TRENDS. Argenta moet een familiejuweel blijven?

KAREL VAN ROMPUY (ARGENTA). "Wij bezitten een historische drang om onafhankelijk te blijven. Dat is geen kwestie van prestige, het is een kwestie van gezond verstand. Stel dat Argenta zou worden verkocht. Dan ontvang je een fiks bedrag. Waar ga je dat stoppen? Op de beurs, in de handen van een vermogensbeheerder? Je kan toch beter die sommen zelf beheren en de ondernemingen die ze ondersteunen laten leiden door professionele mensen die je kent en die de bedrijfscultuur kennen. Onze kwetsbaarheid als familie is veel kleiner nu dan indien we moeten leunen op vreemde instellingen en financiële analisten. Onze situatie is eenvoudig en doorzichtig."
...

KAREL VAN ROMPUY (ARGENTA). "Wij bezitten een historische drang om onafhankelijk te blijven. Dat is geen kwestie van prestige, het is een kwestie van gezond verstand. Stel dat Argenta zou worden verkocht. Dan ontvang je een fiks bedrag. Waar ga je dat stoppen? Op de beurs, in de handen van een vermogensbeheerder? Je kan toch beter die sommen zelf beheren en de ondernemingen die ze ondersteunen laten leiden door professionele mensen die je kent en die de bedrijfscultuur kennen. Onze kwetsbaarheid als familie is veel kleiner nu dan indien we moeten leunen op vreemde instellingen en financiële analisten. Onze situatie is eenvoudig en doorzichtig."HUGO VANNESTE (ARGENTA). "De due diligence is gebeurd, de discounted cashflow berekend en die ligt hoger dan de nettoactiefwaarde van 451 miljoen euro. Met de winstverwachtingen die we nu hebben, beschikken we tot en met 2003 over voldoende eigen middelen om de groei in bijvoorbeeld de hypotheken te dekken. Dus zolang hoeft een beursgang niet, de aandeelhouders zullen beslissen." VAN ROMPUY. "Inderdaad. De beslissing moet vallen tegen 2004, maar je weet nooit. Veronderstel dat de hypothecaire markt boomt, niet alleen in Nederland, maar ook in andere landen. Dan kan je niet zeggen: we zijn niet klaar. Dat zou een enorm verlies aan energie en mogelijkheden zijn, dus houden we daar rekening mee. We zouden morgen kunnen starten met onze beursgang, maar we zijn er niet happig op." VAN ROMPUY. "In de eerste plaats zijn er structuren gemaakt die jaren meekunnen: een koepel met daaronder een bancaire en verzekeringspool. Dat heeft veel tijd en moeite gekost en hangt samen met de beursgang. Die structuren zijn we aan het implementeren en daar komen wrijvingen van, maar geen problemen. Argenta Assuranties en Argenta Spaarbank waren enigszins verweven, maar die verweving wordt uitgezuiverd tot een verzekeringspoot en een bankpoot. "Argenta heeft drie externe bestuurders en zoekt een vierde. Er zijn weinig goede kandidaten voor de taak van externe bestuurder, zeker niet na het vaststellen van de verantwoordelijkheid die zij dragen in een debacle als Lernout & Hauspie. Wie durft nog? De eisen liggen zeer hoog." VAN ROMPUY. "In Duitsland zijn we gestart, maar daar gaat het moeizamer om wettelijke en praktische redenen. In Frankrijk is het, na pogingen om te starten, met de lage rentestand daar niet opportuun om er veel boontjes in de week te leggen."VANNESTE. "Nederland heeft geen agentenfilosofie. We hebben in Nederland veel geluk gehad, de rode lopers waren er, maar niemand kende ze. Qua rendement haal je in Nederland meer dan in België. Voor het beheer van onze Nederlandse portefeuille zijn wij gaan samenwerken met de diensten- en administratieve groep Stater. In Nederland bestaan de zogenaamde kredietcellen, verenigingen van makelaars met vijftig, zestig, honderd leden. De kredietcellen beheersen 70% van de markt. De combinatie van enerzijds Argenta dat de beste tarieven verstrekt _ en dan verdienen we nog steeds meer dan in België _ en anderzijds de distributie langs de kredietcellen, bijvoorbeeld het netwerk van De Hypotheker, verklaart onze snelle groei." VAN ROMPUY. "De Nederlandse markt heeft voldoende potentieel, zij is driemaal groter dan de Belgische en het gemiddelde bedrag per dossier is tweemaal groter dan in België. Ik schat dat we in 2001 makkelijk 1,25 miljard euro zullen optekenen