Op 22 april ontplofte het olieboorplatform Deepwater Horizon van Transocean, gehuurd door oliereus British Petroleum, in de Golf van Mexico en zonk. Vele dagen bleef de omvang van de ramp onduidelijk door zeer tegenstrijdige berichten. Maar na een week werd ook door BP toegegeven dat er dagelijks meerdere duizenden equivalenten aan olievaten in de Golf van Mexico stromen. Daardoor ontstond er een kilomet...

Op 22 april ontplofte het olieboorplatform Deepwater Horizon van Transocean, gehuurd door oliereus British Petroleum, in de Golf van Mexico en zonk. Vele dagen bleef de omvang van de ramp onduidelijk door zeer tegenstrijdige berichten. Maar na een week werd ook door BP toegegeven dat er dagelijks meerdere duizenden equivalenten aan olievaten in de Golf van Mexico stromen. Daardoor ontstond er een kilometerslange olievlek. Die heeft ondertussen de Amerikaanse kust bereikt, te beginnen met de stranden van de zuidelijke staat Louisiana. De olievlek beheerste de voorbije weken het wereldnieuws. De ontploffing groeit uit tot een milieucatastrofe die vergelijkbaar is met of zelfs erger dan de ramp met de doormidden gebroken olietanker Exxon Valdez in Alaska in 1989. Dat is natuurlijk een heel vervelende zaak. Ook voor Transocean, dat een van de zes betrokken partijen (direct of indirect, in meerdere of mindere mate) is. Het lijkt ons duidelijk dat de Britse oliemajor BP de hoofdschuldige is en zo niet volledig, dan toch voor het grootste deel van de kosten zal moeten opdraaien. Uiteraard zal daarover jarenlang juridische onzekerheid bestaan. De koers van Transocean deelt in de klappen en verloor al meer dan 20 %. Er zijn twee juridische zaken voor Transocean. Ten eerste met het bedrijf als eisende partij ten aanzien van BP voor het verlies van het platform. Ten tweede als een van de beklaagde partijen voor de aangerichte milieuschade en de opruimings- en bestrijdingskosten. Wat vaststaat, is dat de beurskapitalisatie van Transocean 6,5 tot 7 miljard dollar is gekrompen en dat de zes betrokken bedrijven in totaal meer dan 30 miljard dollar aan beurskapitalisatie zijn kwijtgespeeld. Terwijl de totale kostprijs van de ramp met de Exxon Valdez 10 miljard dollar bedroeg. De kans dat er overdreven wordt, is dus reëel. Zeker omdat Transocean de grootste verhuurder van olieboorinstallaties ter wereld is en beschikt over 140 installaties, waarvan een 50-tal recente die in de diepzee kunnen boren. Al die installaties (op de gezonken installatie na) worden gewoon verder verhuurd en blijven dus voor inkomsten zorgen. Transocean is wereldmarktleider met een marktaandeel van 22 % en wordt verhandeld aan minder dan 8 keer de winst. Een koopopportuniteit! (C)Door Danny Reweghs