blz. 38).
...

Het valt toe te juichen dat Vlaams minister van Economie Patricia Ceysens (Open VLD) grote schoonmaak wil houden in de veelheid aan instrumenten waarmee de overheid innovatie kan stimuleren. Dat ze bovendien graag zou weten of het belastinggeld dat ze uitgeeft goed is gespendeerd, is niet meer dan normaal (zie blz. 38). Vlaanderen heeft de jongste kwarteeuw te veel beleidsinstrumenten gecreëerd. Dat is begrijpelijk. Een overheid die bevoegdheden krijgt, heeft de natuurlijke neiging om zich te omringen met instellingen en een waaier aan programma's op poten te zetten. Het ging niet anders bij de opeenvolgende Vlaamse regeringen. De huidige is overigens nog altijd in datzelfde bedje ziek, want ze heeft de jongste jaren nieuwe programma's in het leven geroepen. Daar zal ik paal en perk aan stellen, belooft Ceysens. Meer nog, ze wil integreren en saneren. Goed zo. Ze beroept zich voor die keuze op het rapport van een groep experts onder leiding van Luc Soete, professor in Maastricht. Die vindt dat innovatie het best gediend is met een mix van fiscale maatregelen en subsidies. Laten we daar dus voor gaan. Ceysens heeft er zo goed als geen oren naar. Zoals het een liberale past, kiest ze resoluut voor verlaging van belastingen. Subsidies zijn inderdaad marktverstorend en discrimineren, maar starters bijvoorbeeld werken met geleend geld en die zijn gebaat met toelages. Laten we het kind niet met het badwater weggooien. Subsidiestromen als verworven recht kunnen uiteraard niet. Ze zijn bedoeld om private ondernemingen te helpen en zijn per definitie eindig. Het is trouwens verbazingwekkend dat de minister zegt een en ander te willen controleren. Gebeurt dit dan niet? Onvoldoende? Hoe dan ook, dat kan allerminst door de beugel. Om niet te zeggen dat het eigenlijk een schande is. Om de belastingen voor de ondernemingen te verminderen, kiest Ceysens de omweg van de afcentiemen op de personenbelasting - de marge bedraagt er 600 miljoen euro. Ze moet wel, want Vlaanderen kan niet werken via de federaal geregelde vennootschapsbelastingen. Het is te hopen dat het communautaire Octopusoverleg bij federaal vicepremier Yves Leterme (CD&V) die kwestie eindelijk regelt. De deelstaten zijn er immers bij gebaat de instrumenten in handen te krijgen om een sociaaleconomisch beleid kunnen voeren dat op hun maat is gesneden. Ondertussen mag Vlaanderen niet werkeloos toezien. Het kan al heel wat. Zijn instrumenten voor innovatie efficiënter maken, komt alvast de ondernemingen en dus de werkgelegenheid ten goede. Het lijdt zo goed als geen twijfel dat niet alle regeringspartners Ceysens' visie zullen delen en allicht komt er politiek vuurwerk van. Het is dus uitkijken of het rapport-Soete niet het zoveelste wordt dat dode letter blijft. Dat zou meer dan zonde zijn. De tijd dringt: de Vlaamse verkiezingen hebben binnen 506 dagen plaats. (T)Door Boudewijn Vanpeteghem