JOHAN DE CROM
...

JOHAN DE CROMHet MAS staat op de Hanzestedenplaats, in het noorden van de stad, in de wijk Het Eilandje. Hier besloot Napoleon zijn Bonaportedok te graven en werd de haven van Antwerpen gesticht. Vandaag is het een scharnierpunt waar de economie van de haven en de cultuur van de stad elkaar raken. In 1998 besloot het schepencollege er het MAS of Museum aan de Stroom te bouwen. Van morgen tot maandag 16 mei vindt in een doorlopend spektakel van theater, zang, dans en performance de feestelijke opening plaats. Vijf jaar na de eerstesteenlegging. Het museum verenigt de collecties van het Etnografisch Museum, het Nationaal Scheepvaartmuseum en het Volkskundemuseum, aangevuld met een deel van de collectie van het Museum Vleeshuis en de collectie Paul en Dora Janssen-Arts. De architecturale parel is van de hand van Neutelings Riedijk Architecten. "Het is een museum van ontroerend erfgoed", drukt schepen van Cultuur Philip Heylen (CD&V) zich haast lyrisch uit. "We zijn de uitdaging aangegaan om de 470.000 stuks uit al deze musea niet naar kunstvorm, maar thematisch op te delen. Naar mijn weten is dat uniek in de wereld. We willen universele verhalen vertellen, los van oorsprong, type of materiaal van een kunstwerk." Die universele verhalen passen in de thema's 'wereldstad', 'wereldhaven', 'machtsvertoon' en 'leven en dood'. Het MAS telt negen verdiepingen die er compleet verschillend uitzien en waarrond bezoekers zich langs roltrappen wentelen. Langs deze zogenaamde wandelboulevard werpen zij vanaf de vier kanten van het geblokte museum en doorheen golvende ramen telkens een andere blik op stad, stroom en haven. Het ontzag daarvoor stijgt alvast bij de Antwerpenaar per verdieping. "Dit museum is niet in zichzelf gekeerd, maar richt zijn blik naar buiten, naar de Schelde, zijn poort tot de wereld", zo ziet de schepen dat. Het MAS is met de gratis wandelboulevard, een fenomenaal dakterras en een groot plein van de hand van Luc Tuymans voor de ingang, ook een ontmoetingsplaats. In vier aangrenzende paviljoenen is er expositieruimte voor hoofdsponsors en er is kantoorruimte. Het MAS kostte 57 miljoen euro, waarvan 43 miljoen euro gelijk verdeeld werd over de Vlaamse overheid en de stad Antwerpen. "De andere 14 miljoen euro moest ik zelf bij elkaar zoeken. We verkochten voor 7 miljoen euro de gebouwen van het Volkskunde- en Etnografisch Museum. Liefst 6,3 miljoen euro haalden we uit private sponsorgelden, dat is een gigantisch bedrag en een record in België", zegt Philip Heylen. Hij moet nog 700.000 euro vinden. De hoofdinkomsten komen van de vier stichters van het MAS, die elk sponsorden voor een pakket van 800.000 euro. Het zijn Umicore, KBC Bank & Verzekering, Port of Antwerp en SD Worx. Nog twee andere hoofdsponsors - Elia en een organisatie die eerstdaags wordt bekendgemaakt - brengen elk 400.000 euro aan en de partners BAI MASshop en het Antwerp World Diamond Center (AWDC) leggen samen 1,2 miljoen euro op de plank. Meyvaert en Bulvano nv sponsoren in natura. "Deze organisaties worden aangetrokken door de uniciteit en de zichtbaarheid van het project", meent de schepen. "Dit museum staat voor innovatie, participatie, verjonging en diversiteit." "Onze grote sponsors kozen uit een pakket van 400.000 of 800.000 euro en we hebben van bij het begin heel duidelijk gemaakt wat ze daarvoor in de plaats kregen. We hebben tailor made packages aangeboden, deze organisaties moeten perfect kunnen zien wat de return is van hun investeringen", zegt Philip Heylen. "In de culturele sector hebben we te lang betuttelend opgetreden, de bedrijfswereld gewezen op zijn 'morele plicht' om cultuur te steunen. Dat moet vandaag anders. We hebben ook te lang zuiver geteerd op subsidies van de overheid, terwijl economie en kunst doorheen de geschiedenis hand in hand gaan. In de tuin van het Rubenshuis staan beelden van Mercurius en Athene naast elkaar. Dat zegt het toch helemaal? In het MAS tonen we hoe de grote wereldreizigers en handelaars ook verzamelaars waren. Kunst en economie gaan hand in hand. De ligging van het MAS is dan ook zeer symbolisch." Die begeesterende vertelling bracht Philip Heylen op meer dan honderd roadshows in businessclubs, bedrijven en verenigingen, met als doel 'Antwerpse handjes' van 1000 euro per stuk te verkopen. Die zijn voor een keer niet van chocolade, maar van metaal en prijken met de naam van de schenker op de gevel van het MAS. "Zonder het MAS was er van stadsontwikkeling op het Eilandje geen sprake. Daar ben ik formeel in", stelt de schepen. "Dit project trekt investeerders aan, bedrijven komen zich hier vestigen, de lokale economie breekt open. We krijgen hier een sociale mix, met naast betaalbare huizen ook dure appartementen." Philip Heylen vreest niet dat met de verhuizing de stadsbeleving rond de vroegere musea verdwijnt. "Het aantal mensen dat naar het Volkskundemuseum ging achter het stadhuis, was heel beperkt en ook het Etnografisch Museum, goed verborgen achter de Suikerrui, bleef onbekend en onbemind. Het stadscentrum moet het niet van de musea hebben." De Antwerpenaar kan niet langer gratis naar zijn musea, zoals dat vroeger het geval was, want de stad werd daarvoor teruggefloten door Europa. "Wij vinden dat jammer, maar met de A-kaart, een soort lidkaart voor cultuur- en sportbeleving in de stad, kan de Antwerpenaar wel gratis naar de permanente tentoonstelling en voor 8 euro naar de tijdelijke tentoonstelling. Die kaart kost 3 euro", glimlacht de schepen breed.. "In het MAS zijn de 470.000 museumstukken opgedeeld naar thema's, niet naar kunstvorm. Dat is uniek in de wereld"