Samuele Furfari is een zoon van Italiaanse immigranten. Als kind speelde hij met de steenkool van de mijnterrils in de streek van Charleroi. Als Europees ambtenaar onderhandelde hij mee over het Kyoto-akkoord. "Ik ben nog steeds trots op wat we hebben bereikt. Maar intussen is de realiteit veranderd", zegt hij.
...

Samuele Furfari is een zoon van Italiaanse immigranten. Als kind speelde hij met de steenkool van de mijnterrils in de streek van Charleroi. Als Europees ambtenaar onderhandelde hij mee over het Kyoto-akkoord. "Ik ben nog steeds trots op wat we hebben bereikt. Maar intussen is de realiteit veranderd", zegt hij. De Duitse Energiewende, waarbij tegen 2025 alle kerncentrales worden gesloten om ze te vervangen door hernieuwbare energie, noemt Furfari "een leuke slogan, maar nagenoeg onmogelijk". "Dat kan Duitsland zich enkel veroorloven als lage energieprijzen elders de Duitse concurrentiekracht niet in gevaar brengen. Dus heeft het land er belang bij dat die prijs zo hoog mogelijk blijft in Europa", weet hij. De specialist in de geopolitiek van de energie diept slides op met elektriciteitsprijzen. De Duitse consumenten betalen de op een na hoogste stroomprijs van Europa, voor de industrie ligt die veel lager. "De Duitse burgers betalen de Energiewende. Die merken steeds meer dat hun energie toch wel zeer duur wordt", vertelt Furfari. "Dus wat doen de energiebedrijven? Die bouwen steen- en bruinkoolcentrales, want die grondstof is goedkoop. Maar die zullen dertig, veertig jaar openblijven. Dus lang na 2025 zal er nog steeds fossiele energie worden verbrand, en dan nog het soort dat het meeste CO2 uitstoot. Daardoor zal Duitsland de normen voor CO2-emissies niet halen." SAMUELE FURFARI. "Energie is de basis voor de economie. Helaas komt er daardoor ook zo weinig van een Europese aanpak. Geen enkel land wil zijn energiekeuze laten bepalen door een andere natie. Hierin ligt een van de grootste moeilijkheden voor de energiesector: vroeger was er een energiebeleid, nu is er vooral energiepolitiek. Duitsland wil geen kernenergie, Frankrijk wil er geen verbod op en Polen wil kolencentrales blijven bouwen. Het paradoxale is dat al die nationaal geïnspireerde politieke beslissingen als resultaat hebben dat Europa een vrij gediversifieerde energiemix heeft. "Iedereen beslist op basis van de beschikbare kennis, terwijl de wereld zeer snel evolueert. In 1980 vaardigde Europa een richtlijn uit om te streven naar 70 tot 75 procent kern- en steenkoolenergie in de energiemix. Dat is nu niet meer denkbaar. "Maar ik vind het zeer spijtig dat een beslissing wordt genomen op basis van een lokaal natuurfenomeen en een verkeerd ontwerp. Net voor de aardbeving en de kernramp in Fukushima waren er in de Europese bevolking netto meer voor- dan tegenstanders van kernenergie. Nu stopt men niet alleen met de bouw van nieuwe kerncentrales. Ook oude centrales worden gesloten, terwijl die goedkope stroom kunnen produceren omdat ze afgeschreven zijn. Dat heeft economisch geen zin." FURFARI. "Jawel. Daar is zeker een toekomst voor. Maar op langere termijn dan nu wordt gedacht. Er is nog veel meer onderzoek nodig. Intussen subsidiëren we de productie van groene energie, om ze concurrentieel te maken. Er wordt zelfs gezegd dat groene stroom al even goedkoop is als andere elektriciteit. Als dat zo was, dan konden we die subsidies stopzetten. De keuze voor groene energie is zuiver politiek gemotiveerd." FURFARI. "De jongste jaren hebben we niet één, maar vijf contrarevoluties meegemaakt. Door de uitbreiding van de 'Exclusieve Economische Zee Ruimte' konden landen opeens tot 200 zeemijlen van hun kustlijn vondsten claimen. In die nieuwe oppervlakte vinden we veel fossiele energie, ook in Europa. Kijk maar naar Ierland, dat met zijn Barryroe-veld jarenlang driekwart van zijn eigen behoefte zal kunnen dekken. We vinden ook -- en dat zijn de tweede en derde revolutie -- opnieuw meer conventionele olie- en gasvelden. "Vier is de energie die meestal schaliegas wordt genoemd, maar eigenlijk moedersteengas zou moeten heten, en vijf is de olie uit datzelfde gesteente. Het Bakken-veld alleen al is nu goed voor een tiende van de Amerikaanse olie. Vijf jaar geleden was dat nul procent. Bovendien verhogen de technologieën die bij die onconventionele energie worden gebruikt, ook het rendement van de bestaande bronnen." FURFARI. "Er