in Nederland."VANNESTE. "De spaardeposito's in Nederland zijn duurder en zodoende kunnen de hypotheekmaatschappijen niet de lagere tarieven geven die wij aanbieden. Wij gaan gemakkelijk 10 centiem lager dan zij zonder ons pijn te doen en we verdienen meer dan in België."VAN ROMPUY. "Wij mikken op gezinnen, de particuliere markt, ook in Nederland. Maar de Nederlander is minder honkvast, hij begint klein, verkoopt na tien jaar zijn woning voor een grotere of voor vastgoed in het buitenland. De Nederlander is gevoelsmatig minder gebonden aan zijn vastgoed, dat is anders dan een Vlaming."Ons succes in Nederland wordt ook verklaard door de liberalisering. Die is daar veel verder opgeschoten dan bij ons. In Nederland is er geen enkel probleem om snel aanvaard te worden en een vergunning te krijgen. Bij ons heb je veel vijven en zessen nodig, in Nederland is er een branchefederatie. Die zegt ja, dan teken je de deontologische code en de volgende dag kan je beginnen. Bij ons duurt de erkenning als kredietverstrekker maanden en maanden. Ginder valt het verdict onmiddellijk."VAN ROMPUY. "Ik deed destijds heel veel schattingen en bekeek niet veel huizen boven 600.000 euro. Nu passeren er elke dag dossiers voor huizen boven 1,8 miljoen euro. Met die bedragen heb ik problemen. Ik stel me de vraag, wat doen die mensen, daar zoveel geld in steken. Dat raakt me."VANNESTE. "De huizenmarkt loopt als een trein. Sinds Batibouw zijn de hypotheekaanvragen continu op niveau gebleven. De maanden juli en augustus zijn normaal kalm, maar er was geen inzinking. Argenta ontvangt maandelijks gemiddeld 1000 aanvragen en in de zomer 300 à 400. Dit jaar waren er in juli en augustus ook 1000 klanten." VAN ROMPUY. "Je hebt twee elementen, de recessie en de slabakkende beurs. Vlamingen zijn in de algemene zin conservatief en áls ze beginnen speculeren, zijn ze diep ongelukkig wanneer het tegenvalt, ze kunnen daar niet mee leven. Veel spaarders hadden beter de beurs vermeden, het is niet goed voor hun hart. Op dit ogenblik is het onroerend goed florissant. De spaarders vermijden de roerende spaarvormen."Er is een tweede reden. De overheid is soepeler voor bouwen en bouwvergunningen. Als je tot twee jaar geleden een bouwvergunning wilde, was het een zwaar karwei. Met de zogenaamde invulregeling loopt alles vlotter. Wij hadden een terrein en een gebouw in de Lamorinièrestraat, dat wij renoveren voor de uitbreiding van het hoofdkantoor. De waarde van dat terrein is op drie jaar met 300% gestegen."VAN ROMPUY. "De investeringen in het distributienet zijn de hoeksteen. De agenten investeren ook zelf. Wij plaatsen wel de personeelsadvertenties en bezorgen de reacties aan de agenten. Het aantal medewerkers stijgt in de distributie."VANNESTE. "Ondanks onze eigen inspanningen en de bouwplannen zakte de verhouding tussen kosten en inkomsten van 52% naar 46%, want we lieten de kosten dalen en ons inkomen stijgt. De nieuwe medewerkers kosten geld, maar door de investering in mensen is er meer groei, en door die groei stromen meer middelen en meer hypotheekdossiers binnen."VAN ROMPUY. "Je moet een onderscheid maken tussen het verleden en het heden. Ik begon in 1965 en rekruteerde een trouwe kring van agenten. Ik lette meer op motivatie en binding met de klanten dan op grote technische vaardigheid. Bij de start hadden we ook veel deeltijdse agenten. Nu heb je te doen met jonge mensen aan de ene kant en de oudere agenten met kinderen en kleinkinderen die overnemen aan de andere. De vraag naar agentschappen binnen Argenta is veel groter dan het aanbod. Als er een agentschap vrijkomt, gaat er geen week voorbij of er is een koper. Meer en meer agenten kopen een tweede kantoor. Zij zeggen: we verdienen goed ons brood, waarom zouden we niet investeren in een tweede kantoor, dus in het personeel van een kantoor, in zogenaamde sunk costs, eenmalige kosten die heel lang vruchten opleveren. Fiscaal is het interessant, je kan die kosten aftrekken in het jaar dat ze gemaakt werden. Een goede Belg betaalt als het moet, maar aan de fiscus weinig of niet." VANNESTE. "Per jaar