Na het expressionisme in de vroege twintigste eeuw ontstond een trend naar een objectieve, zakelijke weergave van de werkelijkheid. Na de wilde avant-garde hadden kunstenaars en schrijvers weer behoefte aan orde. Niet to...

Na het expressionisme in de vroege twintigste eeuw ontstond een trend naar een objectieve, zakelijke weergave van de werkelijkheid. Na de wilde avant-garde hadden kunstenaars en schrijvers weer behoefte aan orde. Niet toevallig stond het fascisme aan de voordeur. De term 'magisch realisme' of 'nieuwe zakelijkheid' werd op die beweging gekleefd, ook al wordt die term evengoed geassocieerd met literatuur, poëzie en zelfs de architectuur uit het interbellum, zowel in Europa als in Zuid-Amerika. Dankzij bruiklenen uit de Griekse George Economou Collection kan de Tate Modern in Londen een heel jaar lang gratis een overzicht tonen van magisch realistische kunst uit één regio in Europa: de Weimarrepubliek. De twee sleutelartiesten uit die periode zijn Otto Dix en George Grosz, wiens werk zowel een tijdsbeeld is als een universele kijk op de condition humaine. De expo stelt ook scherp op minder bekende artiesten, zoals Albert Birkle en Jeanne Mannen, die in die woelige tijden tussen 1919 en 1933 werkten.