Wie Catalonië zegt, denkt dezer dagen automatisch aan de spanningen tussen Barcelona en Madrid. Dagelijks zijn op televisiebeelden de gevechten te zien tussen Catalaanse separatisten en politici. Adéu Espanya! vertelt de geschiedenis van het conflict.
...

Wie Catalonië zegt, denkt dezer dagen automatisch aan de spanningen tussen Barcelona en Madrid. Dagelijks zijn op televisiebeelden de gevechten te zien tussen Catalaanse separatisten en politici. Adéu Espanya! vertelt de geschiedenis van het conflict. Het is weinig bekend dat Catalonië aan het begin van de jaren dertig kort een soort van onafhankelijkheid heeft gekend. De overtuigde separatist en revolutionair Francesc Maciá ging de geschiedenisboeken in als de eerste Catalaanse president. Op 14 april 1931 riep hij de Catalaanse republiek uit in Barcelona. Gemakkelijke was dat niet, want de verwachte buitenlandse hulp - hij rekende onder meer op de Sovjet-Unie en Italië - kwam niet. De eenzijdige verklaring lokte paniek uit in Madrid. Drie federale ministers, onder wie twee Catalanen, werden in allerijl naar Barcelona overgevlogen om er te onderhandelen met de afvallige deelstaat. Drie dagen later kwam een compromis uit de bus: Catalonië kreeg een autonoom statuut, maar de Catalanen ondertekenden een door Spanje opgelegd decreet over een 'vrijwillige federatie van volkeren'. Niet van harte: Maciá zou in 1932 verklaren dat dat toch niet de autonome status was waarvoor de Catalanen in een referendum zouden kiezen. Na de Spaanse burgeroorlog en de machtsgreep van Franco ging het Catalaanse nationalisme ondergronds, maar na de democratisering in 1975 laaiden de spanningen snel weer op. De belangrijkste figuur in de recente politieke geschiedenis van Catalonië was Jordi Pujol. Van 1980 tot 2003 zette hij ononderbroken de lijnen uit via een gematigd nationalistisch discours. Het leverde hem zes verkiezingsoverwinningen op rij op. Pujol was de man van het compromis. In ruil voor meer autonomie ondersteunde hij ook de Spaanse regeringen, ongeacht of ze links of rechts waren. Radicale bewegingen verweten hem die pragmatische aanpak. Aan het einde van zijn loopbaan sprak hij zich nog expliciet pro separatisme uit, maar toen hij in 2014 in een financieel schandaal verwikkeld raakte, was zijn liedje uitgezongen. Zijn opvolgers, Artur Mas en Carles Puigdemont, tonen zich stukken ambitieuzer. Of het ooit tot een Catalaanse staat komt, is verre van zeker. Niet alle Catalanen zijn nationalisten, concludeert de auteur en kenner Jan Huijbrechts.