Het werd vorige week duidelijk dat Glenn Audenaert, hoofd van de gerechtelijke politie in Brussel, een brief heeft gestuurd naar minister van Justitie Stefaan De Clerck over een doofpotoperatie bij de Brusselse magistratuur. Spilfiguren in een mogelijke zaak van afpersing van rijke ondernemers met zwarte vermogens zouden zakenadvocaat Robert Peeters en de voorzitter van de Brusselse rechtbank van koophandel, Francine De Tandt, zijn. Audenaert bevestigde de berichten in De Tijd. Peeters diende klacht in wegens laster en eerroof en beschuldigt Audenaert ervan op goede voet te staan met ondernemers tegen wie Peeters processen heeft ingespannen. De twee thesissen staan diametraal tegen elkaar. De Clerck heeft een strafonderzoek bevolen.
...

Het werd vorige week duidelijk dat Glenn Audenaert, hoofd van de gerechtelijke politie in Brussel, een brief heeft gestuurd naar minister van Justitie Stefaan De Clerck over een doofpotoperatie bij de Brusselse magistratuur. Spilfiguren in een mogelijke zaak van afpersing van rijke ondernemers met zwarte vermogens zouden zakenadvocaat Robert Peeters en de voorzitter van de Brusselse rechtbank van koophandel, Francine De Tandt, zijn. Audenaert bevestigde de berichten in De Tijd. Peeters diende klacht in wegens laster en eerroof en beschuldigt Audenaert ervan op goede voet te staan met ondernemers tegen wie Peeters processen heeft ingespannen. De twee thesissen staan diametraal tegen elkaar. De Clerck heeft een strafonderzoek bevolen. Maar dat is volgens bronnen bij de handelsrechtbank in Brussel niet de kern van de zaak. Volgens hen gaat het niet om een persoonlijke afrekening tussen twee individuen, maar om een diepgeworteld systeem van chantage en corruptie. Speurders en onderzoeksrechters botsen al jaren tegen een politiek-affairistische omerta. Onderzoeksdossiers zouden systematisch worden geblokkeerd en toegedekt door Brusselse topmagistraten, van het parket-generaal tot Cassatie. De dag dat de affaire-Peeters/De Tandt in de openbaarheid kwam, liepen bij herstellingswerken toevallig ook nog de kelders van de rechtbank van koophandel in Brussel onder water. Daar lagen heel wat hangende gerechtsdossiers. De zaak-Peeters/De Tandt doet in gerechtelijke kringen ook vragen rijzen over de rol van de magistratuur in een reeks andere gevoelige rechtszaken, zoals Sabena, Fortis, Sobelair, Belgolaise-bank, Donaldson en de affaire-Salik/Kid Cool. Tussen de zaak-Peeters/De Tandt en het faillissement van de Brusselse kledingketen voor kinderen Kid Cool in juni 1999 en de verdere afwikkeling ervan zijn heel wat gelijkenissen. Zoals speurders na huiszoekingen bij advocaat Peeters spreken van een miljoenenfraude en in zijn computer vonnissen vonden die rechter De Tandt nog moest uitspreken - Peeters en de Tandt ontkennen beide aantijgingen- werden bij rechter-commissaris Emile Derey-maeker in juni 2000 huiszoekingen bevolen en op zijn computer aanwijzingen gevonden van mogelijke omkoping door zakenman Salik. De rechter-commissaris zou meermaals buiten zijn rol zijn getreden nadat Salik Kid Cool in juni 1999 feitelijk had overgenomen. La Dernière Heure publiceerde fragmenten uit dagboeknotities die Dereymaeker bijhield op zijn computer en waaruit blijkt dat de rechter-commissaris van Salik geschenken kreeg en betrokken was bij intieme feestjes. Die bevindingen leidden in oktober 2002 tot de inbeschuldigingstelling door onderzoeksrechter Jean-Claude Van Espen van de rechter-commissaris voor valsheid in geschrifte en corruptie. De media publiceerden ook uittreksels van een merkwaardige bandopname waarvan de inhoud door een gerechtsdeurwaarder werd vastgesteld. Daarin zegt een opgewekte Dereymaeker in een telefoongesprek met Pierre Salik: " Bonjour Pierre, c'est Emile." Waarna de rechter meldt dat hij "zonet een heerlijk dinertje" heeft gehad met mevrouw De Tandt en mevrouw Spiritus - toen de ondervoorzitter en voorzitter van de Brusselse handelsrechtbank. " Très positif, maar morgen vertel ik je meer over hun ideetje." Dat gebeurde voordat rechter De Tandt een vonnis velde dat nadelig uitviel voor de vroegere eigenaar van de kledingketen Kid Cool, Patrick Abraham. Daarop kwamen de advocaten van Abraham en Kid Cool het hof van Cassatie met een verzoek tot gewettigde verdenking tegen de hele Brusselse rechtbank van koophandel. Een dergelijk verzoekschrift is vaak een laatste proce-duremiddel dat advocaten gebruiken als zij menen dat hun cliënt niet op onpartijdige wijze werd behandeld. Want ook hier is er een parallel: zoals in de zaak-Peeters blijkt dat rechter De Tandt in haar vonnissen passages zou hebben overgenomen uit de computer van de zakenadvocaat, werden door De Tandt in mei 2000 in de zaak-Kid Cool vonnissen geveld op basis van passages die woord per woord komen uit een rapport van de voorlopige bewindvoerder die Kid Cool runde en aangesteld was door de rechtbank van koophandel na het faillissement van de winkelketen. In beroep werden die vonnissen verbroken. Ook in de zaak-Fortis werden vonnissen van De Tandt in beroep tenietgedaan. Dereymaeker en Salik werden door onderzoeksrechter van Espen in oktober 2002 in beschuldiging gesteld, maar het dossier bleef jaren geblokkeerd. Pas na een brief van Abraham aan toenmalig minister van Justitie Laurette Onkelinx concludeerde het Brussels parket begin 2007 dat er "voldoende elementen zijn om verwijzing naar de correctionele rechtbank te vorderen voor Pierre Salik, zijn twee dochters en rechter-commissaris Emile Dereymaeker". De tenlastelegging luidde: respectievelijk actieve en passieve corruptie van een magistraat. Sindsdien werd de zaak nog niet door de raadkamer doorverwezen naar de correctionele rechtbank. Tien jaar nadat de kledingketen door de Brusselse handelsrechtbank failliet werd verklaard, is er nog geen klaarheid in de zaak-Salik/Kid Cool. De omstandigheden vertonen heel wat gelijkenissen met de zaak van de Brusselse topmagistraten waarvoor politiedirecteur Glenn Audenaert nu naar minister De Clerck trekt. Gezicht: De kuitenbijter van de Brusselse handelsrechtbank, blz. 90 Opinie: De Belgische bananenrepubliek, blz. 8 Door Erik Bruyland