Het dossier rond de vennootschappen Temse en Hoboken Rederij en Yatzy is nog een overblijfsel van het eerste faillissement op 28 oktober 1992 van de Boelwerf in Temse. Yatzy NV was de eigenaar van het fameuze gelijknamige boorplatform, dat in de jaren tachtig in Temse was gebouwd. Temse en Hoboken Rederij was dan weer de eigenaar van Yatzy NV en een dochter van Boelwerf NV.
...

Het dossier rond de vennootschappen Temse en Hoboken Rederij en Yatzy is nog een overblijfsel van het eerste faillissement op 28 oktober 1992 van de Boelwerf in Temse. Yatzy NV was de eigenaar van het fameuze gelijknamige boorplatform, dat in de jaren tachtig in Temse was gebouwd. Temse en Hoboken Rederij was dan weer de eigenaar van Yatzy NV en een dochter van Boelwerf NV. Het boorplatform Yatzy was bestemd voor olieboringen voor de kust van Brazilië door Petrobras, de Braziliaanse nationale oliemaatschappij. Toen de scheepswerf failliet ging, was het boorplatform wel al gebouwd en actief, maar nog niet verkocht. Het werd uiteindelijk in 1995 aan Petrobras verkocht voor 51 miljoen dollar, ongeveer de helft van de kostprijs. Binnen het grote gerechtelijke onderzoek rond de vermeende Boelwerf-fraude met Andy Lubbe Bakker (van de rederij Friary) en Terry Highlands werd in Dendermonde ook een opsporingsonderzoek geopend naar het eerste faillissement van de werf. Daarbij viel het oog op de vennootschappen Yatzy en Temse en Hoboken Rederij. Sinds de verkoop van het boorplatform torsen die niet veel anders dan een gigantische schuldenberg en een al even negatief eigen vermogen. Sinds juni 1998 zijn de vennootschappen in vereffening gezet, met als vereffenaar Christian Van Buggenhout, curator van het eerste faillissement van Boelwerf. Zo had Temse en Hoboken Rederij eind 2000 een eigen vermogen van -76,75 miljoen euro en een schuldenberg van 115,411 miljoen euro. Bij Yatzy bedroeg dat eigen vermogen toen -127,893 miljoen euro, terwijl de schuldenberg was opgeklommen tot 127,86 miljoen euro. Yatzy heeft vooral schulden uitstaan bij Temse en Hoboken Rederij, die op haar beurt in het rood staat bij de failliete Boelwerf en bij de Nationale Maatschappij voor Krediet aan de Nijverheid (NMKN). Gezien het systeem van de staatswaarborg bij de scheepskredieten vallen die schulden ten laste van de overheid. Het parket is boos en achterdochtig, omdat het al maanden wacht op informatie van de NMKN in verband met dit dossier. Bij het parket vermoeden ze dat de praktijken die nu Highlands en Bakker worden verweten, al onder 'Boelwerf I' werden toegepast. Daarbij werden volgens het gerecht de overheidskredieten frauduleus aangewend om daarmee de eigen middelen te financieren die nodig waren voor de bouw van de schepen. Ook stelt het parket zich vragen bij het feit dat Van Buggenhout hier de rol vervult van curator van de Boelwerf én tegelijk vereffenaar is van dochtervennootschappen die nog pakken geld aan de failliete scheepswerf moeten. Dreigt hier geen belangenconflict?Voor Christian Van Buggenhout zijn er geen problemen met het voortduren van de vereffening. Er zijn rond Yatzy nog twee kleine geschillen: een technisch dossier met de belastingen enerzijds en een geschil met een makelaar van het boorplatform. Dat laatste dossier zou volgens Van Buggenhout in oktober voor het Gentse hof van beroep worden beslecht. Volgens hem kan de vereffening dan ook eind dit jaar worden gesloten.Inzake het mogelijke belangenconflict is hij formeel. Van Buggenhout: "Het is maar dankzij mijn optreden dat het boorplatform nog op serieuze wijze te gelde kon worden gemaakt. Nu een curator aanstellen, kan alleen de kosten opdrijven. Bovendien gaan alle schuldeisers akkoord met die situatie."W.V.D. [{ssquf}]