U hebt er waarschijnlijk ook al van gehoord. Tenminste, als u enig gevoel hebt voor de modetrends in management. En deze keer waait de wind uit het zuiden. Benjamin Frémaux en Clémentine Marcovici, twee jonge Franse mijningenieurs, hebben een nieuw managementmodel ontwikkeld dat bij onze zuiderburen al heel veel stof heeft doen opwaaien. Mocht u er nog niet van gehoord hebben, dan vatten we het even voor u samen en voorzien het van de nodige academische commentaar.
...

U hebt er waarschijnlijk ook al van gehoord. Tenminste, als u enig gevoel hebt voor de modetrends in management. En deze keer waait de wind uit het zuiden. Benjamin Frémaux en Clémentine Marcovici, twee jonge Franse mijningenieurs, hebben een nieuw managementmodel ontwikkeld dat bij onze zuiderburen al heel veel stof heeft doen opwaaien. Mocht u er nog niet van gehoord hebben, dan vatten we het even voor u samen en voorzien het van de nodige academische commentaar. Frémaux & Marcovici hebben hun mosterd gehaald bij twee Harvardprofessoren (Jordan Eisenmann en Thomas Siegel) en het aangepast aan de Franse cultuur. Het model vertrekt van drie overlappende cirkels (zie figuur). De ene cirkel vertegenwoordigt l'Etre ( claimed values), de andere cirkel is le Dire ( enacted values), en de derde cirkel is le Faire ( granted values). Maar de grote doorbraak van dit model is het normatieve aspect: neem alleen beslissingen op het gebied waar de drie cirkels elkaar overlappen, de zogenaamde Effective Target Zone. Superieur model. Waarom is dit model op zo'n korte tijd zo populair geworden? We zien vier redenen: 1. De auteurs realiseren voor het eerst sinds Michel Crozier in 1963 een harmonische samenhang tussen typisch Franse denkwijzen (duidelijk geïnspireerd op Sartre, L'Etre et le Néant, maar ook Merleau-Ponty is niet ver weg) en de al te dominante Angelsaksische visies. De 'vertaling' van enacted values naar le Dire is ronduit subliem. Eerder dan zich aan te sluiten bij de Franse anglofobie of bij slaafse overnames, krijgen we hier een voorbeeld van synthese op een hoger vlak. Wel wordt het gebruik van dit praktijkgerichte model geïllustreerd aan de hand van een typische Angelsaksische gevalstudie: John Botsan Company, een familiaal textielbedrijf uit Greenville (Zuid-Dakota). 2. Het model zelf verwijst uiteraard naar de grote denkers uit het vakgebied. Insiders herkennen onmiddellijk espoused theory en theory-in-use van Argyris, het kerncompetentiedenken van Hamel & Prahalad en voor de fijnproevers zie je zelfs de invloed van Carles Handy (vooral zijn denken rond de lege regenjas). 3. Het model is vooral zeer bruikbaar. Je 'ziet' onmiddellijk dat de iPod, klikfondsen of Colruyt voortdurend rondcirkelen in de Effective Target Zone, maar dat bijvoorbeeld Carrefour, Phaeton van Volkswagen en verschillende verzekeringsproducten voortdurend de gevangene zijn van een onbegrepen dialoog tussen Zijn, Zeggen en Doen. 4. Maar de grootste validering van het model komt toch wel uit de praktijk. De auteurs zelf hebben in Frankrijk onderzocht hoe sterk het al is verspreid en de resultaten zijn ronduit onthutsend. Razend populair. Onderzoek bij consultants, onderzoekers, professoren, bedrijfsleiders toonde één zaak overduidelijk aan: het model is razend populair. Met een zelden gezien antwoordpercentage van 57 % bevestigden consulenten, bedrijfsleiders en zelfs academici hun enthousiasme voor het model. Bedrijfsleiders illustreerden hun enthousiasme met eigen voorbeelden. Feit en fictie. Alles wat voorafgaat, is waar. Alleen bestaat de theorie niet, evenmin als de John Botsan Company. Twee studenten hebben voor hun eindverhandeling samen met hun promotor de hele theorie verzonnen. Slechts twee respondenten hadden echt kritische vragen gesteld. Een managementprofessor had het dossier met de fictieve theorie gekregen op 1 april en was net daardoor achterdochtig geworden. Dit is knap onderzoek van de studenten; ze verdienen hun diploma met felicitaties van de jury. Ze hebben slechts één fout gemaakt: hun model is té goed. Wat ze in elkaar hebben geschoven, is wel degelijk een leuk managementmodel, zoals er jaarlijks tientallen door consulenten, trainers en schrijvers in elkaar worden geflanst. Alleen is het hunne beter, én ook goed verpakt. De markt slikt immers niet alles. Zelfs niet bij managementmodellen. De auteur is hoofddocent aan de Universiteit Gent en partner van de Vlerick Leuven Gent Management School. Reacties: marc.buelens@trends.beMarc Buelens