Sinds 1 december is de wetgeving op outplacement strenger. Werkgevers moeten oudere ontslagen werknemers dus beter begeleiden bij hun zoektocht naar een nieuwe job. Outplacement bestaat eigenlijk uit een pakket van begeleidende diensten en adviezen, die door gespecialiseerde kantoren worden geleverd. Op dit moment kan een werkgever op eigen initiatief outplacement aanbieden aan de meeste werknemers van 45 jaar en ouder. Tenminste als die minstens een jaar anciënniteit hebben. Tot nu toe was er alleen een verplichting om de werknemer over zijn r...

Sinds 1 december is de wetgeving op outplacement strenger. Werkgevers moeten oudere ontslagen werknemers dus beter begeleiden bij hun zoektocht naar een nieuwe job. Outplacement bestaat eigenlijk uit een pakket van begeleidende diensten en adviezen, die door gespecialiseerde kantoren worden geleverd. Op dit moment kan een werkgever op eigen initiatief outplacement aanbieden aan de meeste werknemers van 45 jaar en ouder. Tenminste als die minstens een jaar anciënniteit hebben. Tot nu toe was er alleen een verplichting om de werknemer over zijn recht op outplacement te informeren. Pas als de werknemer daar uitdrukkelijk om vroeg, moest de werkgever effectief een outplacementaanbod doen. Volgens het Neutraal Syndicaat voor Zelfstandigen (NSZ) zal met de nieuwe regeling meer gebruik worden gemaakt van outplacement met als gevolg dat dit voor werkgevers veel meer kosten met zich zal brengen. Daarom vraagt het NSZ dat de kosten voor de begeleiding van ontslagen 45-plussers niet langer worden gedragen door de bedrijven, maar door de overheid. "Zoniet zullen bedrijven in de toekomst wel twee keer nadenken alvorens een 45-plusser aan te nemen", stelt het NSZ. De kostprijs van outplacement ligt tussen 1500 en 2000 euro voor arbeiders, en tussen 2500 en 4000 voor bedienden. Als de werkgever de verplichting niet nakomt, moet hij een boete van 1800 euro betalen. "Een hogere factuur waar veel werkgevers verrast van opkijken", zegt Christine Mattheeuws van het NSZ. "Opmerkelijk is dat de aanwerving van vijftigplussers wordt aangemoedigd door een tewerkstellingspremie die voor bedrijven, afhankelijk van het brutoloon kan oplopen tot 3000 euro per kwartaal." De verplichting tot een outplacement-aanbod geldt evenwel niet voor sommige categorieën van werknemers, die niet beschikbaar dienen te zijn voor de arbeidsmarkt. Bijvoorbeeld sommige categorieën kandidaat-bruggepensioneerden. Ook deeltijdse werknemers die minder dan halftijds werken, hoeven geen outplacementaanbod te krijgen. Werknemers die tot deze vrijgestelde categorieën behoren, hebben wel het recht om outplacement aan te vragen. Vragen ze geen outplacement aan, dan hebben ze geen recht op sollicitatieverlof. Bovendien moet vanaf 2008 iedere bruggepensioneerde jonger dan 58 jaar beschikbaar zijn voor de arbeidsmarkt. Die werknemers hebben bijgevolg recht op outplacement. "De vraag is natuurlijk of werknemers en bedrijven daar klaar voor zijn?", vraagt Lynn Coutigny van outplacementspecialist Right Management Consultants zich af, "Voeren bedrijven een hr-beleid om zulke bruggepensioneerden aan te werven? Gaat het hier niet om een verloren generatie, die voor zichzelf al had uitgemaakt dat het brugpensioen ook de facto het einde van hun carrière betekent?" A.M.