Een geslaagd huwelijk wordt het nooit. Uitspraken van ondernemers over politici - én vice versa - zullen altijd een zekere dosis wederzijds onbegrip bevatten. Zo vroeg Trends in dit nummer aan de 590 beleidsfiguren van het samenwerkingsplatform Voka ( Vlaams Economisch Verbond en de kamers van koophandel) of ze een minister in de raad van bestuur van hun bedrijf zouden opnemen. Het antwoord sprak boekdelen: no way (zie blz. 38). Een meerderheid onder hen vond geen enkele politicus geschikt. En, zo voegde Jos Broekmans, voorzitter van de Limburgse Kamer, er doodgemoedereerd aan toe: "Het omgekeerde geldt ook".
...

Een geslaagd huwelijk wordt het nooit. Uitspraken van ondernemers over politici - én vice versa - zullen altijd een zekere dosis wederzijds onbegrip bevatten. Zo vroeg Trends in dit nummer aan de 590 beleidsfiguren van het samenwerkingsplatform Voka ( Vlaams Economisch Verbond en de kamers van koophandel) of ze een minister in de raad van bestuur van hun bedrijf zouden opnemen. Het antwoord sprak boekdelen: no way (zie blz. 38). Een meerderheid onder hen vond geen enkele politicus geschikt. En, zo voegde Jos Broekmans, voorzitter van de Limburgse Kamer, er doodgemoedereerd aan toe: "Het omgekeerde geldt ook". Vervolgens vroegen we aan de ondernemers welke federale excellentie het best scoorde op het vlak van managementkunde, ondernemingsvriendelijkheid en beleidsvisie. En ook hier kwamen de volgende bizarre scores uit de bus. Luc Van den Bossche ( SP.A) haalde 6,9 op 10 voor managementkunde, Didier Reynders ( MR) scoorde 6,3 op het gebied van ondernemingsvriendelijkheid en Frank Vandenbroucke ( SP.A) kreeg de allerhoogste puntenscore - 7,1 - voor beleidsvisie. Met andere woorden, de beste minister-manager is degene die straks niet langer van een regeringsploeg deel zal uitmaken (een carrière in de privé-sector, bij luchthavenuitbater Biac, wenkt voor Van den Bossche). De meest bedrijfsvriendelijke is de minister die de belastingverlaging doorvoerde (wat op het eerst gezicht logisch lijkt, al oogstte die budgettaire nuloperatie bij diverse werkgevers kritiek). En de meest visionaire is de minister die de uitgaven in de gezondheidszorg niet onder controle kon houden (want gezuiverd van inflatie stegen die tussen 1999 en 2002 met 10,9 %, tegenover 4,3 % in de periode 1996-1999: zie blz. 128). "De politiek is geen bedrijf en de Belgische staat is geen KMO," zegt Noël Slangen, campagneleider van de VLD, in een poging die dubieuze relatie tussen ondernemers en politici te doorgronden. Hij omschrijft de NV België als een onderneming met een bestuursploeg die het soms grondig oneens is en dat ook laat blijken, en precies daar kunnen vele ondernemers niet mee om. "Zij hebben weinig oog voor het compromis, terwijl het compromis net de essentie vormt van de democratie," analyseert hij. Toch lijkt er meer aan de hand. Uitgerekend voor twee Waalse excellenties, een socialistische en een groene, zijn de Vlaamse ondernemers in de enquête ongemeen hard. De twee federale dames, Laurette Onkelinx ( PS) en Isabelle Durant ( Ecolo), gingen volgens hen compleet de mist in: zij kregen een gemiddelde score van 3,7 en 2,7 op 10. Andere regeringsleden die evenmin een vlekkeloos parcours reden - zoals Rik Daems ( VLD) voor Overheidsbedrijven en Marc Verwilghen ( VLD) voor Justitie - kregen niet zo'n bolwassing: zij haalden respectievelijk 4,8 (weliswaar een onvoldoende) en 5,6 op 10. De viscerale aversie van veel Vlaamse bedrijfsleiders tegen de al te ijverige regelzucht van deze regering en het groene dictaat op het wel en wee van de economie, heeft duidelijk sporen nagelaten. Velen zien in Laurette en Isabelle de schikgodinnen van een ondernemingsvijandig beleid, dat elke vorm van behoorlijk bestuur van de NV België onmogelijk maakt. Jawel, ook de Waalse ondernemers zien een terugkeer van beide dames in de volgende regeringsformatie niet zitten. Maar bij de Vlamingen zit de afkeer dieper. "De opstelling van PS en Ecolo bewijst nogmaals dat een federaal sociaal-economisch beleid niet van deze tijd is," zegt Jos Broekmans en hij verwoordt daarmee de bezorgdheid van veel van zijn collega-ondernemers. Ook in zijn afscheidsinterview (blz. 65) pleit VEV-voorzitter Jef Roos onomwonden voor een gedifferentieerd fiscaal en loonbeleid in Vlaanderen en Wallonië. "Ik zou graag willen dat we als verstandige mensen tot dezelfde conclusie komen," stelt hij. Het is een signaal dat een volgende regeringsploeg - met of zonder liberaal blauw in de rangen - best niet uit het oog verliest. Piet DepuydtDe viscerale aversie van veel Vlaamse bedrijfsleiders tegen de al te ijverige regelzucht van deze regering en het groene dictaat op het wel en wee van de economie, heeft duidelijk sporen nagelaten.