steken er drie of vier agenten over van andere financiële instellingen, meer niet. Vroeger was het makkelijk om een zelfstandige agent te vinden. Maar in de jaren negentig leverden wervingsadvertenties niets meer op. We zijn daarop begonnen met eigen kantoren, onze Net Twee-kantoren. Net Een-kantoren zijn van de zelfstandigen. Op een bepaald ogenblik hadden we tachtig Net Twee-kantoren. De kantoorhouders waren onze bedienden, die bleven twee à drie jaar in dat statuut en vroegen dan vaak, mogen we de portefeuille beheren als zelfstandige? Veel mensen uit onze centrale administratie, zelfs kaderleden, werden zelfstandig agent. Dat verklaart de trouw aan Argenta. Begin jaren negentig had Argenta nog zeer veel halftijdse agentschappen, nu slechts een dertigtal. Vaak zijn het oudere agenten en die kan je niet verplichten over te schakelen naar het voltijdse statuut en zich allerhande nieuwe producten, tak 23 bijvoorbeeld, eigen te maken." VAN ROMPUY. "Wij hebben ook iets unieks bedacht: een portefeuille die wij in bruikleen geven. Welk jong mens kan een portefeuille van 600.000 euro kopen? Die jongelui moesten passen. Wij vonden een oplossing en kochten portefeuilles aan marktprijzen die Argenta in bruikleen gaf aan een geïnteresseerde die daarop werkte als een zelfstandige. Zo kan je onmiddellijk instappen in plaats van jaren te wroeten. Dat verklaart onze groei en de vernieuwing van de agentschappen. Op een gegeven ogenblik werkte de helft van de agentschappen met bruikleenportefeuilles."VANNESTE. "Elders in Europa heeft men een stelsel uitgebouwd van vergunningen. Die kunnen worden afgenomen in welbepaalde omstandigheden. Om te mogen optreden als tussenpersoon, bijvoorbeeld in verzekeringen, heb je een vergunning nodig. Ook voor afbetalingskredieten en voor het aantrekken van gelden is een vergunning vereist, maar niet voor hypothecaire leningen en evenmin voor sparen en beleggen."VAN ROMPUY. "Ze kunnen dan ook geen vergunning afpakken van iemand die strafbare feiten heeft gepleegd. Een agent kan dus zonder meer voor een andere kredietinstelling gaan werken, ook indien hij bijvoorbeeld fiscale fraude heeft gepleegd."VANNESTE. "De bankcommissie eist niet dat zelfstandige agenten in exclusiviteit werken inzake verzekeringen, hypotheken en afbetalingskredieten. De wetgever laat de commissie niet toe in te grijpen bij de individuele agent, maar legt de verantwoordelijkheid voor de werking van het agentennet bij de kredietinstellingen. De bankcommissie oefent dus uitsluitend toezicht uit op de wijze waarop een kredietinstelling haar net organiseert, controleert en desgevallend sanctioneert. Een exclusief agent moet door de kredietinstelling op passende wijze worden gesanctioneerd als hij _ als tussenpersoon _ is opgetreden bij het innen van roerende inkomsten door zijn klanten, zonder inhouding van de roerende voorheffing. Bij gebrek aan andere sanctiemaatregelen moet de agent bij ernstige onregelmatigheden worden 'afgesteld'."VAN ROMPUY. "Ja en neen. In de eerste plaats, de cliënten trekken zich er niets van aan. De Belgische klant waardeert dat inspanningen worden gedaan om geen belastingen te betalen. Daar kan ik niets aan doen, daar kan niemand iets aan doen, dat is zoals wij zijn als volk. De agenten die meenden dat ze diensten moesten bewijzen, belangeloos in de meeste gevallen, hebben zich kwetsbaar opgesteld. Nu moeten zij hun verantwoordelijkheid opnemen en de achterstallige roerende voorheffing betalen. Dat is niet prettig voor hen en evenmin voor ons. Doen zij het niet, dan is er maar één sanctie mogelijk: afstellen. Dat is tot nu toe eenmaal gebeurd."Als de agenten hun gezond verstand gebruiken, zeggen ze: we betalen liever aan de fiscus en dan zijn we er vanaf. Anders wordt hun reputatie zwaar beschadigd. Begin na je afzetting als agent wegens fiscale fraude maar eens opnieuw. Je hebt een gekraakte faam en de schade voor het agentschap is groot, ook als er een ontsnappingsroute bestaat door voor een andere instelling te gaan werken. De afzetting als sanctie is hard, bijna onmenselijk hard, but who cares bij