Paul De Grauwe Econoom en professor aan de London School of Economics A Monetary History of the United States, 1867-1960 - Milton Friedman en Anna Jacobson Schwartz

"Ik heb dat boek gelezen tijdens mijn studie in de Verenigde Staten. Ik had toen nog geen welomlijnde visie op het geldsysteem. Het heeft me veel geleerd over hoe geld ontstaat, over hoe je het geldsysteem onder controle kunt houden en over hoe je een monetair beleid kunt voeren. Het boek was een eyeopener, al vergt het wel enige voorkennis. Het centrale idee is dat geld een belangrijk wapen is voor de centrale bank van een land. Die kan met een slim beleid de economische activiteit sterk beïnvloeden. Daarbij geldt de belangrijke nuance dat het om stimulansen op korte termijn moet gaan. Een stimulerend beleid kan de economische groei niet blijvend verhogen. Dat levert enkel inflatie op."
...

"Ik heb dat boek gelezen tijdens mijn studie in de Verenigde Staten. Ik had toen nog geen welomlijnde visie op het geldsysteem. Het heeft me veel geleerd over hoe geld ontstaat, over hoe je het geldsysteem onder controle kunt houden en over hoe je een monetair beleid kunt voeren. Het boek was een eyeopener, al vergt het wel enige voorkennis. Het centrale idee is dat geld een belangrijk wapen is voor de centrale bank van een land. Die kan met een slim beleid de economische activiteit sterk beïnvloeden. Daarbij geldt de belangrijke nuance dat het om stimulansen op korte termijn moet gaan. Een stimulerend beleid kan de economische groei niet blijvend verhogen. Dat levert enkel inflatie op." "Dit boek vertelt het verhaal van de Nationale Bank tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het gaat over de omzwervingen die onze goudvoorraad toen heeft gemaakt, en over hoe de Nationale Bank het land is uitgevlucht en een speciale bank heeft opgericht om de economie en de handel met de Duitsers draaiend te houden. Het is een fantastisch historisch naslagwerk dat bijna leest als een roman. We spreken almaar van geld bijdrukken, terwijl het gaat om bankreserves. Pas als die door commerciële banken in leningen worden omgezet, komt er nieuw geld in de economie. Het heeft me ook het onderscheid duidelijk gemaakt tussen cash, het digitale geld op onze bankrekeningen en de bankreserves." "Keynes schrijft dat geld niet alleen een ruilmiddel is, maar ook een oppotmiddel dat bescherming biedt tegen onzekerheid. Zo is de verwachte opbrengst van een investering op lange termijn onderhevig aan grote onzekerheid over de toekomstige economische vraag. Dat verklaart de terugkerende golven van optimisme en pessimisme. Hij begreep ook het belang van massapsychologie voor beleggen maar al te goed. En hij leerde me ook dat de neoklassieke opvatting die stelt dat geld neutraal is, niet klopt." "In dat werk omschrijft Aristoteles het 'goede' leven dat de mens zou moeten nastreven. Dat leven steunt op kennis en inzicht, en maakt het voor iedereen mogelijk om zijn of haar talenten te ontplooien. In het Engels heet dat een fulfilled life, omdat het op zich voldoening schenkt. Een goede economie hoort volgens Aristoteles aan dat goede leven bij te dragen door te zorgen voor dynamiek én inclusie. Geld past daar volgens hem in als een middel om ruil en handel te vergemakkelijken. Maar geld mag geen doel op zich zijn, en speculatieve woeker is verwerpelijk." "Dit is een echt handboek voor beleggers. Het geeft zoveel extra inzichten over hoe je systematisch kunt beleggen in aandelen. Het is zo helder en eenvoudig uitgelegd, dat je jaloers bent dat je daar zelf nooit bent opgekomen en er zo weinig bij hebt stilgestaan. Dankzij dit boek pak ik beleggingen grondiger, serieuzer en vooral veel systematischer aan, vanuit een vaste structuur. Zo kan ik het toeval zo veel mogelijk bannen." Zowel Koen De Leus als Véronique Goossens tipte ook nog Iedereen belegger van Pierre Huylenbroeck als handboek om zonder emoties te leren beleggen. "Het boek vertelt het verhaal achter de Grote Depressie van de jaren dertig vanuit het perspectief van de voorzitters van de centrale banken van de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk, Duitsland en Frankrijk. Het legt haarfijn uit hoe de centrale bankiers soms nobele doelstellingen vooropstelden, maar geen meter ver zagen in de nevelen van de toekomst. Soms namen ze beslissingen die later noodlottig bleken en totaal absurd bleken. Soms verdedigden ze veeleer hun eigen macht en prestige dan het algemeen belang. Die vier bankiers hebben op een gegeven moment de wereld geruïneerd. We hebben véél geleerd uit die periode, maar vandaag verwachten we te veel van onze centrale bankiers." "Mosler was een obligatiehandelaar op Wall Street. Hij verdiepte zich in hoe de markt voor Amerikaanse overheidsobligaties, de schatkist, de centrale bank en het bancaire systeem samenhingen. Hoe dieper hij groef, hoe meer hij inzag dat enkele gangbare theorieën over geld en de economie niet klopten. Mosler is een van de grondleggers van de Modern Monetary Theory, kortweg MMT. Die theorie bestaat al decennia, maar maakt de jongste tien jaar sterk opgang in de Verenigde Staten. Zo stelt hij dat overheden niet eerst inkomsten moeten genereren via belastingen en schulduitgiftes om die te kunnen uitgeven, maar dat het andersom is. Je kunt voor of tegen zijn, maar met dit boek leer je ontzettend veel bij over ons monetaire systeem." "Het idee dat een mens doorgaans rationeel handelt behalve als hij overmand wordt door emoties, is fout. Kahneman toont aan dat we twee systemen van denken hebben: een X- en een C-systeem. Het X-systeem, dat meestal de overhand haalt, is emotioneel, intuïtief en gebouwd om te overleven. Het heeft ons uitstekende diensten bewezen toen we in de oertijd nog op mammoets jaagden. Het C-systeem, dat langzaam en logisch redeneert en dat beleggers zo nodig hebben, is liever lui dan moe. De vallen die het X-systeem opzet voor beleggers, zijn talrijk. Dat ik die valkuilen ken, heeft ervoor gezorgd dat ik heel mijn manier van beleggen veranderd heb. Laat niet toe dat je brein lui wordt en dat je intuïtieve brein de overhand haalt."