LOKMIDDEL VOOR AVONTURIERS ?

De 53-jarige ondernemer en financier Paul de Vrée geldt zo’n beetje als de peetvader van het Belgische durfkapitaal. In 1983 richtte hij, na een aantal topfuncties bekleed te hebben bij het Nederlandse chemieconcern Akzo, het risicokapitaalfonds Advent Management Belgium op. Daarnaast stond hij mee aan de wieg van het Leuvense Icos en het Antwerpse Xeikon, vandaag twee volwaardige Nasdaq-bedrijven. Tussen al die bedrijvigheid door leidt Paul de Vrée ook een familiale onderneming die automatische vulmachines produceert voor de verfindustrie. “Er is nooit een gebrek aan durfkapitaal geweest”, merkt hij op. “Ook niet in België. Het probleem was alleen dat dit durfkapitaal niet altijd even zichtbaar was.”

TRENDS. Nu wel dus ? Het voorbije jaar staken hier overal nieuwe risicokapitaalfondsen de kop op.

PAUL DE VRÉE. Vóór de Golfcrisis heerste er in België een financiële euforie. Banken toonden zich erg vrijgevig met hun kredieten. Het was de periode van Super Club. Alles kon. Daarna volgde een zware inzinking waarbij de activiteiten in de financiële wereld en bij de beurs op een zeer laag pitje werden gedraaid. Nu de aandelenbeurzen de voorbije maanden geweldige resultaten hebben opgeleverd, is er opnieuw erg veel interesse voor durfkapitaal ontstaan. De beurs floreert als nooit tevoren. Sommige professionele investeerders beginnen zelfs uit te kijken naar alternatieve investeringskanalen, omdat ze vrezen dat de koerswinstverhouding te hoog ligt. Deze fondsen hebben erg veel geld verdiend met hun beurstransacties en verleggen nu hun interesse naar datgene wat aan het beursgebeuren voorafgaat : de markt van het private kapitaal.

Op welke concrete punten kan de overheid die evolutie ondersteunen ?

De overheid hoeft niets te doen. Het risicokapitaal is er. Alleen stroomde het in het verleden steeds weg naar het buitenland. De overheid kan wel een positief klimaat scheppen waardoor het risicokapitaal in België blijft.

Ik noem een paar voorbeelden. Een middelgroot Belgisch bedrijf mag officieel geen overuren maken, tenzij je hiervoor de officiële goedkeuring hebt van de ondernemingsraad of de vakbond. Hiervoor zijn onderhandelingen nodig, wat erg tijdrovend is. U kunt zich indenken dat een ontwikkelingsafdeling van een bedrijf, die zich met een paar ingenieurs de ziel uit het lijf werkt om een product tijdig op de markt te krijgen, geen boodschap heeft aan die maatregel. Zonder overuren kan dit simpelweg niet ontwikkelen. Overuren verbieden of streng reglementeren weerhoudt bedrijven ervan om op een flexibele manier te reageren. En radicale ingrepen zoals de 35- of 32-urenweek zijn volgens mij helemaal uit den boze.

Wat vindt u dan van het initiatief van minister van Economie Eric Van Rompuy (CVP) om durfkapitaal te stimuleren met een overheidswaarborg ?

Sommige collega’s hebben daar een andere mening over, maar ik vind dat absolute onzin. Op die wijze stimuleer je het onredelijke risico en trek je avonturiers aan zowel aan de kant van het bedrijfsleven als aan de kant van de financiers. Voor projecten die zeer goed lopen, zal uiteraard geen garantie worden aangevraagd. Maar twijfelachtige of dubieuze projecten, waarin een investeerder normalerwijs geen geld zou stoppen, zullen in de pot met overheidsgaranties belanden.

Is de Gimv dan geen mooi voorbeeld van hoe durfkapitaalfinanciering met overheidswaarborg kan werken ?

Neen, want de Gimv baseert zijn investeringsbeslissingen op criteria die ook bij een privaat investeringsfonds gelden. En die strategie heeft haar geen windeieren gelegd.

De Gimv investeerde in bedrijven die door private fondsen als te risicovol opzij werden geschoven : denk maar aan Lernout & Hauspie Speech Products (LHSP).

Alle professionele fondsen hebben het op een bepaald moment moeilijk gehad met LHSP ook wij. Advent heeft tot driemaal toe neen gezegd op een voorstel tot participatie in het Ieperse spraaktechnologiebedrijf. ( Wrange glimlach.) U kan zich inbeelden hoe we ons dat achteraf beklaagd hebben. De beslissing om niet in LHSP te stappen, was een professionele keuze die nadien foutief bleek te zijn. In de VS is er nu een tendens om toch in zeer speculatieve bedrijven te investeren, omdat industriële specialisten er veel beter het risico kunnen inschatten. Soms slaagt een bedrijf er zelfs in om zijn aandelen op de beurs te verkopen, alhoewel de idee waarmee het investeerders aantrekt zeer speculatief is. Nadien wordt het beursgeld dan aangewend om dit idee meer vorm te geven. Dat is een zeer vreemd fenomeen, dat je hier in Europa nog nauwelijks aantreft. Het heeft volgens mij ook veel te maken met de beschikbaarheid van managementtalent. Een investeerder in de VS, die in een vroegtijdig stadium in een bedrijf stapt, plaatst een ervaren manager aan het hoofd van dit bedrijf om zijn kansen op succes te verhogen.

Is er in België voldoende managementtalent om groeibedrijven te begeleiden ?

Neen. Te weinig managers uit grote bedrijven zetten de stap naar jonge groeiers. De vraag is : hoe motiveer je hen om dat te doen ? Ik denk dat aandelenopties daarin een belangrijke rol kunnen spelen. Een ervaren manager die mee aan de kar gaat trekken van een jong groeibedrijf, moet deels eigenaar kunnen worden van dat bedrijf. Meer zelfs. Er moeten mogelijkheden gecreëerd worden voor flexibele verloning. In de VS is het niet ongebruikelijk dat de manager van een startbedrijf in moeilijkheden voorstelt om een deel van zijn loon níet uit te betalen maar om te zetten in aandelen. Dit lijkt me een fair principe. Zo is hij des te meer gemotiveerd om de zaak recht te trekken. Maar in België is de wetgeving daar totaal niet voor aangepast. Integendeel. Pas wanneer het goed gaat met het bedrijf, komt de overheid in actie om haar deel van de winst op te eisen.

Dreigt er nu niet een overaanbod aan spelers op de markt van het Belgische durfkapitaal ?

Niet zozeer. Ik zie wel een ander gevaar opduiken. De banken hebben geproefd van de royale commissies die ze kunnen opstrijken met het naar de beurs brengen van bedrijven. Ze zijn er allemaal als de kippen bij om zoveel mogelijk deals af te sluiten en nemen hierbij grote risico’s. We bewandelen hier een gevaarlijk pad. Ik begrijp ook niet zo goed hoe een bank enerzijds miljoenen frank kan lenen aan een bedrijf en dan anderzijds ditzelfde bedrijf naar de beurs kan brengen. Wie dat doet, verkoopt in feite zijn kredieten. Daarvoor zouden strengere regels moeten gelden.

PIET DEPUYDT

PAUL DE VRÉE (ADVENT) Te weinig managers uit grote bedrijven zetten de stap naar jonge groeibedrijven.

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier

Partner Content