Nu ook de buitenlandse media onze energieproblemen hebben opgepikt, is de hysterie compleet. Ze doet onterecht afbreuk aan de kwaliteit die wij iedere dag verkopen in het buitenland. We moeten deze energiecrisis als een kans zien om ons land de eenentwintigste eeuw binnen te leiden.
...

Nu ook de buitenlandse media onze energieproblemen hebben opgepikt, is de hysterie compleet. Ze doet onterecht afbreuk aan de kwaliteit die wij iedere dag verkopen in het buitenland. We moeten deze energiecrisis als een kans zien om ons land de eenentwintigste eeuw binnen te leiden. Als E.ON, een van de grootste energiebedrijven ter wereld, de handdoek in de ring werpt en zijn productiepark in de etalage zet, is dat niet alleen slecht nieuws. Natuurlijk maakt ons schip water, want onze technologische keuzes dateren uit het midden van de vorige eeuw. De recepten uit het verleden zijn geen optie meer voor de toekomst, gezien hun beperkte beschikbaarheid, hun impact op mens en milieu en hun hoge kostprijs. De lage olieprijs wiegt ons tijdelijk in slaap, maar iedereen weet dat dit slechts uitstel van executie is. De bouw van twee kerncentrales in Frankrijk en Finland bewijst dat zelfs technologie van de twintigste eeuw geen vanzelfsprekendheid meer is, zeker niet als we naar de kostprijs kijken. In eigen land moeten we na het kortetermijndenken ook beginnen te werken aan de langetermijnoplossingen, en liefst beginnend met een wit blad. Als we niet de discipline hebben om nieuwe wegen als einddoel te bedenken, kunnen we onze welvaart niet behouden. Natuurlijk is de bestaande situatie altijd het vertrekpunt, maar gebruik ze niet om je einddoel te definiëren, want dan riskeer je de eindstreep niet te halen. De 61 miljard euro die we de komende decennia moeten investeren in de elektriciteitsproductie in ons land, doet terugdenken aan de grote uitdagingen tijdens en na de Tweede Wereldoorlog. Tijdens de oorlog drukte de overheid oorlogsobligaties, en ook nu kan dit een deel van de oplossing zijn: energieobligaties op dertig jaar, waarmee we met ons geld in onze economie investeren, voor onze energie. De opbouw van Duitsland was niet mogelijk geweest zonder het Marshallplan, maar men vergeet al snel dat daarvoor gigantische financiële middelen nodig waren. Een combinatie van energieobligaties, nucleaire afroming en hogere energieprijzen kan de financiële sector mee mobiliseren om die enorme investeringen mogelijk te maken. Nieuwe oplossingen die ons milieu niet onnodig belasten, zullen ongeziene neveneffecten creëren. Dan kunnen we streven naar een economisch model dat verder gaat dan simpelweg 2 procent groei per jaar. Onze samenleving in haar geheel heeft in haar huidige vorm last van obesitas aan het noordelijk halfrond en armoede aan het zuidelijk halfrond. Een betere verdeling in combinatie met een economisch model dat gebaseerd is op duurzame groei, is het enige model dat zal werken. Ook Einstein begreep dit. Toen ze hem vroegen wat de grootste uitdaging van de mensheid was, zei hij: "Exponentiële groei". De energiesector moet ook de hand in eigen boezem durven te steken, en samenwerken in plaats van te concurreren. Iedereen beschouwt water en voedsel als onmisbaar voor het leven op aarde, maar ik durf te stellen dat energie een derde pijler is. Onze samenleving en economie gebruiken energie als fundering om welvaart en welzijn te creëren. Men kan zich afvragen of we dat aan de vrije markt kunnen overlaten. De vrije markt en haar privébedrijven zijn niet in staat om de risico's te dragen die dat met zich brengt. Ook moet men beseffen dat door de energiebedrijven uit elkaar te halen, door bijvoorbeeld hun netwerken verplicht af te stoten, het onderpand om langetermijninvesteringen te kunnen doen voor een groot deel onmogelijk geworden is. Aangezien de markt nadien niet volledig is vrijgemaakt, leven de energiebedrijven tussen wal en schip. Doe daar de normen van Bazel III bovenop voor de banken, en je hebt het perfecte tekort gecreëerd voor langetermijninvesteringen in infrastructuur. Als energie overgeleverd wordt aan de waan van dag, dan zal de volgende energierevolutie op dezelfde grondslagen stoelen. Gaan we echter de uitdaging aan en vinden we een gezamenlijk project met sterke leiders, dan zullen we ook deze oorlog winnen. We vechten vooral tegen onszelf, de vrees om te veranderen, om te verliezen en het grote gat genoemd het onbekende. De auteur is gedelegeerd bestuurder van NPG energy.ANDRÉ JURRESIedereen beschouwt water en voedsel als onmisbaar voor het leven op aarde, maar ik durf te stellen dat energie een derde pijler is.