Bijna elke onderneming in bijna elke sector ondervindt de digitale revolutie. Geen bedrijfsleider kan nog naast de opkomst van mobiel computeren, big data, kunstmatige intelligentie en dies meer kijken. De nieuwe technologie belooft de bedrijven enorme efficiëntiewinsten, maar houdt ook de dreiging in dat ze ingemaakt worden door de ene of de andere parvenu uit Silicon Valley.
...

Bijna elke onderneming in bijna elke sector ondervindt de digitale revolutie. Geen bedrijfsleider kan nog naast de opkomst van mobiel computeren, big data, kunstmatige intelligentie en dies meer kijken. De nieuwe technologie belooft de bedrijven enorme efficiëntiewinsten, maar houdt ook de dreiging in dat ze ingemaakt worden door de ene of de andere parvenu uit Silicon Valley. Tot nu toe vond die beroering plaats tegen een ongewoon rustige achtergrond. De wereldeconomie was futloos, maar relatief stabiel: het wereld-bbp groeide sinds 2012 elk jaar in bijna exact hetzelfde trage tempo van 3 procent. De financiële markten waren weinig volatiel en de aandelenkoersen gingen er grotendeels op vooruit. Trage groei is normaal gezien geen goed nieuws voor bedrijven, maar eigenaardig genoeg droeg de economische stabiliteit ertoe bij om de technologische beroering te keren. In plaats van moeilijke beslissingen te moeten nemen over nieuwe investeringen in snel veranderende sectoren, konden de CEO's hun winsten besteden aan de inkoop van eigen aandelen. In de Verenigde Staten bereikten dergelijke buy-backs halverwege 2014 een recordpeil van 500 miljard dollar op jaarbasis. De oplopende winsten moedigden ook fusies en acquisities aan. De waarde daarvan overtrof in 2014 waarschijnlijk 3 biljoen dollar, omdat ondernemingen, gaande van de media- tot de gezondheidssector, hun positie trachtten te beschermen tegen het technologische tumult door elkaar op te kopen. In 2015 komt aan dat alles een einde. Bedrijfsleiders kunnen niet langer rekenen op de stabiliteit van de financiële markten als buffer tegen de ontwrichting in hun sectoren, omdat de macro-economische omgeving wispelturiger en de micro- economische beroering alleen maar erger wordt. De digitale revolutie wint aan snelheid. Zowat 4,5 miljard mensen bezitten tegen het einde van 2016 een smartphone, tegenover 2,8 miljard vandaag. De helft van het geld dat ondernemingen spenderen aan de informatietechnologie gaat tegen 2016 naar cloud computing. Er worden almaar meer jobs verschoven of opnieuw gedefinieerd. Uber, de firma uit San Francisco die in steden overal ter wereld de taxidiensten verstoort, heeft vandaag 7000 chauffeurs rondrijden in Londen en ze verwacht dat die tegen het begin van 2016 met 42.000 zijn. Intussen krijgt de bedrijfswereld in 2015 ook te maken met een conventioneler soort van ontwrichting, als de aandelenkoersen, de rentes en de valuta volatieler worden. Alvast een bron van instabiliteit is de groeikloof: de Verenigde Staten en Groot-Brittannië gaan 2015 in met een relatief gezonde economie en hun centrale bankiers hopen dat ze binnenkort de rentes weer kunnen opkrikken. De eurozone, Japan en een groot deel van de opkomende wereld vatten 2015 aan met een trage of zelfs negatieve groei. Waarschijnlijk versoepelt zowel de Europese Centrale Bank als de Bank of Japan haar monetaire beleid verder in 2015. Die groei- en rentekloof duwt de dollar omhoog ten opzichte van de euro en de yen. De wisselkoers euro-dollar stevent af op pariteit ergens in 2015. Een stevige dollar en de tragere groei in de opkomende wereld beïnvloeden ook de aandelenkoersen (de bedrijven in de Amerikaanse S&P 500 realiseren 40 procent van hun winst in het buitenland). Naarmate het vertrouwen wegebt, daalt ook het tempo van de buy-backs en de fusies en acquisities. De financiële markten worden nerveus en in plaats van de schokken te negeren, zoals ze dat de voorbije jaren deden, reageren de investeerders heftig op slecht nieuws. Niet alle ondernemingen worden in dezelfde mate getroffen. Bedrijven in de opkomende economieën staat een bijzonder moeilijk jaar te wachten omdat ze geprangd zitten in de dubbele klem van tragere groei en sterkere dollar. Ze worden ook onder druk gezet door de technologie, naarmate steeds meer taken geautomatiseerd worden, wat het voordeel van hun goedkope arbeid ondergraaft. Ook ondernemingen in de eurozone staan voor een moeilijk jaar. De politici kibbelen, maar doen weinig, zelfs nu de economie flirt met recessie en deflatie. De regelgevers hinderen de inspanningen van de ondernemingen om de digitale revolutie bij te benen. Er wordt beschamend weinig gedaan om een eenheidsmarkt voor digitale diensten tot stand te brengen. In de plaats daarvan pakt de Europese mededingingsautoriteit grote technologiebedrijven stevig aan met logge onderzoeken. De bedrijven hebben het de voorbije jaren niet gemakkelijk gehad. Ze door een technologische revolutie leiden is heikel, zelfs al zijn de financiële markten gunstig gezind, maar ze tegelijk door ontwrichting van boven en van onderen gidsen is veel moeilijker. Maak u maar op voor het moeilijkste jaar voor het wereldwijde bedrijfsleven sinds de recessie van 2008-2009. De auteur is redactrice economie van The Economist. Zanny Minton Beddoes