Tijdens een sollicitatiegesprek vertelde de werkgever me dat hij het dragen van een hoofddoek en andere religieuze kleding of tekens verbiedt. Hij beweert dat de klanten hierdoor gechoqueerd zouden zijn. Heeft hij het recht om dat te verbieden?

We moeten er eerst op wijzen dat een wet uit 2007 iedere vorm van directe discriminatie op basis van geloofsovertuigingen verbiedt, ook op het werk. Tenzij, zo verduidelijkt de wet, het onderscheid gerechtvaardigd wordt door wezenlijke en bepalende beroepsvereisten. Als de werkgever het dragen van bepaalde kledingstukken verbiedt omdat ze gevaarlijk kunnen zijn in de functie of de werkomgeving (werken aan de band, bij hoge temperatu...

We moeten er eerst op wijzen dat een wet uit 2007 iedere vorm van directe discriminatie op basis van geloofsovertuigingen verbiedt, ook op het werk. Tenzij, zo verduidelijkt de wet, het onderscheid gerechtvaardigd wordt door wezenlijke en bepalende beroepsvereisten. Als de werkgever het dragen van bepaalde kledingstukken verbiedt omdat ze gevaarlijk kunnen zijn in de functie of de werkomgeving (werken aan de band, bij hoge temperaturen, met een specifieke uitrusting zoals een lasbril...), is er geen sprake van discriminatie en is het verbod niet onwettig. Ook als de werkgever zijn personeel verplicht een uniform te dragen - in dit geval met een hoofdbedekking - omwille van de hygiëne (keuken, laboratorium...) of de veiligheid (brandwerende of antistatische kleding), is dat een geldige reden om de hoofddoek te verbieden. Als het dragen van een uniform alleen vereist is voor representatieve functies (stewardessen, hotelbedienden...), wordt het vraagstuk delicater. Als het doel van het uniform erin bestaat een zekere neutraliteit tegenover de klanten te garanderen, kan dat een geldige reden zijn om religieuze kleding of tekens te verbieden, op voorwaarde dat dit verbod algemeen is en zonder onderscheid van godsdienst geldt, dat het beperkt blijft tot werknemers die rechtstreeks in contact komen met de klanten en dat het gerechtvaardigd kan worden door bijvoorbeeld het merkimago of de dienstverlening. De arbeidsrechtbank van Brussel gaf boekhandel Club dan ook gelijk in een zaak tegen een werknemer in januari 2008. Maar het Europees Hof van Justitie heeft er in het kader van de zaak-Feryn op gewezen dat de wensen van de klanten geen afdoende rechtvaardiging kunnen vormen. Werkgevers moeten dus vermijden verbodsregels op te leggen onder het voorwendsel dat de klanten gechoqueerd zouden kunnen zijn door een religieus teken. Het verbod op het dragen van een hoofddoek kan overigens ook worden afgedwongen wanneer het rechtstreeks gebaseerd is op een doelstelling van neutraliteit die verankerd zit in de wet voor ambtenaren en overheidsdiensten (in het onderwijs, bijvoorbeeld). Hebt u een vraag voor onze experts? Stuur een e-mail naar expert@trends.be.