komt een overvloed aan olie en gas op de markt, en de prijzen van fossiele brandstoffen gaan zeer waarschijnlijk dalen. De Organisatie van Olieproducerende en -exporterende Landen OPEC zal een buffermacht blijven, maar ze zal wellicht aan invloed verliezen. Dat is nu al zo, door interne twisten. De oorlog in Syrië is ook een strijd tussen de soennieten van Saoedi-Arabië en Qatar, en de sjiieten uit Iran. Zonder akkoord in de OPEC zal de olieprijs instorten, tot 60 à 80 dollar per vat. Daarmee fnuik je alle hernieuwbare energie. Die wordt onbetaalbaar. "Dat komt boven op het gebrek aan geld door de economische malaise. Steenkool is nu al goedkoop, en India en China zullen kiezen voor de goedkoopste energiebron. Waarna onze bedrijven daarmee moeten concurreren." FURFARI. "Ik vrees dat de weerstand tegen kernenergie zal overslaan naar schalie-energie. Economisch is het beter het ook hier te ontginnen, maar er is veel tegenkanting. Voor er in Europa echt veel naar gezocht zal worden, zullen we moeten wachten tot de Europese economie het nog slechter doet, vrees ik. Tot de bevolking het ook voelt. Ik maak me zorgen over de economische toestand van Europa, die wordt gedreven door nationale politieke beslissingen die weinig rekening houden met het economische aspect. Je ziet dat ook: de industriële groepen gaan met de glimlach elders investeren. "Weet je waarom onze nationale regeringen zo focussen op elektriciteit? Omdat ze daar nog een stuk invloed op kunnen uitoefenen. België kan niets veranderen aan de marktprijs van olie of gas, maar wel aan die van stroom. Maar als je spreekt over CO2-uitstoot, is het echte probleem niet elektriciteit, maar wel de transportsector." FURFARI. "De eerste elektrische wagens zijn ouder dan die met een verbrandingsmotor. Maar er blijft het probleem van de batterijen en het bereik. Om de tien of twintig jaar duikt de elektrische wagen op, en ik heb de indruk dat de jongste hausse alweer aan het afnemen is. De elektrische auto kan een oplossing zijn voor de luchtkwaliteit in de steden, maar niet voor het energieprobleem, want die elektriciteit moet ook worden geproduceerd." FURFARI. "Ik vrees van niet. De interne markt werkt niet goed omdat de lidstaten aarzelen Europese maatregelen door te voeren, meestal om nationale redenen. Van de 27 landen hebben er welgeteld negen een vrije marktprijs. Bovendien omvat de prijs een pak verborgen belastingen. Om dat te veranderen, moeten alle lidstaten absoluut het derde Europese Energiepakket voor de liberalisering van de Europese elektriciteits- en gasmarkten volledig doorvoeren." FURFARI. "Ik vind zijn uitrustingsplan een goed compromis. Doordat we om politieke redenen voorrang geven aan hernieuwbare energie, zijn de gascentrales niet meer rendabel. Daardoor moeten we nu, ondanks de liberalisering van de energiemarkt, producenten aantrekken met subsidies. Weer zo'n paradox. "Het grote gevaar is echter dat op de duur elk land bezig is met een eigen subsidiesysteem, dat moet concurreren op de Europese markten. Daarom is de Europese Commissie nu bezig met een consultatieronde, juist om problemen te vermijden die zullen ontstaan als we nu niet ingrijpen." FURFARI. "Dat plan is gelanceerd in de verwachting dat de groene economie vele duurzame jobs zou creëren. In de realiteit blijkt dat veel moeilijker: de zonnepanelen die hier worden geplaatst, worden nu in Azië geproduceerd." FURFARI. "Dat weet ik niet. Ofwel komen er nieuwe doelstellingen, zoals een reductie van de CO2-uitstoot met 30 procent, ofwel komen die er niet. Ik vind dat er geen beslissing mag worden genomen zonder een analyse van de kostprijs en resultaten van de 20/20/20-strategie. Daarvoor is het nog te vroeg: veel maatregelen komen nu pas op snelheid. Maar de tussentijdse doelen worden gehaald, dus dat is hoopgevend. "Europa heeft wel een visie op een koolstofarme economie na 2050. Daarvoor moeten we nu strategieën ontwikkelen: wat doen we in 2030, waar moeten we staan in 2040? We moeten daarbij rekening houden met de Duitse kolencentrales, die tot 2050 of 2060 zullen blijven werken. We gaan in een onbekende richting, dus we doen dat beter traag. Er is een groot verschil tussen de realiteit en de wil van enkelingen die alles snel willen veranderen." LUC HUYSMANS, FOTOGRAFIE THOMAS SWEERTVAEGHER"Vroeger was er een energiebeleid. Nu is er energiepolitiek"