De automerken hebben tijdens de afgelopen weken vooral gebruik gemaakt van radio en huis-aan-huisbladen om de consument naar hun stand op het Autosalon van Brussel te lokken. Radio en huis-aan-huisbladen zijn tactische media. Volgens Anny Wuyts, commercieel directeur van de Vlaamse Audiovisuele Regie (VAR, de regie die de reclamezendtijd van de VRT aan de man brengt) is er bij de radio duidelijk een verhoging merkbaar van het aandeel tegenover 1997 en dat andere Autosalonjaar 1996. "De automerken waren in die weken dominant aanwezig. ...

De automerken hebben tijdens de afgelopen weken vooral gebruik gemaakt van radio en huis-aan-huisbladen om de consument naar hun stand op het Autosalon van Brussel te lokken. Radio en huis-aan-huisbladen zijn tactische media. Volgens Anny Wuyts, commercieel directeur van de Vlaamse Audiovisuele Regie (VAR, de regie die de reclamezendtijd van de VRT aan de man brengt) is er bij de radio duidelijk een verhoging merkbaar van het aandeel tegenover 1997 en dat andere Autosalonjaar 1996. "De automerken waren in die weken dominant aanwezig. In elk blok waren er wel één of twee," aldus Wuyts. Daarbij werd nog geen rekening gehouden met aanverwante sectoren als autoverzekeringen en autofinancieringen. In totaal waren er zeventien merken die radioreclame maakten tijdens de Salonperiode. De vraag naar reclametijd was groter dan het aanbod. Daarom heeft de VAR in samenspraak met de Unie van Belgische Adverteerders ( UBA) de sectorale exclusiviteit bij uitzondering laten vallen. Normaal kan er maar één automerk in een radioreclameblok komen. Dat was in 1996 ook het geval, en toen heeft men een aantal merken moeten teleurstellen. Dit jaar konden er twee merken in een blok, één aan het begin en één aan het einde. Bij De Streekkrant heeft men nog geen exacte cijfers, maar group account manager Veerle Vromman heeft wel degelijk de indruk dat er meer werd geadverteerd. Ook De Streekkrant wordt vooral tactisch gebruikt, zowel door importeurs als regionale dealers. "We positioneren ons als alternatief voor de dagbladen. Veel auto-importeurs ontdekken dat de consument tijdens deze periode bewust in De Streekkrant bladert," aldus Vromman. In bepaalde regio's waren er zelfs extra-katernen die op ander papier werden gedrukt. De adverteerders lijken de kranten in de Salontijd wat links te laten liggen. Philippe Maejersdorf, research executive bij Scripta (de regie van onder meer de VUM) zegt dat het aandeel auto-advertenties lager ligt dan in 1997 (geen Salonjaar), maar wel het niveau van 1996 haalt. Maejersdorf is ervan overtuigd dat vooral de hoge kosten op het Autosalon de autofabrikanten ertoe aanzetten te bezuinigen op advertenties in dagbladen. Volgens de Scripta research executive lieten heel veel merken dit jaar bijsluiters in de kranten steken. Daardoor bleef de omzet op peil. "Het is moeilijk gissen naar de reden. Maar op die manier kan men wel het hele gamma tonen op wat beter papier," aldus Maejersdorf. Opvallend is dat een Salon niet noodzakelijk leidt tot hogere reclame-uitgaven in de autosector. Op jaarbasis merkt men nagenoeg geen verschillen. Wel zijn er verschuivingen merkbaar op het gebied van mediatype en de spreiding binnen het jaar. In 1995 bedroegen de reclamebestedingen voor auto's 5,373 miljard frank, in 1997 was dat 5,406 miljard frank. Met andere woorden, een verschil van nauwelijks 1%. In januari 1996 werd er 41% méér besteed aan autoreclame. Maar in januari 1997 werd er 25,3% minder uitgegeven dan in januari 1996.