Octa+ is tot nu toe vooral bekend als de verdeler van petroleumproducten. Naast huis-aan-huislevering van stookolie baat de groep ook een keten uit met 185 pompstations in België. Aan de nieuwe diversificatie ging twee jaar voorbereiding vooraf, zeggen de twee gedelegeerd bestuurders Etienne Rigo en Thierry Van Coppenolle.
...

Octa+ is tot nu toe vooral bekend als de verdeler van petroleumproducten. Naast huis-aan-huislevering van stookolie baat de groep ook een keten uit met 185 pompstations in België. Aan de nieuwe diversificatie ging twee jaar voorbereiding vooraf, zeggen de twee gedelegeerd bestuurders Etienne Rigo en Thierry Van Coppenolle. "De energiemarkt is zeer complex. Logistiek en administratief spreek je over volledig andere processen dan in brandstofdistributie", legt Rigo uit. "Maar we zijn traders: onze specialiteit is altijd geweest om goedkoop in te kopen en in te spelen op tekorten of overschotten bij andere spelers. Omdat we weinig overhead hebben, kunnen we die lagere aankoopprijzen doorrekenen aan onze klanten. We houden al bijna 65 jaar stand tussen de grote oliebedrijven: Total, Esso, Shell, enzovoort. Dus zijn we ervan overtuigd dat we ook kunnen overleven tussen grote energiebedrijven als Electrabel, Nuon en anderen. Wij willen geen miljoenen aan grote marketingacties besteden, omdat we dat te duur vinden voor wat het aan klanten opbrengt. Ons voordeel is dat het merk al bestaat en sterk is." Het basisidee is dat een klant nog één aanspreekpunt heeft voor al zijn energiebehoeften. Ten opzichte van het basistarief van de dominante elektriciteitsverdeler in ons land (lees: Electrabel) kan een modaal gezin van vier personen gemiddeld 230 euro per jaar besparen. Al is dat ook relatief. Octa+ baseert zijn formule op de prijzen die op de beurs gelden. Dat houdt ook gevaren in. De elektriciteitsbeurs Belpex is nu goed voor ongeveer 12 procent van de Belgische bevoorrading en wordt door de meeste marktpartijen vooral gebruikt om voor het evenwicht tussen hun aangekochte productie en afname van stroom te zorgen. "De prijzen weerspiegelen niet altijd de werking van de markt", zegt een betrokkene. Er loopt trouwens, op aandringen van de federale energieregulator CREG, nog steeds een onderzoek naar marktmanipulatie. Stroom inkopen uit het buitenland is niet altijd mogelijk omdat er soms congestie heerst bij de grensovergangen, al werkt hoogspanningsnetbeheerder Elia hard aan dat probleem. "We proberen de goedkoopste te zijn. Maar ik ken niemand die altijd op alle domeinen de goedkoopste is", zegt Rigo. De bespaarde som kan zelfs oplopen tot ruim 350 euro per jaar. Daarvoor breidt Octa+ zijn bestaande systeem van spaarpunten uit. Die kunt u nu al krijgen bij aankoop van een bepaalde hoeveelheid brandstof. Doet u voor twee of drie soorten energie een beroep op het bedrijf, dan krijgt u dubbele of driedubbele punten. Die kunt u vervolgens omruilen tegen de klassieke cadeaus (glazen, bestek en dergelijke), tegen een directe korting in cash of u kunt kiezen voor CO2-compensatie. Die wordt aangekocht bij het bedrijf Compense CO2, dat investeert in groenaanleg, vooral in het buitenland. Bovenop het bedrag van uw spaarpunten legt Octa+ er dan 20 procent bij. Over de investeringen behouden Rigo en Van Coppenolle het stilzwijgen, al waren ze relatief beperkt. Een aantal medewerkers heeft twee jaar gewerkt om de nodige vergunningen te verkrijgen bij de Vlaamse, Waalse en Brusselse regulatoren, en om het softwareprogramma voor het klantenbeheer aan te passen. "Ons voordeel is dat we al een bestaande portefeuille hebben van 100.000 klanten waarvan we contactgegevens hebben." Dat maakt dat het familiebedrijf grote ambities koestert. Binnen vijf jaar wil de Brusselse onderneming 150.000 elektriciteitsklanten hebben en 50.000 voor gas. Dat geeft een marktaandeel van 2 tot 3 procent. Rigo en Van Coppenolle hoeden zich voor al te groot optimisme. "Belgen veranderen minder snel van energieleverancier dan in onze buurlanden. Zonder de liberalisering zouden we deze stap zelfs helemaal niet doen. Het is een complexe markt, maar dat is precies de uitdaging." De Octa+-operatie is goed nieuws voor wie meer concurrentie wil op die markten. Zeker gezien Essent zijn plannen voor een nieuwe productie-eenheid in Genk heeft bevroren en de nieuwe eigenaar, Vattenfall, de Belgische tak van Nuon in de etalage heeft gezet. Als pure elektriciens het al laten afweten, dan zal het voor een nieuwkomer zeker niet gemakkelijk worden, valt in de sector te horen. Octa+ wil zijn energie-aanbod opstarten in alle drie de gewesten. Vooral in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest is daar dringend nood aan. Nadat Nuon de handdoek in de ring gooide, blijft daar alleen Lampiris over als uitdager van Electrabel. Dat komt omdat Brussel als grootstad sowieso meer last heeft van wanbetalers, terwijl de wetgeving de klanten veel meer beschermt dan in de twee andere gewesten. Zo moeten leveranciers standaardcontracten van drie jaar aanbieden, terwijl Octa+ ook variabele contracten hanteert: in een contract van twee jaar tegen variabele prijs, kan de klant ervoor kiezen om na zes maanden de prijs vast te klikken voor de verdere duur van het contract. Voordeel van de nieuwe speler is wel dat hij al over een bestaand klantenbestand beschikt en dus wellicht al een beter zicht heeft op de solvabiliteit van sommige van zijn klanten. De nieuwe stap betekent overigens niet dat het bedrijf zijn tankstations wil overlaten. "Integendeel, daarin blijven we verder investeren. We bouwen een nieuw depot in Mariembourg, dat in de lente van volgend jaar klaar moet zijn. De internationale groepen hebben alternatieven: China, Viëtnam, waar ze 20 procent winst op hun geïnvesteerd kapitaal halen. Daarom hebben groepen als ExxonMobil, Texaco en BP hun tankstations geheel of gedeeltelijk verkocht. Wij zijn al blij met 10 procent en we willen ons verder blijven toespitsen op de Belgische markt." luc huysmans"We proberen de goedkoopste te zijn. Maar ik ken niemand die altijd op alle domeinen het goedkoopst is" Etienne Rigo, Octa+