Sommige presidentsverkiezingen lijken op een parade van geestdriftige kiezers die zich rond een kandidaat scharen die hun hoop biedt. Andere lijken meer op een stellingoorlog met twee partijen die er alles aan doen om hun troepen te verzamelen en naar de overwinning te ploeteren. De verkiezing van 2016 is van het ploeterende soort.
...

Sommige presidentsverkiezingen lijken op een parade van geestdriftige kiezers die zich rond een kandidaat scharen die hun hoop biedt. Andere lijken meer op een stellingoorlog met twee partijen die er alles aan doen om hun troepen te verzamelen en naar de overwinning te ploeteren. De verkiezing van 2016 is van het ploeterende soort. De Amerikanen verkeren in partijstemming. Almaar meer onder hen kijken naar allerlei kwesties door een conservatieve of een progressieve bril. Een almaar grotere groep zegt tegen de enquêteurs dat de politieke tegenstanders het welvaren van het land bedreigen. In 2016 moet je al een uilskuiken zijn om over de partijgrenzen heen te proberen iemand van gedachte te doen veranderen. De snuggere kandidaten gaan af op het buikgevoel van de mensen om de opkomst aan hun zijde op te drijven. Er worden recordbedragen gespendeerd. Een versoepeling van de wet op de campagnefinanciering betekent dat de uitgaven door kandidaten, partijen en externe groepen naar verwachting meer dan 5 miljard dollar bedraagt, meer dan het dubbele van de geschatte kostprijs van de presidentsverkiezingen in 2012. De leiders van de Democratische Partij weten dat ze de prestatie van 2012 niet kunnen overdoen. Barack Obama zag toen de opkomst van bepaalde groepen, in het bijzonder zwarte kiezers, boven het niveau van 2008 uitstijgen. Die 'Obama bump' was hoogst ongebruikelijk voor een president die naar een tweede ambtstermijn streeft. In 2016 daalt de zwarte opkomst. Jonge kiezers worden niet zo makkelijk opgewonden door Hillary Clinton, een ontzettend beheerste persoonlijkheid die nog voor de verkiezingsdag 69 wordt. De voormalige minister van Buitenlandse Zaken en first lady tracht het verlies van Obamakiezers te compenseren door haar loyaalste supporters, waaronder niet-blanke vrouwen en vrouwen met een universiteitsdiploma, te activeren. De Republikeinse leiding is zich ervan bewust dat de catastrofe van 2012 niet voor herhaling vatbaar is. De partij wees toen de onhandige technocraat Mitt Romney aan, die tijdens een lange en dure selectiestrijd verplicht werd uiterst rechtse standpunten in te nemen over zaken als immigratie. Het voorverkiezingsseizoen van 2016 wordt dus kort en krachtig. In februari zijn er vier voorverkiezingen, in Iowa, New Hampshire, South Carolina en Nevada. Op 1 maart, 'Super Tuesday', houdt zo'n dozijn staten, grotendeels in het Bijbel-getrouwe, wapenvriendelijke zuiden, voorverkiezingen. De partijbonzen hopen dat een van de kandidaten al tegen april de nominatie in de wacht sleept. De conservatieve basis en het Republikeinse establishment zijn het oneens over de redenen waarom Romney verloor. Militanten zeggen dat hij een wereldvreemde, gematigde elitefiguur was, die verslagen werd omdat miljoenen misnoegde conservatieven thuisbleven. De Republikeinse top voert daarentegen aan dat hij verloor omdat hij het niet zo goed deed bij de snelgroeiende kiezersgroepen, zoals ongehuwde vrouwen en mensen van Latijns-Amerikaanse of Aziatische afkomst. De cijfers lijken de bonzen gelijk te geven. In 2012 sleepte Romney meer blanke stemmen in de wacht dan Ronald Reagan in 1980. Had hij dezelfde campagne gevoerd in het Amerika van Reagan, een land waar bijna negen op de tien kiezers blank waren, dan zou hij een verpletterende overwinning hebben behaald. Maar in de demografie van 2012 kreeg hij een flinke afstraffing. In 2016 is het kiezerskorps nog diverser en wordt 30 procent van de stemmen uitgebracht door niet-blanken. Ongelukkig voor de Republikeinen weerspiegelt de Republikeinse kiezerspool niet die diversiteit van het algemene kiespubliek. Amper 20 miljoen Republikeinen, ouder, veel blanker en conservatiever dan de doorsnee-Amerikaan, brengen hun stem uit om een kandidaat aan te wijzen. Omdat ze de Democraten echt verafschuwen, kiezen ze voor een kandidaat die aanvaardbaar is voor de grote donateurs en de machtsmakelaars van de partij -- iemand als senator Marco Rubio van Florida bijvoorbeeld. Het proces gaat dan wel gepaard met een meedogenloze strijd, die de kandidaten dwingt harde standpunten in te nemen over alles, van abortus en wapens tot immigratie. Twee vermoeide en gehavende partijen slepen zich uiteindelijk naar de eindmeet. De Democraten zijn nauwelijks in betere conditie dan de Republikeinen. Het is moeilijk om na twee ambtstermijnen het Witte Huis in handen te houden, zelfs als de kiezers gunstig gezind zijn. Maar in 2016 zijn ze alleen maar knorrig. Clinton, een beleidsexperte met jaren van ervaring aan de top, is meer indrukwekkend dan aantrekkelijk. Sommige demografische verschuivingen spelen een minder doorslaggevende rol dan vele Democraten verwachten. Het eindresultaat kan afhangen van factoren buiten de controle van de kandidaten. Als het Amerikaanse herstel ontspoort in 2016, verliezen de Democraten. Als de economie blijft voortpuffen, kan Clinton een nipte overwinning uit de brand redden. Maar dan wordt ze nog altijd geconfronteerd met een Congres dat gedomineerd wordt door haar vijanden. Het Huis van Afgevaardigden blijft in 2016 in Republikeinse handen en mogelijk de Senaat ook. En dan beginnen de zorgen voor Clinton pas. De auteur is bureauchef in Washington en Lexington-columnist van The Economist. DAVID RENNIE, ILLUSTRATIE JENS CLAESSENSTwee vermoeide en gehavende partijen slepen zich uiteindelijk naar de eindmeet.