Waarom zijn de Verenigde Staten voorbestemd een leidende rol in de wereld te spelen? De vraag houdt de schrijver en journalist Robert Kaplan al een poos bezig. Ze is ook het vertrekpunt van zijn recentste boek, De verovering van de Rockies. Laat er geen twijfel over bestaan: de vraag is retorisch opgevat. Maar anders dan men zou denken, is het antwoord betrekkelijk eenvoudig: geografie. De ligging en het uitzicht van het continent waren niet enkel cruciaal voor de manier waarop het land gestalte kreeg, het is ook een determinerende factor van het buitenlandse beleid geweest. Het is een stokpaardje van Kaplan. Veel van zij...

Waarom zijn de Verenigde Staten voorbestemd een leidende rol in de wereld te spelen? De vraag houdt de schrijver en journalist Robert Kaplan al een poos bezig. Ze is ook het vertrekpunt van zijn recentste boek, De verovering van de Rockies. Laat er geen twijfel over bestaan: de vraag is retorisch opgevat. Maar anders dan men zou denken, is het antwoord betrekkelijk eenvoudig: geografie. De ligging en het uitzicht van het continent waren niet enkel cruciaal voor de manier waarop het land gestalte kreeg, het is ook een determinerende factor van het buitenlandse beleid geweest. Het is een stokpaardje van Kaplan. Veel van zijn boeken gaan over geopolitiek en geo-economie. Halford Mackinder, de Britse geograaf die doorgaans als de grondlegger van de geopolitiek beschouwd wordt, wist het al aan het begin van de twintigste eeuw. De Verenigde Staten zijn een soort satelliet van het Afro-Euraziatische "wereldeiland". De VS lagen niet enkel op veilige afstand van de bedreigingen en de complicaties van de oude wereld, ze beschikken ook over heel wat natuurlijke rijkdommen en een benijdenswaardig netwerk van bevaarbare waterwegen. De grootste hindernis van de eenmaking van het land was de verovering van de Rockies. Pas door het veroveren van die grote gebieden konden de VS een machtige maritieme natie worden. De Amerikanen keken daarna altijd verder. De VS hebben het volgens Kaplan te danken aan Theodore Roosevelt, president van 1901 tot 1909, dat het land zich profileert als de politieman van de wereld, en dat bedoelt hij niet pejoratief. Hij begreep dat Amerika te klein was geworden voor de Amerikanen en een obligate internationale rol diende te spelen. Hij gaf de aanzet tot het graven van het Panamakanaal en bemiddelde de vrede tussen Rusland en Japan. Hij kreeg er in 1906 de Nobelprijs voor de Vrede voor. Hij deed hetzelfde bij de Frans-Duitse twist over Marokko en stuurde de laatste twee jaar van zijn bewind een vloot van zestien oorlogsschepen de wereldzeeën op. Speak softly, but carry a big stick, was zijn lijfspreuk. Robert Kaplan beschikt over de gave een kennis van grote verhalen te koppelen aan een scherpe terreinobservatie. Want als de geografie zo beslissend is geweest voor het Amerika van nu, dan is het voor de geboren reiziger vanzelfsprekend dat hij dat land zou doorkruisen. En wat hij zag, maakte hem vaak niet vrolijk. Amerika loopt leeg. Grote steden worden groter, maar de kleine kwijnen weg. Tijdens zijn tocht van oost naar west kwam hij veel armoede en werkloosheid tegen. De elite in Washington deelde hij in drie strekkingen in: zij die de democratie internationaal willen promoten, zij die enkel geloof hechten aan internationale handel en zij die vooral de focus op de binnenlandse democratie leggen. Mooie theorieën, maar ze zeggen de modale Amerikaan die hij op zijn pad kruist, volstrekt niets. Ze mogen dan wel patriotten zijn, de echte impact en de rol van hun land op het internationale toneel interesseert hen matig. Toch mag dit Amerika niet vergeten worden, waarschuwt Kaplan. Robert D. Kaplan, De verovering van de Rockies, Spectrum, 2017, 224 blz., 22,50 euro Michaël Vandamme