Trends peilde 7519 bedrijven uit de Trends Top 30.000 van Belgische bedrijven over de advocatuur. Iets meer dan de helft van de geënquêteerden was bedrijfsjurist, de helft CEO of algemeen directeur. De respons bedroeg 7 %, wat de meting statistisch relevant maakt. Omdat we een zo breed mogelijk beeld willen geven van de hele Belgische economie, was het staal regionaal erg verspreid.
...

Trends peilde 7519 bedrijven uit de Trends Top 30.000 van Belgische bedrijven over de advocatuur. Iets meer dan de helft van de geënquêteerden was bedrijfsjurist, de helft CEO of algemeen directeur. De respons bedroeg 7 %, wat de meting statistisch relevant maakt. Omdat we een zo breed mogelijk beeld willen geven van de hele Belgische economie, was het staal regionaal erg verspreid. "Een relevant staal," reageert Anne De Wolf, directeur van het Instituut voor Bedrijfsjuristen. "Dit soort onderzoeken beperkt zich soms tot de grote Brusselse ondernemingen en dat geeft een vertekend beeld. Door te peilen in alle provincies, krijg je zicht op de houding van het brede zakenleven op de advocatuur."Het grootste deel (37 %) van de bedrijven heeft 1 à 5 miljoen euro omzet, gevolgd door ondernemingen met 10 à 25 miljoen omzet (19 %). Een op zes haalt 5 à 10 miljoen euro, en een op acht 25 à 100 miljoen euro. Omdat we selecteren uit de Top 30.000, zijn de grotere ondernemingen oververtegenwoordigd. 77 % bestond uit Belgische bedrijven, en de rest waren Belgische vestigingen (waarvan 5 % het hoofdkwartier) van een multinational. We stelden ook de volgende vraag: "Welke drie advocaten (uit verschillende kantoren) met wie u ooit hebt samengewerkt of die u van nabij kent, zijn volgens u de beste advocaten voor bedrijven?" Op die manier wilden we weten welke bedrijfsadvocaten het sterkst werden geapprecieerd, en dit over alle sectoren, provincies en ondernemingen heen. De Wolf: "Te veel lijsten beperken zich tot corporate finance-advocaten. Nu krijg je ook zicht op de allrounders." Ter overweging: meer dan 99 % van de geënquêteerden eist niet dat de advocaat inzetbaar is bij internationale transacties. Wat verwacht het zakenleven dan wel van zijn advocaat? In de eerste plaats dat hij resultaten haalt voor de rechtbank (29 %) en dat hij snel werkt (18 %). Een praktische kennis van het zakenleven is bij 14 % de hoofdvereiste. Opmerkelijk is dat internationale groepen met hun hoofdzetel in België het rechtbankwerk veel minder belangrijk vinden (8 %) dan de snelheid (28 %). Dat zij vooral een beroep doen op hun advocaat als adviseur, blijkt uit het feit dat ze juridische creativiteit sterk naar waarde schatten. Verwaarloosbaar vinden ze dat een advocaat dingen gedaan krijgt bij de overheid of over een maatschappelijk netwerk beschikt. Opvallend: 72 % van deze bedrijven heeft geen general counsel, terwijl 15 % slechts één (al dan niet erkende) bedrijfsjurist heeft. Een kwart van de niet-Belgische bedrijven heeft dan weer meerdere bedrijfsjuristen of zelfs een uitgebouwd juridisch departement. Meestal hebben ondernemingen één (24 %), twee (26 %) of drie (21 %) advocaten. Iets meer dan de helft vindt het ereloon van advocaten in het algemeen correct, maar vier op de tien geënquêteerden denkt toch dat het te hoog is. Over de eigen raadsman is men tevreden. En meer dan twee derde van de klanten bestempelt zijn facturen als correct. Eén op vijf vindt van niet. Bij 61 % van de bedrijven gaat 1 % van de omzet naar erelonen, bij 10 % is dat dubbel zoveel. Belgische advocaten worden op de eerste plaats (89 %) als litigator ingeschakeld, en meer dan de helft van de correspondenten huurt hen in voor advies over arbeidsrecht.