de Commissie voor het Bank- en Financiewezen. Daar wast men de handen in onschuld als Pontius Pilatus." VAN ROMPUY. "Fair zou zijn dat de bankcommissie aan de kredietinstellingen die met agenten werken zou voorstellen een gentlemen's agreement af te sluiten. Als er iemand is die een overtreding heeft begaan, moet dat worden gemeld aan de bankcommissie en kan een kredietinstelling zich vergewissen van de toestand. Onze agent Van Gyseghem van Merelbeke is vertrokken naar Delta Lloyd. Hij beseft niet wat hij verliest. Voor Delta Lloyd is het gefundenes Fressen om zo een agentschap te krijgen. Ik ken Van Gyseghem al dertig jaar, van bij zijn begin. Als je die moet afgeven, dat is meer dan productie die je kwijt bent, daar ben je ziek van. Hij verliest op slag minstens 50% van zijn omzet en dat om een boete van 75.000 euro. Van Gyseghem is 65, met welke erfenis zadelt hij zijn zoon op? We besteden enorm veel tijd om die drama's te voorkomen." VAN ROMPUY. "Sinds 1993 leidt RogerMertens de driemaandelijkse directievergadering voor de agenten. Van al die bijeenkomsten hebben we bandopnames van het deel van zijn uiteenzetting over het voorkomingsbeleid. Als ik goed tel, is dat 32-maal tussen toen en nu. De boodschap zou dus doorgedrongen moeten zijn. Zij die op de blaren zitten, kunnen niet zeggen dat ze het niet wisten. Plus, in 1998 hebben onze agenten een protocol moeten tekenen over het voorkomingsbeleid. Meer konden wij niet doen. Wij hebben geen fout begaan ten overstaan van de agenten of de wetgever. Lees onze aankondigingen. Daar staat uitdrukkelijk in: 'De klant moet zijn verplichtingen ten opzichte van de staat naleven.' Wij hebben geen gevoel van schuld of medeplichtigheid. "Als de BZB wat fatsoenlijker was omgegaan met ons en Dexia, de twee geviseerden, dan hadden deze zaken bespreekbaar kunnen worden. Paul Van Welden van de BZB is hier echter niet welkom voordat hij heeft aangetoond dat wij medeschuldig zijn aan de fraude. Dat beweert hij al jaren zonder dat hij iets kan bewijzen. Zolang hij de stukken niet op tafel legt, praten wij niet met hem." VAN ROMPUY. "Ja. Maar op basis van die goede teksten wil de agentenvereniging de wetgever nog andere wijzigingen doen invoeren. Ten eerste vindt de vereniging dat een agent opnieuw moet kunnen werken voor meerdere maatschappijen. Wie dat verdedigt, kent de gevolgen niet. Wat gebeurde er voordat de bankcommissie het besluit op de exclusiviteit verordende? Een agent die een tekort in kas had, schoof dat tekort gewoon van de ene naar de andere maatschappij. Je kon het niet vinden voor het te laat was en de schade enorm. Iemand met kennis van zaken zal het doorbreken van de exclusiviteit nooit ofte nooit propageren. De bankcommissie zal deze wijziging trouwens niet dulden."Ten tweede wordt het rechtstreekse toezicht door de bankcommissie geëist zoals de Controledienst voor de Verzekeringen voor de tussenpersonen. Daar ligt Argenta niet wakker van. Maar het zal niet lukken, want dan heeft de bankcommissie veel werk." VAN ROMPUY. "De zogenaamde kwaliteitspers gooit regelmatig met slijk. Daarvoor spelen ze onder één hoedje met de syndicaten die teksten doorspelen en uit hun context halen. Historisch zijn de vakbonden van groot belang, zij hebben de rechtvaardigheid hersteld en hun rol in de ontvoogding van de kleine man is lovenswaardig. Echter, vandaag zijn de vakbonden treiteraars. Zij hebben altijd eisen en zoeken spijkers op laag water. Het is onprettig om met hen te moeten samenwerken, ze zijn verzuurd. Bij Argenta werkt één vakbond, de LBC. Daarmee zijn de verhoudingen traditioneel gespannen. Er was een rechtzaak die wij gewonnen hebben en het is er nadien niet op verbeterd." Frans Crols"Wij bezitten een historische drang om onafhankelijk te blijven. Dat is geen kwestie van prestige, maar van gezond verstand.""Wij hebben iets unieks bedacht: een portefeuille die we in bruikleen geven. Dat verklaart onze groei en de vernieuwing van de agentschappen.""De Belgische klant waardeert dat inspanningen worden gedaan om geen belastingen te betalen. Daar kan ik niets aan doen."