Repetitive Strain Injury (RSI) is een verzamelnaam voor overbelastingsletsels van spieren, pezen, gewrichten en zenuwen van nek tot vingers en in de rug. Pijn, vermoeidheid en krachtverlies zijn de belangrijkste symptomen. Ze treffen vooral beeldschermwerkers, mensen dus die uren achter een computer slijten. Werken met een toetsenbord en met een muis zijn geen natuurlijke manieren van bewegen en een klassieke computermuis is geen goed ergonomisch ontworpen werktuig.
...

Repetitive Strain Injury (RSI) is een verzamelnaam voor overbelastingsletsels van spieren, pezen, gewrichten en zenuwen van nek tot vingers en in de rug. Pijn, vermoeidheid en krachtverlies zijn de belangrijkste symptomen. Ze treffen vooral beeldschermwerkers, mensen dus die uren achter een computer slijten. Werken met een toetsenbord en met een muis zijn geen natuurlijke manieren van bewegen en een klassieke computermuis is geen goed ergonomisch ontworpen werktuig. Uit onderzoek van TNO Arbeid in Nederland, gevoerd in 2003, blijkt dat 40 procent van de beroepsbevolking ooit al met RSI-symptomen te maken had. Dat kan niet anders dan leiden tot productiviteitsverlies en werkverlet. Opvallend veel jonge mensen, zelfs kinderen, kampen met RSI-klachten. Veelvuldig sms'en en uren doorbrengen met computerspelletjes zijn eveneens bekende oorzaken van RSI. De oorspronkelijke term muisarm dekt het klachtenpatroon al lang niet meer. Sms-duimpjes en schrijfkramp behoren evengoed tot RSI. Het risico op RSI hangt van veel factoren af: de tijdsduur dat je achter een computer doorbrengt, de kracht waarmee toetsen en muis gehanteerd worden, een slechte zithouding, het te weinig inlassen van rustpauzes en een te hoge werkdruk. Uit onderzoek blijkt dat ook de mentale ingesteldheid, zoals stress en het ervaren van werkdruk, in combinatie met persoonlijkheidskenmerken, waaronder stressbestendigheid, en de sfeer op de werkvloer een vinger in de pap hebben. RSI begint tamelijk onschuldig, maar kan ernstige en zelfs invaliderende vormen aannemen. Men onderscheidt drie stadia. In stadium 1 staat de pijn op de voorgrond. Die pijn is meestal goed te lokaliseren, in het polsgewricht bijvoorbeeld. Hij treedt op aan het einde van een lange werkdag en kan nog een tijdje voortduren na het beëindigen van de dagtaak. De pijn is al minder goed lokaliseerbaar in stadium 2: hij straalt uit naar de aangrenzende delen van het lichaam. Pijn treedt nu ook sneller op tijdens het werken en houdt langer aan nadat men gestopt is. In stadium 3 ten slotte is de pijn bijna constant aanwezig en uitgebreid over een groter lichaamsgebied. Hij kan maandenlang aanhouden. Hoe langer RSI aansleept, hoe moeilijker het wordt om er weer van af te geraken. De aanpak is tweeërlei: verminder de belasting en verhoog de belastbaarheid. Om de belasting te verminderen, moet je zorgen voor optimale werkomstandigheden. Zorg voor een aangepaste stoel, zodat je lichaamshouding optimaal is, plaats het beeldscherm op de juiste hoogte, las meer korte pauzes in, wissel de werkzaamheden en ga eventueel minder werken. Ergonomische voorzieningen op de werkplek kunnen ook veel leed voorkomen. Je belastbaarheid verhoog je door voldoende ontspanning te nemen, gezond te eten en aan je conditie te werken. Met een fit lichaam loop je duidelijk minder risico op RSI. Probeer de stress te beperken, leer neen zeggen bijvoorbeeld. Uit onderzoek blijkt dat mensen met RSI niet de gedoodverfde zeurkousen zijn zoals soms gedacht, maar veeleer perfectionisten die hun werk goed willen doen en zeer gemotiveerd zijn. Precies die mensen die de klachten negeren, omdat ze niet willen dat hun werk eronder lijdt. Een hoge werkdruk ten slotte verdubbelt de kans op RSI. Mensen die onder te hoge druk staan, blijven te lang achter hun computer zitten zonder pauzes in te lassen. Bovendien verhoogt stress de spierspanning in nek en schoudergordel. Die verkrampte houding is een ideale voedingsbodem voor RSI. Marleen Finoulst