Het label 'Made in China' staat voor goedkoop. Goedkope productie voor westerse ondernemingen. En lage prijzen voor westerse consumenten. Maar hoelang nog? Het is onrustig in de fabriek van de wereld, zoals China ook wel wordt genoemd. Recent was er een golf van stakingen voor meer loon. En de Chinese overheid kondigde aan dat ze de koers van de yuan ten opzichte van de dollar wil opwaarderen. Die ontwikkelingen geven een andere lading aan de beleggingstip 'blootstelling aan China'.
...

Het label 'Made in China' staat voor goedkoop. Goedkope productie voor westerse ondernemingen. En lage prijzen voor westerse consumenten. Maar hoelang nog? Het is onrustig in de fabriek van de wereld, zoals China ook wel wordt genoemd. Recent was er een golf van stakingen voor meer loon. En de Chinese overheid kondigde aan dat ze de koers van de yuan ten opzichte van de dollar wil opwaarderen. Die ontwikkelingen geven een andere lading aan de beleggingstip 'blootstelling aan China'. De afgelopen jaren werd beleggers geadviseerd om te beleggen in ondernemingen met exposure aan China. De toenemende welvaart in het land en de omvang van de bevolking bieden immers ongekende afzetmogelijkheden. Omdat direct beleggen in Chinese bedrijven lastig is, moest je toch zeker beleggen in westerse bedrijven met omzet in China. Door de genoemde onrust en de enorme uitdagingen waar de Chinese overheid voor staat (de kloof tussen arm en rijk dichten, van een lageloneneconomie naar een kenniseconomie, minder afhankelijk worden van de export) is het voor beleggers inmiddels goed om ook te kijken naar die andere blootstelling aan China: welke bedrijven zijn voor hun productie afhankelijk van Chinese arbeid? Jarenlang deden de Chinese arbeiders het fabriekswerk zonder morren. Maar onlangs pikten werknemers in verschillende grote fabrieken het niet langer dat ze werden onderbetaald. Ze eisten betere arbeidsomstandigheden en gingen in staking. Nog niet eerder vertoond in China. Bij onder meer Foxconn, Toyota, Honda en YUM Brands werd het werk neergelegd. De acties misten hun uitwerking niet en de meeste bedrijven gingen akkoord met een loonsverhoging. Een gemiddelde werknemer van Foxconn verdient nu 2000 yuan per maand (230 euro), een verdubbeling vergeleken met het oude salaris. Foxconn is een exponent van het oude en het nieuwe China. Het Taiwanese bedrijf maakt in China onder meer computers voor westerse bedrijven als Apple, Dell en Hewlett-Packard. Het voelde als eerste de druk van stijgende arbeidskosten in de Chinese zuidoostelijke kustregio, waar het tekort aan goedkope arbeidskrachten de laatste jaren groter is geworden. Nu de vraag naar arbeid het aanbod overstijgt, zien de werknemers hun positie verbeteren en komen ze openlijk uit voor hun onvrede over lonen en arbeidsomstandigheden. Kort na de staking kondigde Foxconn aan dat het de meeste van zijn fabrieken zal verplaatsen naar het noorden van China. In de nieuwe Chinese wereld van stijgende arbeidskosten is er een trek van het 'dure' zuidoosten naar het Chinese binnenland, waar de lonen nog wel laag zijn. China wordt met andere woorden minder goedkoop: zowel arbeid als de yuan worden duurder. Voor westerse bedrijven in China zal dat waarschijnlijk geen grote schok met zich brengen en het zal ook niet tot prijsstijgingen leiden. De Chinese overheid denkt er namelijk over om de belastingen te verlagen ter compensatie van de stijgende arbeidskosten. Dat is een aannemelijk scenario, want het beschermt de Chinese export, die een groot deel van de economie voor zijn rekening neemt. En het is vooral aan de ondernemingen zelf om te bepalen hoeveel impact de kostenverhogende ontwikkelingen hebben. Zo hebben Nike en GAP hun productie al gespreid over Azië en komt slechts een derde van hun productie nog uit China. Andere ondernemingen volgen en zoeken hun heil in lagekosten-alternatieven als Indonesië, India, Cambodja en Vietnam. Blootstelling aan China is zeker nog interessant voor de belegger, maar het is belangrijk te onthouden dat die stelling twee kanten heeft. De recente ontwikkelingen betekenen dat beleggers hun huiswerk goed moeten doen: volg de politiek, kijk zorgvuldig welke ondernemingen voor hun productie afhankelijk zijn van China en in welke mate, en probeer in te schatten welke producenten de stijgende kosten kunnen doorrekenen aan de afnemers. Houd er rekening mee dat de fabriek van de wereld wordt verbouwd. (C) DOOR MAARTEN VAN DER PAS, FINANCIAL MARKETS EDITOR BIJ MORNINGSTAR BENELUX.Blootstelling aan China is zeker nog interessant voor de belegger, maar door de recente ontwikkelingen moet die zeker goed zijn huiswerk maken.