Negen op de tien Trends Gazellen hebben de voorbije twee jaar investeringen gedaan, crisis of geen crisis. In bijna twee derden van de gevallen, of 63 procent, ging het om uitbreidingsinvesteringen. Dat positieve beeld komt uit een enquête van Trends en het audit- en advieskantoor KPMG bij 730 Trends Gazellen.
...

Negen op de tien Trends Gazellen hebben de voorbije twee jaar investeringen gedaan, crisis of geen crisis. In bijna twee derden van de gevallen, of 63 procent, ging het om uitbreidingsinvesteringen. Dat positieve beeld komt uit een enquête van Trends en het audit- en advieskantoor KPMG bij 730 Trends Gazellen. De uitbreidingsinvesteringen komen bovenop de vernieuwing van het productieapparaat. Meer dan de helft van de respondenten, of 55,2 procent, maakt melding van vervangingsinvesteringen in de voorbije twee jaar. Zowat 44 procent vernieuwde ook zijn productieprocessen, en een kwart investeerde in onderzoek en ontwikkeling. Waar hebben de Trends Gazellen het geld gevonden voor al die investeringen? Een klein derde, of 30,3 procent, doet een beroep op een of andere vorm van krediet. Ruim de helft, of 51,8 procent, financiert zijn investeringen met eigen cashflow. Kapitaalverhogingen blijven marginaal: slechts 1,6 procent van de respondenten maakt er gebruik van. Tussen de schaarse kapitaalverhogingen en de populariteit van financiering met eigen cashflow bestaat er een verband, merkt Patrick Moermans op, bestuurder van Degroof Corporate Finance, een volle dochter van zakenbank Degroof. "Het slechte beursklimaat van de afgelopen jaren zorgde voor een lage waardering van de aandelen", aldus Moermans. "Dat zet een rem op kapitaalverhogingen via externe geldschieters. De bestaande aandeelhouders willen hun belang niet te veel zien verwateren. Wat doen ze dan? Het kapitaal versterken door cashflow niet uit keren als dividend, maar in het bedrijf te houden. Ik noem het een indirecte kapitaalverhoging." De hoge graad van zelffinanciering oogt positief, maar verhult bij bepaalde bedrijven een andere realiteit. "Voor sommige is autofinanciering de enige optie, omdat ze geen lening of bijkomende lening bij de banken kunnen krijgen," zegt Moermans. "Hun businessmodel is te kwetsbaar is, of ze hebben al te veel krediet uitstaan, zodat de balans tussen eigen en vreemd vermogen uit evenwicht dreigt te geraken. Die zelffinanciering betekent ook dat de aandeelhouders vaak jarenlang moeten verzaken aan dividenden." Of doen de banken gewoon moeilijk? Dat blijkt niet meteen uit de enquête. Op de vraag 'Had uw bedrijf het moeilijk om aan investeringskredieten te geraken?' antwoordt 48 procent 'Neen, dat ging probleemloos.' Bij zowat 30 procent luidt het 'Neen, wij hebben geen bankkrediet aangevraagd.' Het neemt niet weg dat een tiende van de respondenten botst op de vraag om meer waarborgen, en nog eens een tiende op strengere eisen voor de financiële gezondheid. "Je ziet vandaag een dubbel beeld", zegt Moermans. "Een gezond bedrijf met een stevige marktpositie geraakt probleemloos aan bankkredieten, of kan de kapitaalmarkt aanspreken via bijvoorbeeld de uitgifte van een obligatie. Sterker nog, zo'n ondernemer krijgt vaak bankiers over de vloer met de vraag of zij hem kredieten mogen verstrekken. Bedrijven in een minder rooskleurige positie krijgen moeilijk kredieten vast, of moeten meer waarborgen geven. De crisis heeft dat nog aangescherpt." Strengere banken, het ligt in lijn met de bevindingen van Geert Janssens, hoofdeconoom van VKW Metena. "In een enquête klaagde 80 procent van onze leden dat de banken meer waarborgen vragen. Een enquête door de Europese Centrale Bank van november wijst uit dat 15 procent van de Belgische kmo's ofwel geen krediet krijgt, ofwel beduidend minder dan gevraagd. Nog eens 6 procent vindt de kostprijs van het krediet te hoog, of moet lang wachten op een antwoord van de bank." Het zijn allemaal vormen van kredietrantsoenering door de bank. Van alle Belgische kmo's met minder dan 250 werknemers, heeft ruim 1 op de 10 ermee te maken, blijkt uit een schatting door VKW Metena van eind vorig jaar. Het gaat om zowat 32.000 kmo's. Het lijkt in tegenspraak met de stijging van de uitstaande kredieten aan Belgische bedrijven tijdens de voorbije vijf jaar, maar dat is schijn. De gestegen kredietverlening kwam vooral de gevestigde bedrijven ten goede, volgens Janssens. Hij ziet, net als Moermans, een ambiguïteit aan het werk. "Banken spitsen hun kredietverlening steeds meer toe op grote bedrijven of kmo's met sterke balansen, wegens de lagere risicograad. Op die manier proberen ze hun winstmarge te verbeteren. Voor kredieten aan kleine bedrijfjes is het risico voor de bank veel moeilijker in te schatten, bij gebrek aan adequate financiële gegevens. Nog moeilijker liggen innovatieve, riskante projecten, en kredieten voor meer dan zeven jaar: voor dat soort financieringen kun je nauwelijks nog terecht bij banken." Wat met de toekomst? Die zien de Trends Gazellen met vertrouwen tegemoet. Op de vraag 'Heeft uw bedrijf investeringsplannen voor de komende twee jaar' antwoordt 76,8 procent bevestigend, of meer dan drie kwart. Het gros van die groep, of 62,3 procent, plant uitbreidingsinvesteringen. "Het is niet omdat het crisis is, dat bedrijven stoppen met plannen te maken", zegt Moermans. "Dat zie ik aan onze klanten. Ze blijven investeren in groei, of in de versteviging van hun marktpositie. Toch staat bij velen de rem erop. Ze moeten hun financiële toestand in de gaten houden. Dat betekent een kleiner investeringsbudget. Je kan niet langer al je projecten uitvoeren. De ene zal kiezen voor investeringen in onderzoek en ontwikkeling, om met nieuwe producten versterkt uit de crisis te komen. De andere zal de voorkeur geven aan capaciteitsuitbreiding, omdat de bestaande producten goed lopen. In tijden van crisis moet je je prioriteiten kennen." JOZEF VANGELDER"Voor sommige Gazellen is autofinanciering de enige optie, omdat ze geen lening of bijkomende lening bij de banken kunnen krijgen" Patrick Moermans, Degroof Corporate Finance