In een recent verleden zou om het even wie die voorspelde dat het nationalisme de stroming van de toekomst was, in het beste geval als een excentriekeling worden beschouwd. Alle krachten in de zakenwereld, de technologie en de financiën leken aan te sturen op verdere internationale integratie. Nieuwe supranationale organisaties als de Wereldhandelsorganisatie, de G20 en het Internationaal Strafhof werden opgezet om de grensoverschrijdende kwesties aan te pakken. De Europese Unie wierp zich op als het politieke model van de eenentwintigste eeuw.
...

In een recent verleden zou om het even wie die voorspelde dat het nationalisme de stroming van de toekomst was, in het beste geval als een excentriekeling worden beschouwd. Alle krachten in de zakenwereld, de technologie en de financiën leken aan te sturen op verdere internationale integratie. Nieuwe supranationale organisaties als de Wereldhandelsorganisatie, de G20 en het Internationaal Strafhof werden opgezet om de grensoverschrijdende kwesties aan te pakken. De Europese Unie wierp zich op als het politieke model van de eenentwintigste eeuw. In 2015 wordt steeds duidelijker dat het nationalisme terug van weggeweest is. Van Europa over Azië tot Amerika stijgen de macht en de invloed van politici die hun imago bouwen op het idee dat ze opkomen voor hun eigen land. Het gevolg is een toename van de internationale spanningen en een weinig hoopvolle achtergrond voor inspanningen tot multilaterale samenwerking. De heropleving van de nationalistische stijl in de politiek werd duidelijk in 2014. In India won Narendra Modi, die vaak omschreven wordt als een hindoenationalist, overtuigend de verkiezingen. Nationalistische partijen boekten grote winst in de verkiezing voor het Europees Parlement. De Schotse nationalisten kwamen verontrustend dicht bij een overwinning in een referendum over onafhankelijkheid. Nationalistische retoriek stak ook de kop op in het Rusland van Poetin, toen het Kremlin binnenlandse steun verzamelde voor de aanhechting van de Krim. Wijdverbreide ontgoocheling over de elites, na jaren van teleurstellende economische groei, is een gemeenschappelijke factor. In Europa is een bijkomend ingrediënt de wrevel tegen de hoge immigratie. In Rusland is het de slepende vernedering over de instorting van de Sovjet-Unie en de nostalgie naar de status van grootmacht. In Azië voegt een verschuiving van het machtsevenwicht extra munitie toe, die landen als China en Zuid-Korea ertoe aanzet zich toe te spitsen op historische grieven, vooral over Japan. In de Verenigde Staten begon door de verontwaardiging over de uitbreiding van Islamitische Staat de roep voor een terugkeer naar een meer assertief en gemilitariseerd buitenlands beleid toe te nemen. Belangrijke maatstaven voor de sterkte van het nationalisme in Europa worden de algemene verkiezingen in Groot-Brittannië en een aantal lokale verkiezingen in Duitsland. Een stevig resultaat voor UKIP in Groot-Brittannië wakkert de vrees aan dat het land binnenkort uit de Europese Unie stapt. Intussen doet Alternative für Deutschland er alles aan om zich als de derde politieke kracht van het land te bevestigen. De Franse politieke klasse kijkt gespannen uit naar de opiniepeilingen voor meer aanwijzingen over de opgang van de leidster van het Front National, Marine Le Pen, tot een levensvatbare kandidate voor het presidentschap. Het Russische nationalisme blijft de grootste bedreiging voor de stabiliteit in Europa. De grootste vraag voor de veiligheid van Europa -- en misschien wel van de wereld -- is of president Poetin surft op de nationalistische golf die hij zelf mee in het leven heeft geroepen en Oekraïne en zelfs de Baltische staten blijft bedreigen. De relatie tussen nationalistische retoriek en territoriale geschillen is ook bepalend voor de toekomst van Azië. Modi van India, Abe van Japan en Xi van China zijn allemaal energieke natiebouwers, die het nationalisme gebruikten om binnenlandse hervormingen te forceren. Maar hun nationalisme heeft ook een gezicht dat naar buiten gekeerd is. De grote vraag voor Azië in 2015 is of de drang om interne hervormingen door te voeren in China, India en Japan de internationale rivaliteiten kan overtroeven. Er zijn redenen voor optimisme. Waarschijnlijk proberen politieke leiders hun verschillen bij te leggen zonder te moeten toegeven op principekwesties. De auteur is columnist buitenlandse zaken van Financial Times.GIDEON RACHMAN