"Hoe de wereldeconomie er de komende jaren zal uitzien, hangt in grote mate af van de aard en de kracht van de herneming van de Amerikaanse economie," zo verklaarde Larry Summers onlangs. Onder president Bill Clinton was Summers minister van Financiën, vandaag is hij de (omstreden) president van de universiteit van Harvard.
...

"Hoe de wereldeconomie er de komende jaren zal uitzien, hangt in grote mate af van de aard en de kracht van de herneming van de Amerikaanse economie," zo verklaarde Larry Summers onlangs. Onder president Bill Clinton was Summers minister van Financiën, vandaag is hij de (omstreden) president van de universiteit van Harvard. Uitgaande van Summers' stelling trad er voor de wereldeconomie de voorbije weken een drastische verandering ten goede op. De meeste conjunctuurvoorspellers trokken hun groeiprognose voor de Amerikaanse economie dit jaar gevoelig op, ook al blijven de werkloosheidscijfers een jojobeweging maken en tonen de winstperspectieven van bedrijven weinig beterschap. Zowat iedereen ziet de Verenigde Staten tussen het laatste kwartaal van 2001 en het laatste kwartaal van 2002 nu groeien met minstens 3% (ter vergelijking: tussen het laatste kwartaal van 2000 en het laatste kwartaal van 2001 was er een krimp met 0,4%). Volgens de investeringsbank JP Morgan liggen voor de wereldeconomie de corresponderende percentages respectievelijk op +2,5% en +0,2%. Stephen Roach, hoofdeconoom van Morgan Stanley, begint dan ook geïsoleerd te staan met zijn vrees voor een ' double dip' (een kortstondige herleving, gevolgd door een nieuwe duik in de economische activiteit). Roach blijft erbij dat vooral de evolutie van de consumptie-uitgaven in de VS op "een onhoudbaar traject" zit. Kenneth Rogoff, directeur van het researchdepartement van het Internationaal Monetair Fonds (IMF) en voorheen economieprofessor aan Harvard, meent dat er hoe langer hoe minder vrees hoeft te bestaan voor zo'n dubbele duik van de Amerikaanse economie. Toch maant hij, aan de vooravond van de voorstelling van de nieuwste World Economic Outlook van zijn instelling, in een gesprek met Trends aan tot voorzichtigheid. "Het verbaast mij," aldus Rogoff, "dat vele analisten nu al zo luchtig doen over wat er het voorbije jaar is gebeurd. Sommigen geven zelfs de indruk dat er nooit sprake is geweest van een serieus probleem. Niets is minder waar. We zijn maar op het nippertje ontsnapt aan de vierde wereldwijd gesynchroniseerde recessie in de jongste dertig jaar. Op bepaalde momenten ging het zeer hard bergafwaarts. De wereldwijde industriële productie daalde meer dan een jaar onafgebroken. Hoewel de wereldwijde economische groei in 2001 nog positief bleef, zakte het ritme van de wereldhandel van +12% in 2000 naar nagenoeg nul in 2001. Die terugval was veel groter dan deze die we registreerden in 1991, de vorige wereldwijde gesynchroniseerde recessie". Kenneth Rogoff raadt aan om de les van Japan - dat zich nu al voor de derde keer binnen hetzelfde decennium in een recessie bevindt - niet te vergeten. "De problemen in de Japanse financiële sector spelen een belangrijke rol in die negatieve spiraal. Zodra financiële en bancaire problemen de kans krijgen om zich in te graven in een ongunstige conjuncturele omgeving bestaat het gevaar dat een terugval van de economische groei omslaat in een langdurige periode van stagnatie," aldus de IMF-hoofdeconoom.Dat de Amerikaanse economie niet terechtkwam in het onzalige Japanse scenario, met alle nefaste gevolgen vandien voor de rest van de wereld, schrijft Kenneth Rogoff toe aan twee elementen: doortastendheid en toeval: "De Amerikaanse centrale bank versoepelde niet alleen tijdig, maar ook op een doorgedreven manier haar monetaire beleid. De factor toeval speelde veeleer aan budgettaire kant. De verkiezingsbelofte van president George W. Bush tot onmiddellijke belastingverlaging kwam, vanuit conjunctureel oogpunt, op het goede moment. Bovendien zorgde de oorlog in Afghanistan voor een forse toename van de militaire uitgaven op korte termijn. Ook dat werkte positief in op de economische activiteit". Op de vraag of de Europese Centrale Bank ( ECB) wel voldoende inspanning leverde om de economische activiteit aan te zwengelen, wil Rogoff alleen kwijt dat "de ECB minder agressief optrad dan de Amerikaanse Federal Reserve". En wanneer we hem vragen wat hij vindt van het feit dat de Fed en haar voorzitter Alan Greenspan enkele maanden geleden met de idee speelden om rechtstreeks in te grijpen op de aandelenbeurzen en zo de koersval te stoppen, antwoordt hij met "geen commentaar". De aanslagen van 11 september 2001, de antraxpsychose tijdens de daaropvolgende weken, het faillissement van het energiebedrijf Enron (het grootste bedrijfsfaillissement uit de geschiedenis) en de complete chaos in Argentinië (het grootste landenfaillissement ooit) zijn vier gebeurtenissen waarvan men had kunnen verwachten dat zij de wereldeconomie zouden onderuithalen. Dat dit slechts in zeer beperkte mate gebeurde, vormt ook voor Kenneth Rogoff een aangename verrassing die "nauw aansluit bij de vaststelling dat de voorbije dertig jaar recessies in de geïndustrialiseerde landen almaar milder werden en het internationaal financieel systeem blijkbaar almaar schokbestendiger werd." Toch steekt Rogoff een waarschuwende vinger op: "Beleidsvoerders hebben al te vaak de neiging om over de noodzaak van structurele ingrepen te praten als het slecht gaat om dan, wanneer het conjuncturele tij keert, lui in hun zetel te gaan liggen. Zo'n houding breekt vroeg of laat zuur op. Er is vandaag trouwens geen gebrek aan problemen die een structurele aanpak vereisen. Ik denk aan het tekort op de Amerikaanse lopende rekening van de betalingsbalans, een probleem dat niet los kan worden gezien van de aanzienlijke schuldposities die Amerikaanse bedrijven en vooral gezinnen de voorbije jaren opbouwden. In Japan moet men dringend de patstelling in de banksector doorbreken en Europa moet eindelijk werk maken van ernstige hervormingen inzake de arbeidsmarkt en bepaalde productmarkten." Johan Van Overtveldt [{ssquf}]"Het verbaast mij dat vele analisten nu al zo luchtig doen over wat er het voorbije jaar is gebeurd."