Het is van 1956 geleden dat in België nog een nieuwe bank werd opgestart. Dat was toen Argenta. Oprichter Karel Van Rompuy bouwde de Antwerpse financieringsmaatschappij eerst uit tot een lokale spaarbank en later tot de voornaamste uitdager van de vier grootbanken. Het kan dus: een bank van nul starten en succesvol laten doorgroeien.
...

Het is van 1956 geleden dat in België nog een nieuwe bank werd opgestart. Dat was toen Argenta. Oprichter Karel Van Rompuy bouwde de Antwerpse financieringsmaatschappij eerst uit tot een lokale spaarbank en later tot de voornaamste uitdager van de vier grootbanken. Het kan dus: een bank van nul starten en succesvol laten doorgroeien. Nochtans was NewB jarenlang omgeven door een zweem van twijfel en kritiek. Het project voor een nieuwe, duurzame en coöperatieve bank was opgestart door idealistische individuen en organisaties uit de sociaal-maatschappelijke hoek. Ideologie was de voornaamste drijfveer. NewB moest een alternatief bieden voor het onethische en risicovolle gedrag van de grootbanken, die in 2008 het financieel systeem op de rand van de afgrond brachten. Ideologie is evenwel geen goede economische basis voor het welslagen van een project. Dat bleek tijdens de beginjaren van NewB. Na de oprichting in 2011 maakte de kandidaat-bank nauwelijks vooruitgang. Van het opgebouwde kapitaal van 15 miljoen euro bleef vorig jaar maar 5 miljoen meer over. Tegen de verwachtingen in slaagde NewB erin 35 miljoen euro vers kapitaal op te halen. Dat was voor regelgevers en toezichthouders de eerste voorwaarde om kans te maken op een banklicentie. Uiterlijk midden maart 2020 zal de ECB, op advies van de Nationale Bank van België, beslissen of NewB die licentie krijgt. Cruciaal wordt de geloofwaardigheid van het businessplan, dat voorziet dat NewB de eerste jaren verlies zal maken, maar tegen 2024 winstgevend is. De kans is klein dat de autoriteiten NewB een banklicentie weigeren. Hoe leg je uit dat een bank die 35 miljoen ophaalde bij 70.000 particuliere coöperanten, 228 sociale organisaties en een aantal overheidsinstellingen (onder meer het Waals en het Brussels Gewest, de universiteiten ULB en UCL) toch niet van start mag gaan? Terwijl tezelfdertijd kleine en grote techbedrijven zich op de financiële industrie gooien, vaak zonder zich van winstgevendheid of kapitaalvereisten iets aan te trekken. De nakende concurrentie met techbedrijven bepaalt steeds meer het denken en handelen van de grote financiële instellingen. Door de lage rente en de vlakke rentecurve staan hun inkomsten onder druk. De kosten daarentegen lopen op, vooral door de stijgende budgetten voor IT-investeringen en data-analyse, die nodig zijn om de concurrentie met digitale spelers aan te gaan. Dat leidt tot schaalvergroting. De druk op de kleine en middelgrote banken om samen te gaan, neemt toe. Vorig jaar was er al de overname van AXA Bank door Crelan, terwijl Bank Nagelmackers op het punt staat verkocht te worden. Ook in de verzekeringssector laat de druk van de lage rente op de rendabiliteit en de solvabiliteit zich steeds meer voelen. Na de overname van Fidea door Baloise en de alliantie tussen Crelan en AXA in 2019 ziet het ernaar uit dat ook daar de consolidatietrend nog even doorgaat.