Toen ze zich op haar 25ste in de verkoop van betonbalken stortte, hield ingenieur Marie-Anne Ronveaux (68) al twee troeven achter de hand: beton had sinds haar kinderjaren al geen geheimen meer, en ze bewoog zich zonder problemen binnen een echte mannenwereld.
...

Toen ze zich op haar 25ste in de verkoop van betonbalken stortte, hield ingenieur Marie-Anne Ronveaux (68) al twee troeven achter de hand: beton had sinds haar kinderjaren al geen geheimen meer, en ze bewoog zich zonder problemen binnen een echte mannenwereld. "Ik werd altijd overal vlot ontvangen, al was het maar uit nieuwsgierigheid. Daarna wisten ze zich mij altijd te herinneren," zegt ze glimlachend. Nu is ze voorzitter van de raad van bestuur en gedelegeerd bestuurder van de groep. "Het is voor mij een voordeel om een vrouw te zijn. Ik heb me altijd goed geamuseerd en als ik opnieuw moest beginnen, zou ik zonder aarzelen hetzelfde doen."Het begon allemaal tachtig jaar geleden in Ciney, waar Eugène Ronveaux zich als zelfstandige vestigde. In 1947 verhuisde hij naar het huidige bedrijfsterrein (tegenwoordig 7,5 hectare groot) in diezelfde gemeente. Intussen bereidde Eugène Ronveaux zijn dochter Marie-Anne voor op de stiel. Zij wou oorspronkelijk wiskundelerares worden, maar studeerde uiteindelijk af als bouwkundig ingenieur. In 1958 was ze een van de twee meisjes die met een ingenieursdiploma de universiteit van Luik uitkwamen. Datzelfde jaar deed Marie-Anne Ronveaux haar intrede in het familiebedrijf, nu bekend als Groupe Ronveaux maar toen een KMO die een omzet draaide van zo'n 500.000 euro en een vijftigtal mensen in dienst had. Eugène Ronveaux voorspelde dat de markt van de autosnelwegen enorm zou toenemen en gaf zijn dochter de opdracht om een nieuwe niche te zoeken in die sector. Met jeugdige stoutmoedigheid stortte ze de onderneming in haar eerste projecten in de burgerlijke bouwkunde. Het leidde tot de fabricage van balken voor bruggen en viaducten op autosnelwegen en voor industriële gebouwen. Gaandeweg begon Ronveaux vervolgens veerbruggen voor de spoorwegen te produceren en nog later 'groene' muren (geluidswerende muren met begroeiing). De firma nam een fabriek van spanbetonnen vloeren over en er werd geïnnoveerd op het vlak van daken, vloeren en gevels in beton. "We waren altijd op zoek naar iets verschillends, een speciale kwaliteit, een lagere kostprijs, dat ietsje meer," zegt Ronveaux. In snel tempo rezen dan ook de gebouwen ( North Gate en IBM in Brussel, de Cora-hypermarkten, de parking in Zaventem enzovoort) en de torens (telecommunicatietorens voor het leger, Belgacom en tv-zenders) uit de grond. Zowat vijf jaar geleden begon Ronveaux ook activiteiten in Frankrijk te ontwikkelen, waar de groep op dit ogenblik een derde van haar 'bouwomzet' realiseert. Onder de lopende projecten hoort de aanleg van de gigantische transport- en logistiekeenheid van Carrefour in de buurt van Parijs (90.000 vierkante meter). De groep exporteert ook een aantal producten naar Groot-Brittannië, Duitsland en Nederland, maar het gaat om zware producten die om economische redenen niet ver vervoerd kunnen worden. Daarom geeft Ronveaux er de voorkeur aan om vooral zijn knowhow te exporteren. Zo is de groep sinds 2001 present in Vietnam, waar ze een staatsbedrijf adviseert en knowhow op het vlak van investeringen en projectrealisatie aanbrengt. Ronveaux is vooral actief in de bouwsector en de burgerlijke bouwkunde, wat echter niet betekent dat het zijn elektriciteitsactiviteiten uit de beginjaren uit het oog verloren is. Die sector heeft in de voorbije jaren een hoge vlucht genomen onder impuls van Françoise Belfroid, de dochter van Marie-Anne, die van haar moeder de opdracht kreeg die activiteit nieuw leven in te blazen. Sinds 1999 is de omzet van de elektriciteitsbranche verdubbeld. Belfroid-Ronveaux, die zelf door haar vader in het bedrijfsleven gestort werd, heeft haar opvolging verzekerd door Françoise de teugels in handen te geven van het bedrijf in België en haar zoon Pierre aan het hoofd van de Franse onderneming te plaatsen. Ze heeft niet alleen vier kinderen maar ook veertien kleinkinderen, wier foto's in kadertjes hangen in haar kantoor met... betonnen muren. "Ik heb er geen enkele moeite mee om samen te werken met mijn dochter. We komen uitstekend overeen en onze manier om de problemen aan te pakken en te behandelen loopt parallel. Wat niet betekent dat we de zaken altijd op dezelfde wijze zien. Het is erg aangenaam om de teugels beetje bij beetje uit handen te geven."Ze heeft nu des te meer energie over voor aanverwante bezigheden. Ze is vice-voorzitter van de Betonfederatie en van de Fédération Professionnelle des Supports en Béton in Frankrijk, vice-voorzitter van de Union wallonne des Entreprises (de Franstalige tegenhanger van het VEV), past-president van de Fédération Royale d'Associations belges d'Ingénieurs Civils et d'Ingénieurs Agronomes (de Waalse evenknie de KVIV) en van de AILg ( Association des Ingénieurs de l'Université de Liège) en vice-voorzitter van de SRBII ( Société Royale belge des Ingénieurs et Industriels). Met de regeling van haar opvolging koesterde Marie-Anne Belfroid natuurlijk de hoop om haar onderneming voor 100 % in familiale handen te houden. Ze prijst zich nu gelukkig dat ze daarin ook geslaagd is. Maar, voegt ze eraan toe, "als het niet gelukt was om de familiale opvolging veilig te stellen, zou ik een andere oplossing gezocht hebben waardoor de onderneming en de 300 gezinnen die ervan afhangen verder konden leven."Martine Maelschalck"Het is voor mij een voordeel om een vrouw te zijn. Ik heb me altijd goed geamuseerd."