De pandemie was op heel wat gebieden een eyeopener. Nogal wat mensen kwamen het voorbije jaar tot de conclusie dat ze professioneel aan iets nieuws toe waren. De sterren staan daarvoor beter dan ooit tevoren: economisch lijkt de coronacrisis stilaan verteerd, en tegelijk neemt de krapte op de arbeidsmarkt almaar toe. Hebt u het gevoel dat u professioneel wat op een dood spoor zit, dan zijn er vandaag dus wel wat mogelijkheden.
...

De pandemie was op heel wat gebieden een eyeopener. Nogal wat mensen kwamen het voorbije jaar tot de conclusie dat ze professioneel aan iets nieuws toe waren. De sterren staan daarvoor beter dan ooit tevoren: economisch lijkt de coronacrisis stilaan verteerd, en tegelijk neemt de krapte op de arbeidsmarkt almaar toe. Hebt u het gevoel dat u professioneel wat op een dood spoor zit, dan zijn er vandaag dus wel wat mogelijkheden. "Trek vooral niet al te snel conclusies", waarschuwt Magda Duerinckx, psychologe en manager outplacement en loopbaanbegeleiding bij Acerta. "Begin je elke dag met tegenzin aan je werk, dan is er wel degelijk een probleem. De hamvraag is natuurlijk: komt dat door de inhoud van de job, of zijn er andere redenen? Ik denk daarbij aan de contacten met de leidinggevenden, collega's of klanten. Maar ook de arbeidsvoorwaarden of de werkomstandigheden kunnen op termijn een pijnpunt worden. Wij zien in onze loopbaanbegeleiding regelmatig mensen opduiken in de rotsvaste overtuiging dat ze dringend van job moeten veranderen. Terwijl het al na enkele sessies duidelijk wordt dat een goed gesprek met de werkgever al heel wat problemen kan oplossen en hen opnieuw op de goede weg kan zetten. Ook bij hun huidige werkgever."Of u nu twijfels bij uw huidige job hebt, dan wel al concrete plannen koestert om een ander pad in te slaan, loopbaanbegeleiding is sowieso een interessante optie. Het goede nieuws is dat de Vlaamse overheid die ook subsidieert, al zijn daar wel voorwaarden aan verbonden. Magda Duerinckx: "In de eerste plaats moet je in Vlaanderen of Brussel wonen. Waar je werkt, speelt geen rol. Daarnaast moet je al minstens zeven jaar werken. Als loontrekkende, ambtenaar, freelancer of zelfstandige, maakt niet uit. Zodra je aan die voorwaarden voldoet, kun je bij de VDAB aankloppen voor digitale loopbaancheques." Zo'n cheque kost 40 euro en geeft recht op vier uur loopbaanbegeleiding in een erkend loopbaancentrum. De lijst staat op de site van de VDAB. "Heb je na die eerste vier uur nood aan nog meer advies, dan kun je een tweede cheque kopen voor drie uur extra", vervolledigt Magda Duerinckx. "Mensen die met carrièretwijfels zitten, zou ik altijd aanraden om in eerste instantie zo'n begeleiding te volgen. Een ervaren loopbaancoach met een goede kennis van de arbeidsmarkt is een ideaal klankbord om je carrière verder uit te bouwen." Voor alle duidelijkheid: uw werkgever heeft hier niets mee te maken en hoeft dus ook niet op de hoogte te worden gebracht. Omgekeerd staat het elke werkgever wel vrij om werknemers die niet goed meer in hun vel zitten, aan te moedigen om zo'n begeleidingssessie te volgen en die eventueel terug te betalen. Een andere optie die stilaan ingeburgerd raakt, is een tijdelijke switch. U proeft dan even van een andere baan of werkomgeving zonder alle bruggen te verbranden. Onder meer Acerta en de VDAB spelen daar al op in. Acerta mikt met Bridge zowel op werkgevers die daarmee pieken en dalen in de productie kunnen opvangen, als op werknemers die eens andere lucht willen opsnuiven. "Onderzoek toont aan dat twee op de drie werknemers daar voor openstaan", geeft Magda Duerinckx aan. "Wettelijk zijn er verschillende opties, en wij begeleiden bedrijven die daarmee aan de slag willen." Bij de VDAB kreeg het project de naam Career Flow, en het uitgangspunt is vergelijkbaar. "Bedrijven kunnen hun medewerkers tijdelijk of permanent bij een andere werkgever aan de slag laten gaan, zodat ze hun competenties optimaal kunnen inzetten", zegt VDAB-woordvoerder Joke van Bommel. "Omgekeerd kun je zo vermijden dat werknemers die op hun baan uitgekeken zijn maar die je liever niet kwijt wil, zelf ontslag nemen." De VDAB ontwikkelde met Oriënt ook een test die, op basis van een aantal vragen, nagaat wat uw interesses zijn. Op basis daarvan krijgt u een aantal