Toen Joe Biden tijdens de presidentsverkiezingen van vorig jaar beloofde de Verenigde Staten minder afhankelijk te maken van olie, kon hij nauwelijks bevroeden dat hij de olieproducenten amper twaalf maanden later zou vragen meer olie te leveren. Aan de vooravond van de klimaattop in Glasgow stelde Biden, in een poging de prijzen te drukken, zelfs vergeldingsmaatregelen tegen Rusland en Saudi-Arabië in het vooruitzicht, als zij hun olieproductie niet snel zouden verhogen.
...

Toen Joe Biden tijdens de presidentsverkiezingen van vorig jaar beloofde de Verenigde Staten minder afhankelijk te maken van olie, kon hij nauwelijks bevroeden dat hij de olieproducenten amper twaalf maanden later zou vragen meer olie te leveren. Aan de vooravond van de klimaattop in Glasgow stelde Biden, in een poging de prijzen te drukken, zelfs vergeldingsmaatregelen tegen Rusland en Saudi-Arabië in het vooruitzicht, als zij hun olieproductie niet snel zouden verhogen. Het dreigement maakte weinig indruk op het oliekartel OPEC. De leden hielden vast aan een plan om maandelijks 400.000 vaten per dag extra te leveren, om de productie geleidelijk te herstellen na de vermindering die vorig jaar - eveneens onder druk van de Verenigde Staten - was afgesproken om de prijzen op te krikken. De president maakt zich terecht zorgen, zeggen analisten en investeerders. De olieprijzen liggen boven 80 dollar per vat, het hoogste niveau in zeven jaar (zie grafiek De olieprijs piekt). De olierally neemt proporties aan die de economie kunnen schaden, zoals in 2008, toen de prijzen bijna 150 dollar per vat bereikten. Niemand gelooft dat de prijsstijging op korte termijn de problemen van de oliebranche zal oplossen. Een strenger klimaatbeleid zal de sector uiteindelijk de das omdoen, zeggen de critici. Maar de komende jaren kunnen voor producenten nog gouden jaren zijn, omdat de sector door een chronisch gebrek aan investeringen de vraag niet kan volgen. "We hebben allemaal besloten te stoppen met investeren in de olievoorziening", zegt Ben Dell, de topman van de private-equity-investeerder Kimmeridge. "Maar niemand heeft het de consument verteld." Wil VanLoh, hoofd van Quantum Energy Partners, een van de grootste private-equityspelers met een focus op olie, zegt dat de wereld zich moet voorbereiden op "olieprijzen met drie cijfers". Analisten menen dat de implicaties voor de wereldpolitiek ingrijpend zullen zijn. De bezorgdheid over de stijgende brandstofprijzen "zet de energiezekerheid weer op dezelfde hoogte als de energietransitie", zegt Daniel Yergin, vicepresident van het adviesbureau IHS Markit. Die laatste kan daardoor vertraging oplopen. De marktverstoring is vooral het gevolg van een gebrek aan investeringen en het scherpe economische herstel na de pandemie. Sceptische kapitaalmarkten, milieubewuste aandeelhouders, overheidsregulering en fundamentele twijfels over de langetermijntoekomst van olie in een koolstofarme economie remmen de investeringen, zelfs nu de vraag weer aantrekt, stellen analisten. Ook nu het geld binnenstroomt, gebruiken olieconcerns als Shell en ExxonMobil het niet om de productie te verhogen. Ze geven gehoor aan de eisen van de rechtbanken en activistische beleggers. Het geld gebruiken ze om aandelen terug te kopen en de dividenden te verhogen. Arjun Murti, een ervaren energie-analist die de olieprijspiek van 2008 voorspelde, zegt: "De prijs zal voor een lange periode hoger moeten blijven om een gedragsverandering teweeg te brengen. Of dat één of vijf jaar duurt, is onduidelijk." Het idee dat de coronalockdowns de wereld van zijn olieverslaving hebben genezen, heeft niet lang standgehouden. De stimuleringsmaatregelen en maanden van goedkope olieprijzen hebben de consumptie in een verbluffend tempo doen opleven. BP schat dat het wereldwijde verbruik al is opgeveerd tot 100 miljoen vaten per dag, dicht bij het niveau van 2019. Naarmate de knelpunten in de toeleveringsketen worden weggewerkt en de mensen weer beginnen te reizen, zal de vraag naar brandstoffen nog toenemen, schatten analisten. In normale tijden zouden olieprijzen van meer dan 80 dollar per vat - zowat 30 dollar boven het langetermijngemiddelde - tot een aanzienlijke vraagerosie leiden. Daar is evenwel weinig van te merken. "We weten niet waar de vraagvernietigingsprijs ligt", zegt Martijn Rats, chief commodity strategist van Morgan Stanley. "De mensen reageren anders dan voor de pandemie op de hogere olieprijzen. Ze hebben hun klanten al twee jaar niet gezien of zijn al even lang niet op reis geweest. Ik denk niet dat ze zullen zeggen: 'Ik ga niet vliegen omdat de olieprijs 95 per vat bedraagt.'" Goldman Sachs schat dat de wereldwijde vraag deze winter met ten minste 1 miljoen vaten per dag zal toenemen. De investeringsbank denkt ook dat de uitgaven voor groene infrastructuur, goed voor 16 miljard dollar aan investeringen in de komende tien jaar, de vraag naar grondstoffen, van koper tot diesel, zullen aanwakkeren. "In de strijd tegen de klimaatverandering willen we van olie af, maar de groene investeringen stimuleren de vraag naar olie", zegt Jeff Currie, die het grondstoffenonderzoek van de bank leidt. Hij verwacht dat de vraag zeker tot 2025 hoog blijft en voorspelt dat voor elk biljoen dollar aan nieuwe stimuleringsuitgaven de vraag naar olie met 200.000 vaten per dag stijgt. Intussen bulken de oliemaatschappijen in de Verenigde Staten weer van het geld, met dank aan het herstel van de olieprijzen door de drastische productievermindering die de OPEC en Rusland onder druk van de Verenigde Staten doorvoerden. In april 2020 zakten de Amerikaanse olieprijzen voor het eerst onder nul. Vorige week stonden ze op bijna 85 dollar per vat. Als de olieprijzen hoog blijven, zou dat de producenten ertoe kunnen aanzetten weer meer te investeren. Maar dat zal tijd vergen en het is verre van zeker dat het überhaupt zal gebeuren. "De grote olieconcerns staan onder druk om niet te investeren", zegt Murti. "Die druk komt van investeerders, milieu- en klimaatactivisten, en de overheid." Op korte termijn stelt dat de OPEC voor een dilemma. Nu de Amerikaanse spelers niet in het gat springen, ligt de bal in het kamp van het kartel onder leiding van Saudi-Arabië. Maar het moet oppassen, zegt Amy Myers Jaffe, professor aan de Fletcher School van Tufts University. Een nieuwe prijspiek is het laatste waarop een land dat fossiele brandstof verkoopt moet hopen. "Niemand zal naar de hoge olieprijs kijken en zeggen: 'Weet je wat? Ik wil afhankelijker zijn van Saudi-Arabië, Rusland en Iran, dus ik stop met alternatieve energiebronnen.' De politiek zal de alternatieve energie niet laten vallen."