Belgen hebben recht op een belastingvermindering als ze sparen voor een individueel aanvullend pensioen. In 2012 bedroeg de maximale premie die daarvoor in aanmerking kwam 910 euro per spaarder, in 2013 werd dat bedrag geïndexeerd tot 940 euro. Om te berekenen hoeveel belasting u bespaart door dat bedrag fiscaal in te brengen, moest u tot eind 2011 de betaalde premie vermenigvuldigen met de bijzondere gemiddelde aanslagvoet. Die hangt af van uw gecorrigeerde belastbare inkomen, met een minimum van 30 procent en een maximum van 40 procent, plus de uitgespaarde gemeentebelasting. Sinds 2012 is het belastingvoordeel van het fiscale pensioensparen niet meer gelinkt aan het inkomen. Er geldt nu een vaste belastingvermindering van 30 procent, plus de uitgespaarde gemeentebelasting. In het slechtste geval is uw effectieve belastingvoordeel dus 10 procent lager dan vroeger.
...

Belgen hebben recht op een belastingvermindering als ze sparen voor een individueel aanvullend pensioen. In 2012 bedroeg de maximale premie die daarvoor in aanmerking kwam 910 euro per spaarder, in 2013 werd dat bedrag geïndexeerd tot 940 euro. Om te berekenen hoeveel belasting u bespaart door dat bedrag fiscaal in te brengen, moest u tot eind 2011 de betaalde premie vermenigvuldigen met de bijzondere gemiddelde aanslagvoet. Die hangt af van uw gecorrigeerde belastbare inkomen, met een minimum van 30 procent en een maximum van 40 procent, plus de uitgespaarde gemeentebelasting. Sinds 2012 is het belastingvoordeel van het fiscale pensioensparen niet meer gelinkt aan het inkomen. Er geldt nu een vaste belastingvermindering van 30 procent, plus de uitgespaarde gemeentebelasting. In het slechtste geval is uw effectieve belastingvoordeel dus 10 procent lager dan vroeger. Wie aan fiscaal pensioensparen wil doen, kan kiezen tussen een pensioenspaarfonds en een pensioenspaarverzekering. Een pensioenspaarverzekering is een tak21-levensverzekering die een vast rendement opbrengt. Momenteel bedraagt dat 2,25 à 2,50 procent per jaar, afhankelijk van de verzekeraar. Daarbovenop krijgt u een variabele bonus in de vorm van een jaarlijkse winstdeelneming. Opteert u voor een pensioenspaarfonds, dan weet u vooraf niet hoeveel uw premies zullen opbrengen. De prestaties van zo'n fonds worden bepaald door de evolutie van de beurs. Het rendement kan hoger zijn dan dat van een pensioenspaarverzekering. Als u een beleggingshorizon van meer dan tien jaar hebt en niet wakker ligt van mogelijke koersschommelingen, is een pensioenspaarfonds voor u de meest geschikte formule. In ruil voor het fiscale voordeel op de premies betaalt u op uw zestigste een eenmalige belasting van 10 procent op de opgerente premies, of 16,5 procent op de opgerente premies die u hebt gestort vóór 1993. Hebt u een pensioenspaarverzekering, dan houdt uw bank of verzekeraar dat percentage af van het werkelijke rendement, de winstdeelnemingen uitgezonderd. Als uw contract bijvoorbeeld 2,5 procent per jaar oplevert, bent u dus 10 of 16,5 procent belasting verschuldigd op de gestorte premies, opgerent tegen 2,5 procent. Hebt u een pensioenspaarfonds, dan gaat de fiscus ervan uit dat uw contract minstens 4,75 procent per jaar heeft opgeleverd, of 6,25 procent per jaar voor de premies die u hebt betaald vóór 1993. Als uw fonds minder goed heeft gepresteerd, betaalt u daardoor belasting op een hogere opbrengst dan u in werkelijkheid hebt gehad. De beheerders van pensioenspaarfondsen mogen de premies niet zomaar beleggen. Ze zijn gebonden aan wettelijke regels. Maximaal 75 procent van de premies mag worden belegd in aandelen of maximaal 75 procent in obligaties. Maximaal 10 procent van de premies mag in cash op een rekening in euro of in een munt van een lidstaat van de Europese Economische Ruimte worden geplaatst. En maximaal 20 procent van de premies mag worden belegd in een andere munt dan de euro. De banken en de verzekeraars brengen die regels op verschillende manieren in praktijk. De ene beheerder neemt meer risico's dan de andere. De meeste portefeuilles van pensioenspaarfondsen worden dynamisch beheerd. Dat betekent dat de premies van de spaarders voor het grootste deel in aandelen worden belegd. Wilt u de portefeuillesamenstelling van uw pensioenspaarfonds kennen, dan kunt u het prospectus ervan opvragen bij uw bank of verzekeraar, of het fonds opzoeken op de website van Morningstar. Sinds 2003 zijn er ook defensieve pensioenspaarfondsen op de Belgische markt. Het grootste deel van die premies wordt belegd in obligaties. Er zijn ook pensioenspaarfondsen met een neutrale beleggingsstrategie. Die houdt in dat ongeveer de helft in aandelen en de helft in obligaties wordt geïnvesteerd. 2012 was een uitstekend jaar voor de aandelenmarkten. De pensioenspaarfondsen haalden daardoor rendementen tussen 6,61 en 17,1 procent. Kijken we naar de gemiddelde jaaropbrengst van de jongte drie jaar, dan scoort geen enkel fonds in het rood (zie tabel Het rendement van pensioenspaarfondsen). Over de jongste vijf jaar zijn de gemiddelde resultaten licht positief, ondanks de beurscrisis die in 2008 losbrak. Opvallend is dat de rendementsverschillen tussen dynamische, defensieve en neutrale fondsen te verwaarlozen zijn. Defensieve en neutrale fondsen kunnen vooral in slechte beursjaren de verliezen beperken; in goede beursjaren profiteren ze mee van het goede beleggingsklimaat. Belangrijk om te weten is dat die cijfers momentopnames zijn. De goede prestaties van een pensioenspaarfonds bieden geen enkele garantie voor de toekomst. JOHAN STEENACKERS