beroepen voorgesteld die daarbij aansluiten. Vervolgens beantwoordt u opnieuw een aantal vragen. Hoe meer vragen u beantwoordt, hoe beter de voorgestelde beroepen bij uw interesses passen. De volledige test neemt zowat tien minuten in beslag. Daarnaast vindt u op de VDAB-site gratis loopbaantesten, die u een stuk wijzer kunnen maken over de jobs of bedrijven die het beste bij uw profiel aansluiten. Een heel ander verhaal wordt het natuurlijk als u ontslagen wordt. Dan kan outplacement een nieuw perspectief bieden. Een gespecialiseerd bedrijf helpt u dan in de zoektocht naar een geschikte nieuwe baan. "Ongeacht de leeftijd of het tewerkstellingspercentage heeft iedereen voor wie een opzegperiode van minstens 30 weken geldt, recht op outplacement", zegt Magda Duerinckx. "Werknemers die niet aan die voorwaarden voldoen maar minstens 45 jaar oud zijn en al minstens een jaar in dienst waren voor ze aan de deur werden gezet, hebben ook recht op outplacement. Ook langdurig zieken die te horen kregen dat ze medisch definitief ongeschikt zijn bevonden om hun werk verder uit te oefenen en op basis daarvan ontslagen werden, kunnen een beroep doen op outplacement. In al die gevallen moet de werkgever dat aanbieden. Dat geldt ook na een collectief ontslag." Wie al een goed zicht heeft op de nieuwe richting die hij of zij graag uit wil, kan tijdens de loopbaan ook een opleiding volgen. De Vlaamse overheid speelt daar onder meer op in met het opleidingsverlof. "Dat vervangt het vroegere betaalde educatief verlof", vertelt Lieze Van Dyck, communicatiemedewerker bij het Vlaams departement Werk & Sociale Economie. "Werknemers in de privésector kunnen zo een erkende opleiding uit de opleidingsdatabank volgen. Ze krijgen het recht om afwezig te zijn op het werk terwijl ze opleiding volgen. Hun loon wordt doorbetaald. De werkgever krijgt ter compensatie een forfaitair bedrag."Jaarlijks maken al zowat 42.000 werknemers in Vlaamse bedrijven van die mogelijkheid gebruik. Op voorstel van Vlaams minister van Werk Hilde Crevits werd het opleidingsverlof onlangs uitgebreid. Tot voor kort konden werknemers in het kader van het Vlaamse opleidingsverlof maximaal 125 uur afwezig zijn op het werk. Sinds begin september loopt een experiment waarbij dat verdubbeld wordt als de werkgever zelf opleidingen suggereert en de werknemer daarop ingaat. "Werkgevers zijn doorgaans goed geplaatst om bij hun werknemers opleidingsnoden vast te stellen en daar suggesties over te doen", geeft Van Dyck aan. "Een duwtje in de rug door de werkgever kan de werknemer over drempels tillen, maar er kan nooit sprake zijn van een verplichting. Bovendien moeten de opleidingen niet gerelateerd zijn aan de huidige baan." De Vlaamse overheid heeft nog instrumenten om het opleidingsniveau en de arbeidsmobiliteit te bevorderen. Er zijn opleidingscheques om het prijskaartje van een arbeidsmarktgerichte opleiding voor kort- en middengeschoolde werknemers enigszins te verminderen. Als werknemers uit de privésector en de Vlaamse socialprofitsector een langdurige opleiding volgen, kunnen ze boven op het federale tijdskrediet - waarvoor ze van de RVA een uitkering ontvangen - nog een aanmoedigingspremie krijgen van de Vlaamse overheid. Zo wil die werknemers financieel ondersteunen die zich willen bijscholen, heroriënteren of herkwalificeren en daarom tijdelijk minder gaan werken. Dat opleidingskrediet is bedoeld voor lange trajecten: een opleiding moet minstens 360 uren tellen of op jaarbasis 27 studiepunten bedragen. Wie daarin geïnteresseerd is, kan via een onlinesimulator nagaan of hij in aanmerking komt, en welke uitkering daar tegenover staat. Goed nieuws is ook dat alle opleidingen die recht geven op opleidingskrediet, -verlof of -cheques in één Vlaamse opleidingsbank terug te vinden zijn. "Wie tijdskrediet opneemt om zo'n langdurige opleiding te volgen, moet wel rekening houden met de sectorafspraken", verduidelijkt Annelies Bries, juriste bij Acerta. "De werktijd met een vijfde verminderen, kan haast altijd. Wilt u 50 procent of voltijds tijdskrediet opnemen, dan moet dat toegestaan zijn in de onderneming of in de sector. In zeer kleine bedrijven - met maximaal tien werknemers - kan ook de werkgever op de rem gaan staan. Bovendien moeten die opleidingen erkend zijn."